geen rijmen gedacht zouden hebben. Dit zag men inzonderheid in
1747 en 1748. In de toen uitgegeven dichtbundels vindt men stukken op rijm van
deze juffer
1, die
blijken dragen dat ook het schoon geslacht zich met staatszaken bemoeit,
althans deze juffer gaf in theologico-politieke rijmen te kennen dat het haar
gansch niet onverschillig was hoe de zaken gingen.