Skiplinks

  • Tekst
  • Verantwoording en downloads
  • Doorverwijzing en noten
Logo DBNL Ga naar de homepage
Logo DBNL

Hoofdmenu

  • Literatuur & taal
    • Auteurs
    • Beschikbare titels
    • Literatuur
    • Taalkunde
    • Collectie Limburg
    • Collectie Friesland
    • Collectie Suriname
    • Collectie Zuid-Afrika
  • Selecties
    • Collectie jeugdliteratuur
    • Basisbibliotheek
    • Tijdschriften/jaarboeken
    • Naslagwerken
    • Collectie e-books
    • Collectie publiek domein
    • Calendarium
    • Atlas
  • Periode
    • Middeleeuwen
    • Periode 1550-1700
    • Achttiende eeuw
    • Negentiende eeuw
    • Twintigste eeuw
    • Eenentwintigste eeuw
De briefwisseling van P.C. Hooft. Deel 3 (1979)

Informatie terzijde

Titelpagina van De briefwisseling van P.C. Hooft. Deel 3
Afbeelding van De briefwisseling van P.C. Hooft. Deel 3Toon afbeelding van titelpagina van De briefwisseling van P.C. Hooft. Deel 3

  • Verantwoording
  • Inhoudsopgave

Downloads

PDF van tekst (8.21 MB)

XML (2.14 MB)

tekstbestand






Editeur

H.W. van Tricht



Genre

proza

Subgenre

non-fictie/brieven


© zie Auteursrecht en gebruiksvoorwaarden.

De briefwisseling van P.C. Hooft. Deel 3

(1979)–P.C. Hooft–rechtenstatus Auteursrechtelijk beschermd

Derde deel


Vorige Volgende
Regelnummers proza verbergen
[pagina 35]
[p. 35]

911 Aen den H. Karel Schotti, Ridder, Heere van ... Raedt ende Commis van de Domajnen ende Financien zijner M[-]

1Mijn' Heere.

2Welblijdelijk ontfing ik op eergister Uwer Ed. Ge[-] schrijven 3 van den 12en dezer; maer hoedde mij des luttel dat het mij zoo roodtGa naar eind3 4 een aenschijn zoud' aenjaeghen met de eere van dankzegging voor 5 't zejnden eener gifte, 't welk, als smaekende meer nae vermetelhejtGa naar eind5 6 dan nae plichtpleeghing, zijn geluk t'over bedanken moght, wen 'tGa naar eind6 7 maer verschoont en met vergiffen[-] begenaedight wierde. DatGa naar eind7 8 heusche aenbieden Uwer Ed. Gestr. van zoo mildt een' opening 9 haers hujs, opent mij 't hart, ende beweeght het om zijn' inwen-10dighste geneghenheden ujt te storten, ende te besteden aen 'tGa naar eind10 11 erkennen van zo onverdiendt een' gunste. Indien mijn lot emmer-12me[-] zoo goedt wierde, dat het ons gebeuren liete de eere van 13 Uwer Ed. Gestr. jeghenwoordighejt, voor eenen goeden tijdt 14 t'mijnen hujze te genieten, ik zoude mij nevens andren pijnen, teGa naar eind14 15 betoon[-] dat men hier lujden vindt, die de deughd, samt het 16 overvlieghen[-] vernuft, en hooghe begaeftheden van U. Ed.Ga naar eind16 17 gestr. weeten op haere wae[-] waerde te schatten, zonder zich van 18 zucht tot hunne parthij te laeten blinddoeken, oft verrukt te wordenGa naar eind18 19 van 't misverstandt, dat de Landtschappen in onmin houdt. Belan-Ga naar eind19 20 gende den H. Barlaeus; die is ontrent 15 daeghen ujt der stadt 21 geweest, ende eerst op eergister des avonds wedergekeert. Zonder 22 tijdt te verzujmen gink ik hem op gister goeds tijds vinden, metGa naar eind22 23 vertoogh van Uwer E[-] Gestr. schrijven ende alle redenenGa naar eind23 24 dienstigh om hem te drijven tot voldoening van Uwer Ed. gestr. 25 begeerte; waer toe ik hem wel genejght speure, maer in anxte, dat 26 zijn geest, noch niet ten volle ontslaekt van de quelling der laeste 27 ziekte, nochte wede[.]gekoomen tot zijn' voorighe rapshejt (agilitejtGa naar eind27 28 noemd'hij 't) swaerlij[.] van eenighe vrucht zal kunnen geleggen,Ga naar eind28 29 die zoo waerdigh een' stoffe, en zijn' achtbaerhejt betaemen zoude:Ga naar eind29 30 behalven dat de korthejt des tijds, en bekommering met andre 31 zaeken, die op zijner E. t'hujskoomst gewacht hebben, geen' 32 verejschte vrijhejt aen zijn gemoedt bewillighen,

