Sinnepoppen


auteur: Roemer Visscher


editeur: L. Brummel


bron: Roemer Visscher, Sinnepoppen (ed. L. Brummel). Martinus Nijhoff, Den Haag 1949  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 163]

XLI Non odit tamenIII, 41

 


DIT is een troostelijck besluyt* en opmerckinghe* van alle goede benaude herten, die haer op den Heere vertrouwen, sekerlijck houdende*, dat al wat God den boosen toelaet, om over henluyden te tyranniseren, dattet altemael geschiet tot haren besten, afsnoeyende met het mes van tribulatie*, al de overighe tacken van quade lusten, die de rancken van deughden het sap en voetsel ontrecken souden: met dit woort Non odit tamen. Dat is: Nochtans haet hyse niet. Anders wortter wel by gheset: sic quos diligo. Dat is: Alsoo; die ick liefhebbe ofte beminne.




illustratie