Veranderingen van maat zijn bij dit lied in het origineel opgegeven, hetgeen anders niet voorkomt. De voorteekening heb ik er bijgevoegd: zij ontbreekt alleen, omdat er toevallig geen bes resp. b voorkomt.
1539 Een deuoot en prof. nr. 78 geeft een verwante melodie. Nog nauwer verwant zijn de wijzen Ecclesiasticus 1565 nr. CXV ‘Ick heb ghedraghen wel seven jaar’ en Peter Schöffer II nr. 55 1537 (Erk-Böhme I 445) vgl. Schmeltzls Quodlibet 1544 (ib.). Als stemopgave bij Tonis Harmansz Amsterdam z.j., en Oud Haarlem Lb. 1716 als stemopgave bij het lied van den Majer en Vrieseman. De plysierige Amsterdamse Malie Baan z.j. 18de eeuw bl. 62 (Kalff Lied 733). Scheltema's vll-bll. bl. 1146 (ib. 732). Het lied leeft nog op het eiland Terschelling in den volksmond z. Jaap Kunst bl. 112. In de Boerenlietjes (na 1706) staat ‘daar voer een Boer om Hout’ met geheel andere wijs nr. 147.
Ook dit lied is, evenals het vorige, door S. Coster dramatisch bewerkt in de ‘Klucht van Teeuwis den Boer’ (Amsterdam 1627; S. Coster's Werken uitg. Dr. R.A. Kollewijn 1883 bl. 1-70 vgl. A.J. Luyt, Tijdschr. XXIX 1 vlgg.).