terug  begin  verder
[p. 174]

De gezegende Adelaer
Van Leopoldusaant.*

By den Raäbstroom.

Victor ab Aurorae populis, & littore rubro.

 
Nu blijckt het klaer hoe 't hoogh beleit,vs. 1
 
Veel meer dan 's menschen brein kan vatten,
 
Der dwingelanden onbescheit3
 
Belet in 't woeden uit te spatten:4
5
  Want toen de Turcksche Rijxvizier,
 
Door zijnen menschenroof in Meeren6
 
Gemoedight, zwoer met zwaert en vier7
 
Den Roomschen Adelaer de veêren
 
Te korten, in zijn volle vlught,
10
Dat die, als stof, voor wint verstoven,10
 
Bestont hy trots, uit blinde zucht,11
 
[Wat durf verwaentheit zich beloven!]12
 
Oock tegens alle krijghsgebruick,
 
Langs eene brug van leêr en koorden,
15
  Te rucken over borst en buick15
 
Des Raäbstroomis, daer langs de boorden
 
Het gantsche kruisheir hem verwacht.17
 
Noch wint hy echter d'overzyde,18
 
En sloopt de heirwacht, die met kracht
20
Dien beer den overtoght benyde.20
[p. 175]
 
Hier blixemt Oostenrijck naer toe,21
 
Doch moet geperst wel tweewerf wijcken,22
 
En na zes uuren, worstlens moe,
 
Staet in beraet het kruis te strijcken24
25
  Uit noot voor Achmets halve maen:
 
Maer * Raimont, van Gods hant gesteven,26
 
Vermaentze tegens dien orkaen
 
Door kling en kogel aen te streven.28
 
Hy draeftze zelf in 't harnas voor,
30
Op 't zeste paert, en rept de handen.30
 
Hy moedightze, op zijn bloedigh spoor,31
 
Op Godts erfvyandt los te branden.
 
De regementen volgen hem,
 
Met nedervellen en met sloopen.
35
  Trompet noch trom verdooft zijn stem.
 
Zoo wint men door den drang een open,36
 
En jaeght den vyant in den stroom,
 
Wiens keel, gestopt van doode vloecken38
 
En levenden, nu los van toom,39
40
Uit noot een andre kil loopt zoecken.40
 
Zoo bruischt Ianitzer, en Spahy,
 
En Tarter, en Albaner heenen,41-42
 
Komorre en zijne vest voorby,43
 
Den Donau af, tot vreught van Weenen,
45
  Daer Leopoldus juicht en leeft,
 
Nu d'opperste den Roomschen koning
 
Zoo zegenrijck gehanthaeft heeft,
 
Op 't jaergetyde van zijn krooning.48
 
 
 
J.V. Vondel.
*Van 1664. - Volgens de tekst van de afzonderlike uitgave in plano (Unger no. 675). Het motto, ontleend aan Aeneïs VIII, 686, betekent: ‘Overwinnaar der volken van het Oosten en van het rode strand’.
Opschrift: In 1662 waren de Turken onder aanvoering van de rijksvizier Achmed Köprili in Hongarije gevallen, dat zij verwoestten, evenals Moravië en Silezië, terwijl zij 80.000 Christenslaven meevoerden. Door de hulp die Keizer Leopold I (1657-1705), sinds 1655 koning van Hongarije, in 1663 van de Duitse vorsten, Zweden, Frankrijk en de Italiaanse staten kreeg, gelukte het de keizerlike Veldheer Montecuculi de Turken 1 Aug. 1664 bij het klooster St. Gothard aan de Raab te verslaan. Dit was de eerste grote nederlaag der Turken.
vs. 1't hoogh beleit: het goddelik bestuur.
3onbescheit: overmoed, vermetelheid (Ned. Wdb. X, 1034).
4uit te spatten: de perken te buiten te gaan.
6Meeren: Moravië.
7Gemoedight: aangemoedigd.
10Dat: zodat.
11Bestont: ondernam; zucht: heerszucht.
12durf: durft; verwaentheit: overmoed; zich beloven: behagen scheppen in (Ned. Wdb. II, 1748, nog Zuid-Nederlands; oorspr. met genitief).
15over borst en buick: over de brede oppervlakte. Voor deze betekenis geeft het Ned. Wdb. (III, 1745) slechts één plaats, uit Antonides.
17kruisheir: leger der Christenen.
18Noch: toch; wint: bereikt.
20beer: spotnaam voor de Turk, vroeger door Vondel voor de Zweden gebruikt (deel 8, blz. 650); benyde: niet gunde.
21blixemt: rukt bliksemsnel.
22geperst: in het nauw gebracht.
24te strijcken: oorspr. scheepsterm: de vlag neerhalen, als teken van minderheid, dus: zich gewonnen geven. Voor kruis vgl. kruisheir in vs. 17.
*[Randschrift:] Graef van Montecuculi 's keysers veltheer.
26gesteven van: gesterkt door.
28aen te streven: op te rukken.
30Op 't zeste paert: nadat hij vijfmaal van paard had moeten verwisselen.
31moedight: vgl. vs. 7.
36drang: drom; een open: een opening.
38Wiens keel: de personificatie van rivieren was in toenmalige dichtertaal gewoon (vgl. ook vs. 15); van: door; vloeken: (scheldwoord), vervloekte schepsels.
39los van toom: in wilde vlucht.
40kil: bedding.
41-42bruischt... heenen: wordt door het bruisende water meegesleept; Janitzer: Janitsaar, het Turkse voetvolk; Spahy: de Turkse ruiterij; Tarter, zie deel 8, blz. 642; Albaner: de Albanees, die toen de kern van het Turkse leger vormde.
43Komorre en zyne vest: de vestingstad Komorn aan de Donau.
48jaergetyde: jaardag. Leopold, 18 Juli 1658 tot keizer gekozen (zie deel 8, blz. 641), is dus blijkbaar op 1 Augustus gekroond.
terug  begin  verder