terug  begin  verderprepost

De melktandjes van Tillemans

Het enige concrete politieke probleem dat Vlaanderen oplossen moet, is het Vlaamse probleem: hoe een autonome vorm van bevrijdingspolitiek uit de economisch-sociale overheersing bereikt kan worden zonder te vallen in de kuil van folkloristisch-fascistoïde nationalisering. De enige auteur die zich hiermee in proza (De Verwondering), toneel (Tand om Tand) en poëzie (Vlaamse Suite) bezig heeft gehouden, is Hugo Claus.

Tand om Tand werd in 1967 in opdracht van het Théâtre National geschreven; ik herinner me dit vrij goed, omdat ik toen de Franse vertaling maakte. Het Théâtre National raakte in paniek, en de Raad van Beheer besloot om zulk ‘affront aan de Vlamingen’ maar niet in het Frans te creëren.

[p. 59]

Later nam een moedig lid van een Guldensporenslagcomité contact op met Claus, maar de rest van het comité vond het niets voor een opvoering. De k.n.s. (Antwerpen) zou het dan brengen, maar Van Kerkhoven deed de repetities stopzetten. Walter Tillemans, regisseur, dreigde toen met ontslag als représaille tegen dit besluit van zijn directeur. Tenslotte is Tand om Tand toch in première gegaan, in de k.v.s. te Brussel, op 4 maart 1970 en in regie van Tillemans.

Het stuk zou volgens het script moeten aanvangen bij de intrede van de bezoekers in de schouwburg: geüniformeerde knapen zaaien een begin van paniek door de binnenkomenden op irritante wijze te behandelen: maar wie bij de première binnenkwam, zag links al zo'n in geel uniform gestoken jongen tegen een paal aanhangen, zijn meisje lieve woordjes toefluisteren. Toen wist ik al wel hoe laat het was of worden ging, althans dat dacht ik, maar de eigenlijke opvoering was nog honderdmaal slechter dan ik had gevreesd. Ik had continu de indruk in een patronagezaal te zitten, waar een stuk vermoord werd door incapabelen, talentlozen, sufferds, enz., en dit in een regie die er geen was, met haken-en-ogen overgangen en decorroelementen.

Het stuk zelf wisselt voortdurend van taalniveau: agressief, vulgair, lyrisch, teder, eenvoudig, volks, subtiel - maar de acteurs en actrices hadden dit niet begrepen. Hubert Damen deed erg zijn best als Tijl, Erik Maes was voortreffelijk als Vlaamse groepsleider, Alex Cassiers was de geknipte figuur voor de hippe bisschop, Mark Bober was soms erg authentiek als voogd van Vlaanderen, en ook de tv.-figuren deden het. Verder was het één slachtveld van onkunde.

Er is bijvoorbeeld een troepje jongens en meisjes dat

[p. 60]

rond de zanger Tijl hangt en verondersteld wordt een complexloze, dansende en vrijende bende voor te stellen. Op de jongens heb ik niet zo goed gelet, maar driemaal amaai voor de meisjes, die een prima voorbeeld gaven van wat Brel bedoelt met ‘Les flamandes’. Tussen hen fungeerde alleen Greta van Langendonck als iemand die niet beschaamd is dat ze een lijf heeft.

En dit alles was zo typisch Vlaams, zo typisch IJzerbedevaartgroepsgezang en gedans en gespreekstem en gebrul en gelal, dat er een curieuse discrepantie ontstond tussen de tekst van Claus en de uitvoering. Claus, die in een fictie vooropstelt dat het er over twintig jaar net uitziet zoals nu, alleen nog een tikje erger, had er zeker niet op gerekend dat de weinige figuren die in dit toneelstuk de vrijheid moeten belichamen, zo totaal in de klem zitten van de geparodieerde tematiek, dat die vrijheid helemaal niet overkomt. Het ergste was op dit terrein Janine Bischops, de Nele die het in een sexy scène beter had gevonden om onder haar panty een halve voetballersbroek aan te trekken, en de ontroerende wederwoorden (‘Als je goed luistert, kermt de grond.’) de zaal in te brullen, omdat ze tot verstaanbaar fluisteren niet in staat is.

De man die dit alles heeft toegelaten, is Tillemans, dè regisseur die ons volk politiek bewustzijn bij wil brengen, en die niet in staat is een acteur te doen begrijpen wat er in een rol staat, en het is Tillemans die verantwoordelijk moet worden gesteld voor deze tragische mislukking. Dat het anders kàn, bewezen de Hollanders in de opvoering van Reconstructie, 'n stuk dat nà Tand om Tand op nagenoeg dezelfde scènische principes werd opgebouwd, en dat opgevoerd werd zonder misverstanden, aarzelingen, hoewel de tekst van Mulisch en Claus nog veel hybrieder gesteld is rondom analoge politieke thema's.

prepostterug  begin  verder