|
|
|
| |
| | | |
Paprika's.

DE paprika, pimiento, peperone, poivron, sweet pepper, oftewel
pepervrucht, behoort, groen en rood en oranje als ze is, met de violette
aubergine, oftewel aardpeer, tot de buitenlandsche beesten in onze
groentewinkels en menigeen weet niet wat er mee te beginnen. Het zijn rare
vogels. Laten wij er dus iets mee beginnen.
De ware paprikavrucht is glad, straf en glanzend van huid als een waternimf; als
ze rimpeling wordt is haar tijd gedaan, en zij kan met Villon's belle heaulmière
klagen:
Qu'est devenu ce front poly....
Ruikt ge aan een jonge paprika, dan komt u een fijne peperige geur in den neus,
men zou zeggen iets van het Oosten. Evenwel ruikt een gebroken snijboon haast
| | | | even best; maar wie ter wereld ruikt er nog aan jonge
snijboonen?
Men hoeft de paprika dan ook niet te vreezen; het is geen Spaansche peper, maar
een milde peper, dat wil zeggen, dat ze een frisschen, malschen, lichtelijk
bitteren smaak heeft. Voor wie met haar weten om te gaan een onvergetelijken
smaak.
Haar gevaarlijke eigenschappen voor pepervreezende menschen zitten in haar hart.
Vandaar dat men steeds begint haar van dit hart te ontdoen. Om dit te doen moet
men echter zekere goede manieren respecteeren. Iedere paprika heeft namelijk
culinair gesproken drieërlei toekomst: men vult ze, men eet ze als groente, of
men maakt er een salade van. In het eerste geval bedenke men wel dat iets van
twee dimensies niet te vullen valt; de paprika in het platte vlak is de groente-
of saladepaprika.
Om paprika gevuld te eten heeft men ze in drie dimensies noodig. Men snijdt er
daartoe met een scherp mesje zeer schraal en nauwgezet den steel uit, en ontdoet
ze door deze opening behendig en grondig van de pitjes, - het hart dat den
scherpen smaak geeft. Men spaart de ribben zooveel mogelijk.
Of wel, men snijdt ze in de lengte door en spaart ribben en achtersteven eveneens
zooveel het gaat, want wij hebben hier een groen paprikadoosje noodig en geen
platte paprika.
Om zeker te zijn doet men dan ook nog beter slechts een groot vierde part uit de
vrucht te snijden.
Wil men groente- of salade-paprika, dan kan men het mes slordiger hanteeren.
Dit alles is koud werk. Thans komt het vuur in het spel. Om Paprika's van haar
glans en huid te ontdoen - het zijn vooral de grootere, waarbij dit gewenscht is
- kan men ze in zout water met een scheutje azijn koken; men kan ze beter even
roosteren in de olie, en men kan ze nog beter in een heeten oven leggen, en een
paar maal keeren.
| | | |
Gekookte paprika's zijn goed voor sla, in een kwartiertje, maar slap; snel in de
heete pan geroosterde paprika's zijn zoowel voor vulling als groente bruikbaar;
voor te vullen paprika's, voor salade èn groenten, is echter de oven het
verkieselijkst. De paprika komt uit een land van heeten steen.
Een heete oven, vuur van boven, bekwaam gehalveerde of aan den steel geopende
paprika's op het rooster, en in een minuut of vijf is de huid bruin gebladderd
en gebarsten; men haalt ze er af met een mesje, brandt zich de vinger en doet
het de tweede maal beter; de derde maal als de beste Spaansche of Italiaansche
dienstmeid.
Men kan zich bij kleine paprika's deze moeite besparen, het is overigens een
kwestie als bij tomaten, de schil zal u niet vergiftigen, maar ze geeft
geharrewar op het bord van uw gast. Het hóórt zonder huid, het is beleefder...
Ge hebt thans òf halfgare platte, òf halfgare driedimensionale paprika's. De
laatsten zullen de eersten zijn. Men kan ze vullen op vele manieren. In bonte
mengeling:
Op zijn Spaansch: Men maakt een vulling van fijngehakt gaar lamsvleesch of kip;
gaargesmoorde fijngehakte ui, broodkruim, kruiden, knoflook voor de verstandigen
en stoutmoedigen; men vult daarmee de ontsteelde en voorbereide heele pimientos
voorzichtig, besprenkelt ze met olie, en maakt ze in een kwartier, twintig
minuten in den oven gaar.
