terug  begin  verder

Nootweer Tegens den inbreuck van Turckyen.aant.*

Virgilius.
Arma, viri, ferte arma: vocat lux ultima, victos.

 
Toen Chinaes rijxmuur open lagh1
 
Borst 's Tarters heir verwoet
 
Ten rijcke in, zonder stoot en slagh,2-3
 
Gelijck een weereltvloet.
5
De vorst van 't Indiaensche Euroop5
 
Verraên van inheemsch zaet,6
 
En overrompelt, zonder hoop,
 
In dien benauden staet,8
 
Verhing zich zelven op den troon,
10
  Aen eenen zijden strick.1-10
 
Aldus streeck Chams gebroet die kroon,11
[p. 394]
 
In eenen oogenblick:
 
Noch spiegelt Christenrijck zich niet;13
 
Is 't zulck een' titel waert14
15
Te draegen, daer, tot Godts verdriet,
 
Men d'eer van 't kruis niet spaert,
 
En, in het nijpen van den noot,
 
Godt laeft met gal en eeck.18
 
De kruisgrens leght gesloopt en bloot,19
20
  En ziet verbaest en bleeck.20
 
Out Kreten, eer door hondert steên
 
Ten hemel toe vermaert,21-22
 
Wort vast de hartaêr afgesneên:23
 
De Donau onbewaert
25
Roept hulp, verdaeght een' Scanderbeg,24-25
 
Een' anderen Martel,26
 
Die 't Sarazijnsch gewelt ontzegg',27
 
En heenstier' naer de hel:
 
Maer d'ooren zijn gestopt en doof.
30
  Inheemsche staetreên wet30
 
Het zwaert, en geeft het ongeloof,
 
Den vloeck van Mahomet32
 
Het velt gewonnen. kan men dit
 
Verdaedigen? zy staen
35
Verstockt, hoe droef de grenswacht bidt,34-35
 
En schreit: de Turck treckt aen.
 
Indien Byzansse, dus gesterckt,37
 
Europe voort afloop'38
 
Met een gedruisch, en op zijn merckt
[p. 395]
40
  's Volx overschot verkoop',40
 
Gelijck het vee, dat deerlijck blaet,
 
Dan zal men ommezien,42
 
En smeecken al te spade om raet.
 
Wie kan die plaegh ontvliên?44
 
 
 
J. V. Vondel.

t'Amsterdam, voor de weduwe van Abraham de Wees, op den Middeldam. 1661.

*Van 1661. - Volgens de tekst van de afzonderlike uitgave in plano (Unger no. 633). Het motto, ontleend aan Aeneïs II, 667; betekent: ‘Grijpt naar de wapenen, mannen; het is de jongste dag voor de overwonnenen.’
Opschrift: inbreuck: inval.
1rijxmuur: de bekende Grote Muur, tegen de barbaarse stammen opgericht.
2-3Borst ten rycke in: deed een inval in het rijk.
5't Indiaensche Euroop: hiermee moet China bedoeld zijn.
6van inheemsch zaet: door een eigen landgenoot.
8staet: toestand.
1-10Zinspeling op de gebeurtenissen van China in 1644. Een Chinees generaal haalde toen de Tartaren binnen, die keizer Tsung-Ching (Zungchin in Vondel's treurspel) in zijn hoofdstad belegerden. Nadat verraderlike hofbeambten de stadspoorten hadden geopend, hing de keizer zich op.
11streeck die kroon: haalde omlaag, bemachtigde de kroon; Chams gebroet: de afstammelingen van Cham, Noach's vervloekte zoon.
13spiegelt zich niet: ziet daarin geen afschrikwekkend voorbeeld.
14zulck een titel: nl. de erenaam van Christen.
18God opnieuw kruisigt.
19De kruisgrens: de grens van de Christenrijken; leght: ligt.
20verbaest: ontsteld.
21-22door hondert steên vermaert: zie hiervóór blz. 252. Kreta had bij zijn opstand tegen Venetië de Turken te hulp geroepen, waardoor in 1645 opnieuw de krijg ontbrandde tussen Venetië en Turkije om het bezit van Kreta, dat in 1669 door de Turken veroverd werd.
23vast: intussen.
24-25onbewaert: onbeschermd; verdaeght: roept op, roept te hulp. - Nadat tijdens de minderjarigheid van Sultan Mohammed IV Mohammed Kuprili als grootvizier te Constantinopel de macht in handen had gekregen (1656), zette hij in 1657 George Rakoczy II als vorst van Zevenburgen af, waarna dit land een Turkse vazalstaat werd. - Scanderbeg: George Castriota (1403-1468), de nationale held van Albanië. Op zijn elfde jaar zonden de Turken, nadat zij bezit van Albanië genomen hadden, hem als gijzelaar naar Constantinopel, waar hij als een Muslim werd opgevoed en de Turkse naam van Iskander (Alexander) kreeg met de titel van bey, door zijn landslieden afgekort tot Skanderbeg. Aanvankelik streed hij voor de Turken tegen de Venetianen, maar toen hij hoorde dat Albanië tegen Turkije was opgestaan, koos hij de zijde van zijn geboorteland, dat hij echter, ondanks zijn heldenmoed, niet heeft kunnen redden.
26Een' anderen Martel: een tweede Karel Martel. Deze Frankiese vorst had in 732 de Saracenen bij Tours teruggedreven.
27ontzegg': de oorlog verklare, bestrijde (Ned. Wdb. X, 2057).
30Inheemsche staetreên: binnenlandse politieke beweegreden (reên = enkelvoud).
32Den vloeck van Mahomet: de Mohammedaanse schurken.
34-35Verdaedigen: bij V. gewoon naast verdedigen; zy staen verstockt: de Christelike machthebbers geven geen gehoor (vgl. vs. 29).
37Byzansse: de Turken.
38voort afloop': verder plunderend zal binnendringen (Ned. Wdb. I, 1176).
40's Volx overschot: het volk, voorzover het niet uitgemoord is.
42ommezien: behoedzaam worden, op zijn hoede zijn.
44plaegh: ramp.
terug  begin  verder