verantwoording
gebruikt exemplaar
Universiteitsbibliotheek Leiden, sign.: S. Ned. 25 3145
algemene opmerkingen
Dit bestand is, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een
diplomatische weergave van het Biographisch anthologisch en critisch
woordenboek der Nederduitsche dichters, vijfde deel, van P.G. Witsen
Geysbeek, uit 1824.
redactionele ingrepen
In een enkel geval is de eerste noot van een pagina, om afbreking van een woord te voorkomen, op de vorige pagina terechtgekomen, dit gaat om de eerste noot van p. 115, p. 124, p. 276 en p. 420.
p. V: ‘[Voorwoord]’ als kop toegevoegd
p. 14: k → 'k: ‘'k Mogt bij het onweêr zelfs, bij uwen donder zingen’
p. 220: an → van: ‘...tot onderaartsch gewin van Pluto, overlaat met d' omgebrachte zielen’
p. 249: het foutieve paginanummer 149 gecorrigeerd in 249
p. 382: bibloth. → biblioth. ‘J.F. Foppens,
Biblioth. Belg. Tom. I. p. 313.’
p. 424: IiI → III: ‘F. Sanderus De Gandavensib. Lib.
III, p. 97.’
p. 463-468: in de ‘Aanwijzing der Dichters en
Dichteressen’ zijn de paginanummers aangevuld, waar
streepjes staan in het origineel.
Bij de omzetting van het oorspronkelijke tekstverwerkingsbestand naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (p. II, IV) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.
[pagina ongenummerd (p. I)]
BIOGRAPHISCH ANTHOLOGISCH EN CRITISCH WOORDENBOEK DER NEDERDUITSCHE
DICHTERS.
[pagina ongenummerd (p. III)]
BIOGRAPHISCH ANTHOLOGISCH EN CRITISCH WOORDENBOEK DER NEDERDUITSCHE
DICHTERS.
Bijeen verzameld en uitgegeven door P.G. WITSEN GEYSBEEK.
- Gens semper Batavûm, nec inhospita Musis.
Hug. Grotius.
VIJFDE DEEL.
OGI-VER.
Te AMSTERDAM, bij C.L. SCHLEIJER. 1824.