Ofwel, men neemt gehalveerde pimientos en stoffeert de helften met een vulling
van broodkruim, gehakte ansjovis, hardgekookt gehakt ei; men bestrooid ze met
gemalen kaas of overgiet ze met ietwat gekruide tomatensaus, en hanteert den
oven.
Deze vullingen zijn legio: een risotto, met al haar variaties; een weinig bijna
gaar gekookte rijst met tomaat of aubergine; een mengsel van spinazie met ui | | | | en kaas; een ragout van visch - men bedenke alleen, dat, wat de
vulling ook zijn moge, ze nog een kwartier oven voor den boeg heeft en dus noch
te droog, noch te gaar mag zijn; verder dat ze stevig gekruid moet wezen; ten
slotte, dat de pimiento een neiging heeft zwak te worden, zoodat men ze het best
mannetje aan mannetje in den vuurvasten schotel schikt.
Om pimientos als groentenschotel te maken, legt men in een vuurvasten schotel een
laagje kaassaus met wat in de boter gestoofde ui, daarop een laagje gare, platte
paprika, en zoo voorts, eindigend met een weinig van de saus. Bestrooi het met
wat kaas, boter, en laat het een korstje krijgen in den oven.
Ofwel: hak halfgare paprika's in grove stukken, doe ze op een pond met een ons
boter in de pan, voeg een anderhalven d.L. bouillon toe en stoof ze in een half
uur gaar. Ofwel, leg halfgare paprika's laag om laag met risotto in een
vuurvasten schotel, de bovenste laag paprika's, en maak daar met gemalen kaas en
paneermeel iets aardigs van.
Ten slotte, in dit genre een fijnere schotel: boter een vuurvaste pan in, leg er
eerst een laag gehalveerde gare selderijstronken in, daarop een laagje gare
stoofsla, daarop een laag pimiento, overgiet rijkelijk met gekruide tomatensaus,
gepeperd met wat paprikapoeder; bestrooi met kaas, boter, zet het in den oven,
en ge hebt na een kwartier een afzonderlijken gang, waardig een leemte in het
beste menu te vullen.
Al deze hoogere handgrepen nemen niet weg dat een simpele, goed in de boter of de
olie gestoofde paprika, rood of geel of groen, alreeds een uitstekende groente
is. Ook snijdt men ze vaak overdwars aan ringen en braadt of stooft ze een
laatste kwartier mee met vleesch of kip.
PAPPIKA wordt rauw, zeer fijn aan ringen gesneden, als salade
gegeten, gemengd met dungesneden tomaat, olie, azijn, etcaetera. Onze smaak is
echter eer ze vooraf gaar of halfgaar te maken.
| | | |
Een goede, fijnere salade is tevens: gehalveerde pimientos en aubergines in den
oven te roosteren of in de frituur te werpen, te ontvellen, fijn te snijden, te
laten bekoelen en met olie, azijn, zout en peper aan te maken.
Men mengt in Italië en Spanje de pimiento vaak rauw of halfgaar door de
kropsalade.
Gelijk men ziet: in menig land is de paprika zoo algemeen als de aardappel, er
valt dus van alles mee te doen. Het voornaamste om te weten is, dat men de
peperoni het best eerst even in den oven roostert. Wil men ze gevuld, dan zoo
handig gehanteerd, dat ze vulbaar blijven: ze zijn dan een goede schotel vooraf.
Als groentenschotel zijn ze ten onzent nagenoeg onbekend: haar toekomst wacht
haar. Als salade of tweede groente bij een stuk vleesch zijn ze een welkome
verrassing.
Als andere schotel, b.v. bij de lunch nog een recept uit Tunis: hak vier uien
fijn en stoof ze in olie, voeg evenveel tomaten toe, drie of vier pimientos, en
een Spaansch pepertje. Laat het sudderen tot het alles een puree is, vul daarmee
kleine vuurvaste casseroles, breek op ieder een ei, en zet het een halve minuut
in den oven tot het ei gestold is.
Als andere schotel bij groot vleesch: stoof zes gesneden pimientos met 100 gram
fijne ui, zout, en peper met paprikapoeder, doe er een fijngehakt partje
knoflook bij. Drie d.L. bouillon, een paar lepels tomatenpuree. Maak het
zachtjes gaar in een halfuur. Dien het op, bestrooid met peterselie.
Men kan ook wel eens géén appelmoes bij de kip eten, en géén Brusselsch lof bij
de runderrollade...
|
|
|