Gedachtenis van Desideer Erasmus *, Rotterdammer.
- Aan den Heer Peter Schryver *.
-
- O hooghgeleerde Schrijver,
- Wat quist ge tijt en yver,
- Om op te doen
* 't geen
levendigh gelijkt
- Den grooten Desideer, die niemand wijkt.
- 5
- Hou op van printeziften *,
- Een stapel wijze schriften
- Is d' afdruk van den helt, die eeuwigh leeft,
- En d' aertboôm met de pen verovert heeft.
- Zijn pen dreef voor zich heene,
[p. 4]
-
- +
- 10
- Uit Rome en uit Athene
- 't Barbarisch heir, een' schandelijken hoop,
- En oneer van den Kristelijken doop;
- De Zieletyrannyen,
- Met Gierigheits Harpyen
*,
- 15
- Den woesten Krijgh, de Plompheit, dom en doof,
- De Gulzigheit, en 't blinde Bygeloof.
- Zijn hant die gaf de mate
- Aen * beiderleyen state,
- Aen 't weereltlijk en ook aen 't geestlijk hof:
- 20
- Zy hief de nutte kunsten uit het stof.
- De doode graven hooren,
- Dat Cicero, herboren
- Tot onverzierden
* roem van Maes en Rijn,
- Den Tyber leert zijn lang verleert Latijn.
- 25
- Wat jongen en wat ouden
- Zijn niet in hem gehouden
*!
- Een bron van wijsheit vloeit uit zijnen mont,
- Den gouden tolk van 't heiligh Nieu Verbont.
- De lang bewolkte waerheit
- 30
- Herschept haer oude klaerheit,
- Na roestige
* eeuwen, uit dit Hollantsch Licht.
- De Doling krijght een schaemroot aengezicht.
- Zijn ziele walght van 't werren.
- Zy kiest geen' dop voor kerren
*.
- 35
- Al wat zy op den vasten grontsteen bouwt,
- Is dier gesteent, fijn zilver, en root gout.
- Hy sticht vervalle steden
- Door Godtgeleerde zeden,
- En tempering van wetten, glad hersmeet
- 40
- Met zijne tong, die diamanten kneet.
- Om pais is al zijn bidden.
- Voorzichtigh houdt hy 't midden,
- En staarooght
* op 't Apostolijk
* gesternt.
|
+ 42-43: gestarnt: barnt.
|
[p. 5]
-
- +
- Daer hier Charybd, en ginder Scylle
* bernt.
- 45
- De Roomsche myterkroone
- Haer' allerliefsten zoone
- Erasmus stadigh met ontvouwen * schoot,
- Miltdadigh tot d' eerwaerdighste ampten noot.
- Gekroonde hoofden wenken
*
- 50
- Zijn gunst door hun geschenken
- En tittels; maer zijn veder even vry
- Om Kristus wraekt gehuurde slaverny.
- Geen baetzucht maekt hem eigen
*,
- Ook zwicht hy voor geen dreigen;
- 55
- En die zijn kruis omhelzende eere vlught,
- Vervult met eere d' ongemete
* lucht.
- De redelijksten zoeken
- Zijn schaduw in zijn boeken,
- Waerop de harteknaegster Haet
* en
Nijt
- 60
- Belachelijk haer stompe tanden slijt.
- Al is de Rotterdammer
- Verlost van 't Kristenjammer,
- Zijn troostleer wischt nog veele tranen af.
- Godt zegene en bedauw zijn zaligh graf.
|
+ 49 koppen. 50 gunste door g. 55 omhelsend. 64 De seger Gods b.
|