Hoord' onder 't groot geschut in Nassaus Leger dond'ren.1-2
Een die voor 't Vaderlandt te sterven was bereyt:
Wierd haetelyck vervolcht, en 't vrye Landt ontseyt.2-4
I.V. Vondel.
[p. 299]
*Van? - Afgedrukt naar de tekst onder de gravure, gereproduceerd op de volgende bladzij. Deze prent naar de schilderij van M. Miereveld is blijkens de inhoud van 't onderschrift zelf van 1644 of later, in geen geval echter is dit later dan 1659, want dan komt het voor in de Bloemkrans van Verscheide Gedichten, blz. 28. Misleid o.a. door vroegere prenten naar Miereveld's schilderij (zie zoo'n gravure afgebeeld bij Unger-Van Lennep, dl. 30 blz. 407), hebben vroegere Vondel-uitgevers het gedichtje gesteld op 1625 of daaromtrent. Wij zouden 't gedichtje afgedrukt hebben in ons dl. 5, wanneer we toen reeds de prent met de tekst hadden gevonden.
1-2Uytenbogaert was veldprediker bij Prins Maurits en volgde dezen te velde.
2-4De schrijfwijze van de graveur Vader-Landt en Vrye-Landt verbeterden we.