terug  begin  verderprepost

37 Sint-Martens-Latem, eind mei/begin juni 1905

Waarde Heer,

Ik verhaast mij U op Uw daar-even ontvangen brief te antwoorden.

Op het honorarium van het boek heb ik nog niets gehad, maar wij hadden afgesproken dat gij het geld, dat ge me hebt verschoten voor de Veen-kwestie (42 frank,

[p. 42]



illustratie
Karel van de Woestijne, ca. 1904. (Collectie Archief en Museum voor het Vlaamse Cultuurleven, Antwerpen.)

[p. 43]

geloof ik)1 van het honorarium afhouden zoudt, zoodat er me nu nog 158 frank zou toekomen. 't Laatste wat U me stuurde (170 F ongeveer) was voor mijne groote bijdrage in de Mei-aflevering van ‘Vlaanderen’.

Ik heb de prospectus-kaart ontvangen. Dat is heel goed aldus.

U van harte dankend voor uwe hulpvaardigheid, en met mijne vriendelijke groeten

Uw dw. dr.

Karel van de Woestijne

1Dit moet zijn B.Frs. 47, zijnde de helft van B.Frs. 94. (Vgl. brief 27-29.)
prepostterug  begin  verder