terug  begin  verderprepost
[p. 57]

LVII Utinam sic semper*I, 57

 


OCH of God dese landen wilde beghenadigen datse niet meer (of ten minsten in een langhe tijd) in de oorloghe en vervielen, soo soude de Huysman met ruste zijn Acker bouwen en Koeyen melcken; de Borgher soude met vrede zijn neeringhe doen: Ende de arme Ghemeente* allenskens van sware lasten en impositien* ontlast worden.

Och oft soo altijdt mocht blyven.



illustratie


I, 57Utinam sic semper = Och, mocht het altijd zo blijven.
Ghemeente = burgery.
Impositien = belastingen.
Of dit onder het Twaalfjarig bestand geschreven is?
prepostterug  begin  verder