auteur: Joost van den Vondel
editeur: Leo Simons, C.R. de Klerk, J. Prinsen J.Lzn, H.W.E. Moller, B.H. Molkenboer, J.F.M. Sterck, L.C. Michels, C.G.N. de Vooys, C.C. van de Graft en A.A. Verdenius
bron:
J.F.M. Sterck, H.W.E. Moller, C.G.N. de Vooys, C.R. de Klerk, B.H. Molkenboer, J. Prinsen J.Lzn., L. Simons, C.C. van de Graft, L.C. Michels en A.A. Verdenius (eds), De werken van Vondel. Vijfde deel 1645-1656. De Maatschappij voor goede en goedkoope lectuur, Amsterdam 1931
verantwoording
inhoudsopgave
doorzoek de hele tekst
downloads

|
|
| |
Op d'afbeeldinge van Johanna Gray Koningin van Engelandt.aant.*
d'Onnoosle GRAY door dwangh gekroont vs. 1
Wert om haer Gods-dienst niet verschoont. 2
De tongh van vleyers vinnigh treft, 3
Die zich te vry op gunst verheft. 4
5
Mariaes erf-recht dringt het deur. 5
In Engelandt gelt kracht, noch keur. 6
|
*Van of vóór 1653. Afgedrukt volgens de tekst in Verscheyde Nederduytsche Gedichten II, 1653, blz. 221.
Johanna Gray, 1537-54, de Protestante kleindochter van een zuster van Hendrik VIII, was door Eduard VI, met voorbijgaan van zijn zusters Maria en Elisabeth, tot opvolgster benoemd, op aansporing van Johanna's schoonvader, de Hertog van Northumberland. Tegen haar zin op 10 Julie 1553 als Koningin uitgeroepen, werd zij op bevel van Maria Tudor gevangen gezet, en op 12 Febr. 1554 onthoofd.
vs. 1Onnoosle: onschuldige.
2Wegens haar godsdienst viel zij als slachtoffer.
3vleyers: de aanhangers van Joh. Gray, die haar overhaalden om de kroon te aanvaarden.
4Die met te vast vertrouwen rekent op hun genegenheid, hun aanhankelikheid.
5dringt het deur: krijgt de overhand?
6De laatste regel is onduidelik, gelijk trouwens het gehele bijschrift. Van Lennep onderstelde reeds dat het een vertaling uit het Latijn zou zijn.
|
|