terug  begin  verderprepost
[p. 90]

XXIX Pulchrum quod utile*II, 29

 


GHEEN dingh is schoonder, dan dat de mensche meest nut is, tot onderhoudt van zijn staet, tot dienste van zijn vrienden, en tot bescherminghe van zijn Vaderland: dus zijn dan (al schijntet een Paradoxon) de dunne schranckele* beenen van het Hart veel meer te prysen, als de pronckighe pralighe opstaende hoornen, die hem nerghens toe nut en zijn: want hy heeft de moet niet (ghelijck als andere hoorn beesten) zijn vyandt daer mede van hem te weeren. Siet hier ghy Proncker en Ioncker by der straten, waer toe dient u de hovaerdy, dan om u goet te verteeren ende te verminderen, en veracht te blyven by de manhaftighe mannen, die het Vaderlandt met haer bloedt verdedighen.




illustratie


II, 29Pulchrum quod utile = schoon is, wat nuttig is.
Schrankel = teer, onvast.
Deze en de voorgaande sinnepop vormen de bestanddelen van de fabel van het zich spiegelende hert, dat zijn horens prijst en zijn poten veracht, maar met zijn horens blijft steken als de jager komt. Zie Warachtighe Fabulen p. 122, waaraan ook de afbeelding bij de voorgaande sinnepop ontleend is. Hetzelfde gegeven komt ook voor in Nic. Reusner, Emblemata. Francoforti, 1581. p. 83.
prepostterug  begin  verder