terug  begin  verderprepost
[p. 53]

46 Sint-Martens-Latem, 4 november 1905

Waarde Heer.

Ik mocht tot op heden geen antwoord ontvangen op mijn brief van voor een week. Moet ik er uit opmaken en vreezen, dat U verkiest aan mijn verzoek geen gevolg te geven? Het zou me in werkelijke verlegenheid brengen. Zoo bid ik U me daar een woordje over te laten weten...

Van de boeken beleef ik een werkelijk genoegen: niets dan lof er over, - vooral over de uitvoering. Ik had hier gisteren Herckenrath, die me kwam vragen of het boek reeds verschenen was. Hij zei dat hij vijftien ex. besteld, maar nog niet ontvangen had, terwijl het bij de boekhandelaars reeds uitgestald lag. Is het waar dat hij die 15 ex. besteld heeft?

't Volgende nu handelt over ‘Vlaanderen’.1

1o Eerst wilde ik U verzoeken voortaan aan mij het pak ruil-tijdschriften en de recensie-boeken op te willen sturen. Ik gelast me dan ze verder naar de onderscheiden redacteurs, elk naar zijn bevoegdheid, op te zenden.

2o De voorraad kaarten voor weigering van kopij is uitgeput. U wilt wel zoo vriendelijk zijn er me nieuwe te sturen, waar 't adres van het secretariaat op veranderd weze (liefst in volgende woorden: ‘Secretariaat der Redactie: Karel van de Woestijne, Sinte Martens Laethem aan de Leie (Oost-Vl. - België)’).

3o Het zou hoogst-wenschelijk zijn, met het oog op het nieuw ‘Vlaamsch Overzicht’ dat we maandelijks plaatsen zullen, dat we meer boeken ter recensie van de uitgevers ontvingen.2 Al de interessante boeken zelf koopen is natuurlijk niet te doen. Ziehier dus wat we U willen vragen. Zoudt U zoo vriendelijk willen zijn kaartjes te laten drukken, formaat briefkaart, met langs de éene zijde: Bestelkaart voor Boekwerken, en langs de andere zijde volgende formule:

[p. 54]



illustratie

Die kaarten zouden ons van groot nut zijn. Mogen wij op Uwe bereidwilligheid rekenen? Dan zouden we durven aandringen op spoed, want wij wenschen er gebruik van te maken voor onze Januari-aflevering, die belooft, naar ik zie aan de brieven van toetreding (o.a. van L. van Deyssel), zeer interessant te wezen.3 Zal Teirlinck zorgen dat de noodige veranderingen op het omslag worden aangebracht?4 't Zou ook wel goed zijn, meen ik, dat omslag in eene andere kleur te maken, hel bruin, b.v. (de kleur van mijn band)... Maar daar is nog tijd voor.5

4o Nog dit, over het uitkeeren van het honorarium voor het maandelijksch ‘Vlaamsch Overzicht’. - Het zal heel dikwijls gebeuren dat twee, zelfs drie, bijdragen op éene bladzijde elkander volgen. Dan wordt het natuurlijk heel moeilijk vast te

[p. 55]

stellen wat aan elk meêwerker toekomt aan honorarium. Zoo stellen we U dan het volgende vóor, met de hoop dat het U moge gevallen. Iedere volle bldz. kleine tekst bevat 42 lijnen. In plaats nu van 4 frank zulke bladz. te betalen, zoudt U honoreeren aan 10 centiemen per lijn = aan 4,20 F. Citaten in den tekst zonden niet worden gehonoreerd, zoodat U de 0,20 F per bdz. te véél, daardoor inwinnen zoudt. - Dit komt ons de billijkste wijze van honoreeren voor dat ‘Vlaamsch Overzicht’ vóor. Laat ons weten, s.v.pl., of U er eenig bezwaar tegen hebt.6

5o Voor 't einde nu wilden we U nog vragen om welken datum nagenoeg ‘Cinematograaf II’ van G. van Hulzen verschijnt. Ziehier waarom. Gij weet dat v. Hulzen ons een stuk in druk-proeven liet geworden. De eerst volgende nummers zijn echter reeds bezet, zoodat het stuk op plaatsing zou moeten wachten... Wilt U zoo vriendelijk [zijn] ons hierover in te lichten?7

 

Ziedaar: mijne secretaris-plichten zijn voor heden volbracht. Ik verzeker U dat ik al wat te schrijven heb gehad! Maar het tijdschrift wordt er, hoop ik, te beter om...

Durf ik U om een spoedig antwoord vragen?

Intusschen verblijve ik met hoog-achting en beste groeten

Uw d.w. dienaar

Karel van de Woestijne

 

Sinte Martens Laethem, 4 Nov. 1905.

1Van de Woestijne volgde met ingang van januari 1906 August Vermeylen (en Herman Teirlinck) op als redactiesecretaris van Vlaanderen; hij had de functie in oktober 1905 aanvaard.
2De bedoelde maandelijkse rubriek kreeg uiteindelijk de titel ‘Leven en Kunst’.
3Naar een voorstel van Emmanuel de Bom werden Nederlandse auteurs uitgenodigd in Vlaanderen te schrijven over een Vlaams onderwerp. Van Deyssel zou aan het januarinummer meewerken. Verdere medewerking van Nederlandse auteurs bleef gering: slechts Jac. van Looy en Hein Boeken zouden een bijdrage leveren.
4Teirlinck ontwierp voor veel uitgaven van Van Dishoeck de bandtekening, zo ook die van Vlaanderen. De aan te brengen veranderingen betroffen de redactiesamenstelling: Alfred Hegenscheidt trad uit de redactie, Van de Woestijne en Victor de Meyere traden toe.
De ondertitel van Vlaanderen werd met ingang van januari 1906 gewijzigd van ‘Maandschrift voor Vlaamsche Letterkunde’ in ‘Algemeen Vlaamsch Maandschrift’.
5Het omslag van Vlaanderen had in 1905 een blauwe kleur met een zwarte belettering; in 1905 werd het omslag geel met zwarte belettering. (Zie ook afb. p. 79.)
6Een bladzijde tekst in de rubriek ‘Leven en Kunst’ zou 43 regels tellen. Voor de afdeling met scheppend werk (32 regels per volle bladzijde) zou het honorarium met ingang van december 1905 worden verlaagd van B.Frs. 5,25 tot B.Frs. 4 per bladzijde. (Vgl. echter brief 49.)
7De tweede bundel Cinematograaf. Trilbeelden van Gerard van Hulzen verscheen in juli 1906 met een bandversiering van Herman Teirlinck bij Van Dishoeck. Van geen van de verhalen in deze bundel verscheen in Vlaanderen een voorpublicatie. Van de Woestijne besprak de bundel in het septembernummer van 1906.
prepostterug  begin  verder