terug  begin  verderprepost
[p. 74]

XIII Weest dat ghy zijt*II, 13

 


IN dese Landen wordt de Wl ghereeckent voor een schandt Voghel, en wie voor een Wl ghescholden wordt, neemtet in euvelen* moet, daer nochtans* de wyse Atheniensers een Wl in haer Wapen voerden, als de Goddinne Palladi toegheeyghent*: Dus ist de waen die ons quetst, en niet het wesen. Een Wl is een eerlijcke Voghel onder zijn gheslachte, ghelijck een Valck onder de Valcken. Daerom, wilde elck gheacht wesen voor 'tgeen dat hy is, soo souder minder twist zijn in alle staten, en bysonder onder de Hofsghesinden* ende Courtisanen*. Dan alsoo elck wil gheacht zijn voor 'tgheen hy niet en is, daerom wordt hy dickwils dat hy niet begheert te wesen.




illustratie


II, 13In euvelen moet nemen = euvel opnemen.
Daer nochtans = terwijl nochtans.
Toegheeyghent = gewijd.
Hofsghesinden = hofdienaren.
Courtisanen = hovelingen.
Voor het opschrift vgl. Brabbeling, Q. I, 4 vs. 15 ‘En wesen dat ghij zijt bij alle menschen’.
prepostterug  begin  verder