Skiplinks

  • Tekst
  • Verantwoording en downloads
  • Doorverwijzing en noten
DBNL Logo
DBNL Logo

Hoofdmenu

  • Literatuur & Taal
    • Auteurs
    • Beschikbare titels
    • Literatuur
    • Taal
    • Limburgse literatuur
    • Friese literatuur
    • Surinaamse literatuur
    • Zuid-Afrikaanse literatuur
  • Selecties
    • Onze kinderboeken
    • Basisbibliotheek
    • Tijdschriften/jaarboeken
    • Naslagwerken
    • E-books
    • Publiek Domein
    • Calendarium
    • Atlas
  • Gebruiksvoorwaarden
    • Hergebruik
    • Disclaimer
    • Informatie voor rechthebbenden
  • Over DBNL
    • Over DBNL
    • Contact
    • Veelgestelde vragen
    • Privacy
    • Toegankelijkheid
Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 4

  • Verantwoording
  • Inhoudsopgave

Downloads

PDF van tekst (2,67 MB)

Scans (16,27 MB)

XML (0,90 MB)

tekstbestand






Genre
proza
poëzie
sec - letterkunde
sec - taalkunde

Subgenre
tijdschrift / jaarboek


© zie Auteursrecht en gebruiksvoorwaarden.

 

Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 4

(1861)–C.P. Serrure, [tijdschrift] Vaderlandsch Museum

Vorige Volgende

Vaderlandsche anekdoten.

XIII. Generael Spinola en prins Maurits.

Tydens het bestand door Albert en Isabella, met toestemming des konings van Spanje, ter eene zyde, en de Vereenigde Nederlanden, ter andere, gesloten, en dat van 1609 tot 1621 voortduerde, at eens de spaensche generael Spinola aen de tafel van prins Maurits, en wees met de hand op eene schotel vol citroenen en oranjeappelen, zeggende, om Spanjes voortreffelijkheid boven die van andere landen te roemen: Deze vruchten hebben wy tweemael in 't jaer. Fluks greep prins Maurits eenen dicht by hem staenden kaes, en zeî: Deze vruchten hebben wy in Holland tweemael ieder dag.

 

S. de Vries, Groot Historisch Magazyn. Amst., 1688, in-8o, bl. 521. - Getrokken uit Fredericus Junius, Conviv. p. 91.

[p. 434]

XIV. Paschasius Justus.

Paschasius Justus, wiens naem eigenlijk Paschier Joostens zal geweest zijn, was een zeer verdienstelijk geneesheer, die te Eecloo in de eerste helft der zestiende eeuw ter wereld kwam. Hy maekte zich vooral beroemd door het verplegen der wonde aen Willem den Zwyger, te Antwerpen, door Jan Jauregui toegebracht; want terwijl de overige geneeskundigen buiten raed waren, was hy gelukkig genoeg om het bloed, dat uit de gekwetste aderen stroomde, te stutten.

Joostens, alhoewel een rondborstig en hupsch mensch, was een hardnekkige speler. Nadat hy gedurende twee derden van zijn leven gepoogd had zich zelven te bedwingen, besloot hy er toe zich openlijk te bestryden en tevens zyne tijdgenooten en het nageslacht tot nut te verstrekken. Hy schreef dus een boek, onder den titel van de Alea(1), waerin hy al de kwade gevolgen van het spel voor oogen legde. Hy begon zijn werk, maer ging toch voort met spelen; hy eindigde het, maer vond er toch geen heul by. ‘Alles mislukt my,’ riep hy uit, ‘maer God blijft my by!’ Zyne gebeden, zyne wenschen werden niet verhoord. Hy stierf, zooals gewoonlijk de spelers, ongelukkig, maer zonder zich gebeterd te hebben.

 

Dusaulx, De la passion du Jeu, depuis les temps anciens jusqu'à nos jours. Paris, 1779, in-8o, D. I, bl. 252. - (Dumonchaux), Anecdotes de médecine. (Paris), 1762, in-12o, bl. 240.

(1)
De Alea, sive de curanda ludendi in pecuniam cupiditate, libri duo. Basel, 1561, in-4o. - Een tweede druk verscheen te Frankfort, 1616, en een derde te Amsterdam by Lodewijk Elzevier, 1642, in-12o.

Vorige Volgende