Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart


auteur: Betje Wolff en Aagje Deken


bron: Betje Wolff en Aagje Deken, Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart. Isaac van Cleef, Den Haag 1782  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 307]

Negen en zestigste brief.
Mejuffrouw Charlotte Rien du Tout aan den Heer Dirk Welgezint.

Ge-eerde heer en oom!

Toen ik laast by Oom was, was Oom zo driftig, om dat ik zei, dat ik gaarn van logement wilde veranderen; en 't is evenwel waar, Oom, dat ik het zo gaarn wou. Oom die vroeg myn naar de reden; maar die heb ik er niet voor; zo dat Oom wel denken kan, dat ik die niet geven kon aan Oom: Een menschen zin is een menschen leven, zeit het spreekwoord. Juffrouw de Weduwe doet my wél, dat moet ik zeggen; maar 't is myn nu al zo oud. Ik ben hier nu al ruim twee jaar; als Oom daar maar eens op blieft te letten, en ik ben evenwel ook geen kind meer, zou ik hopen. Ik weet wel, dat ik van Ooms goedheid afhang; maar 't is immers niet kwaad te keuren in een mensch, dat een mensch graag verandert. Myn groene taffen Sak zou ik ook graag tegen een andere verruilen; ik mag het ding niet meer aan myn lyf hebben, en ik ben evenwel Ooms Nicht, en dien ordentelyk gekleed te gaan, zo als Oom

[p. 308]

wel weet; want Oom is immers myn Moeders eige vleeschelyke Broeder, niet waar Oom? Maar het tocht hier zo vreeselyk in alle vertrekken, en daar van kryg ik zulke brakke zinkens op de kiezen; zo dat, Oom, geef uw toestemming: ik weet wel een ander huis, als Oom maar voor 't geld zorgt; en als ik om wat zakgeld mogt verzoeken, ik heb nu geen gulden meer in myn beursje; alles is duur, zo als Oom zelf zeit. Myn Compliment aan Tante. Ik ben,

 

oom!

UEd. Dienaresse en Nicht,

Charlotte Rien du Tout.

 

[De Uitgeefster heeft nodig gevonden, deezen Brief, als ook dien van Pieternel, van de taal- en schryffouten eenigzins te zuiveren, op dat men die zoude kunnen lezen.]