terug  begin  verderprepost

57 Sint-Martens-Latem, 3 februari 1906

Waarde Heer van Dishoeck,

Hierbij gaat het voor-werk, gelijk ik het mij voorstel, van ‘Janus met het dubbele voorhoofd’. Gij merkt, in de ‘tabel des inhouds’, hoe ik thans definitief de stukken schik.1

Naarmate de druk vordert kan ik de nog ontbrekende kopij leveren, en aldus verschijnen wij, met Uw goed-vinden, tegen den Zomer en vóor 't lezend publiek in vakantie gaat: een goed oogenblik, meen ik.

Met de hoop van uw antwoord op mijn brief van van morgen, blijf ik, met vriendelijkste groeten,

Uw genegen en d.w.

Karel van de Woestijne

 

3 Februari.

1Dit ontwerp voor het voorwerk van Janus met het dubbele voorhoofd is niet aangetroffen.
prepostterug  begin  verder