Waarde Heer van Dishoeck.
Ik heb door tusschenkomst van d[en] H[eer] Herckenrath van U ‘In hooge Regionen’ van G. van Hulzen - een mooie uitgave - ontvangen.1 Aanvaard er mijn besten dank voor. Ik hoop in dit werk evenveel genoegen te vinden als in vroegere boeken van V. Hulzen,2 - dien ik persoonlijk ken en wiens adres ik door Uw bemiddeling gaarne vernam.
Ik hoop dat de gezondheid van Mevrouw van Dishoeck en die van Uw jongste dochtertje U gauw toelaten naar Vlaanderen te komen, en bied U intusschen de uitdrukking aan van mijn hartelijksten groet.3
Uw dw.
Karel van de Woestijne