Carmina proveniunt animo deducta sereno.Ga naar eind33

34Dit weet Uwe Ed. gestr.; ende ik zeker, dat hij zich daerop ont-Ga naar eind3435schuldight heeft van ijets te schrijven tot vermaering des laestenGa naar eind35 36 bedrijfs van Hartogh Bernard: hoe wel hem de vertrouwtste zijner 37 vrienden zulx aenverghde. Niettemin, ik heb aen zijn' E. gelaetenGa naar eind37

[pagina 36]
[p. 36]

38het gedenkenisken van U. Ed. Gestr. op hoope, oft hij nochGa naar eind38 39 eenighen goeden inval moghte krijghen. Zoo dit gebeurt ik en zal 40 niet faelen het bruiloftgedicht, is 't moghelijk, daetlijk te doen 41 drukken, ende toe te vejrdighen aen U. Ed. gestr. derwelke ik 't 42 opperste genoeghen in haer aenstaende huwlijk wensche, bevelen-43de, nae wel eerbiedighe handtkus, van heelen heeten harte, in haere 44 beste gunste,

45Mijn' Heere,

 

46Ujt Amsterdam, 19

47Apr. 1638.

46Uwer Ed.

47Onderdaensten toegedaensten

48dienaer

49P C Hóóft.

 

Karel Schotti, lid van de Raad van Financiën te Brussel, van wiens betrekkingen met Hooft verder niets blijkt, heeft hem verzocht, Barlaeus om een gedicht bij zijn huwelijk te vragen. Hooft heeft dat gedaan, maar bericht dat B. ziek geweest en nog nog niet erg op dreef is. In zijn Poemata staat geen gedicht op het huwelijk van K. Schotti.

[tekstkritische noot]Minuut UBA II C 11.923. - Afschr. UBL. Pap. 13.
Hs. enkel vel, de rechterkant afgesleten. Emendaties naar vVl.: r. 7 vergiffenis; r. 12 emmermeer; r. 15 betoonen; r. 16 -ghend; r. 17 waere; r. 23 Ed.; r. 27 wedergekoomen; r. 28 swaerlijk.
eind3
hoedde mij des luttel: was er weinig op verdacht.
eind5
't welk: welk zenden.
eind6
geluk: fortuin, lot.
eind7
verschoont enz.: het sturen is meer vermetel dan hoffelijk en H. mag blij zijn als het maar vergeven wordt.
eind10
besteden aen: wijden aan.
eind14
mij pijnen: moeite doen.
eind16
overvlieghende vernuft: voortreffelijk verstand (WNT overvliegen 2168 I 2e al.).
eind18
zucht tot hunne parthij: blinde liefde voor hun standpunt en zijn aanhangers: de geadresseerde behoort immers tot de Spaanse partij.
verrukt van: meegesleept door (Oudemans, Taalk. Wdb. op Hooft i.v. verrokken).
eind19
't misverstandt...houdt: het verschil van inzicht (euf.) dat de gewesten in tweedracht houdt.
eind22
goeds tijds: bijtijds.
eind23
vertoogh: het vertonen.
eind27
zijn' voorighe rapshejt: zijn vroegere viefheid (WNT raps 342 Afl.).
eind28
geleggen van: bevallen van; vrucht: een bruiloftsdicht, zie boven.
eind29
zijn' achtbaerhejt betaemen: zijn waardigheid voegen, passen.
eind33
Carmina etc.: 't Vers komt alleen van 't getouw welgelukt, zo het hart onbewolkt is. Ovidius, Tristia 1, 1, 39.
eind34
daerop: daarmee.
eind35
vermaering: de roem verkondigen; Hertog Bernhard van Saksen-Weimar had 3 maart 1638 een overwinning op de keizerlijke troepen behaald bij Rheinfelden en 11 april Freiburg im Breisgau veroverd: ook toen is Barlaeus niet tot dichten gekomen maar wel na de inneming van Breisach, vgl. 969.
eind37
aenverghde: dringend vroeg.
eind38
gedenkenisken: notitietje.

Vorige Volgende

Footer navigatie

Logo DBNL Logo DBNL

Over DBNL

  • Wat is DBNL?
  • Over ons
  • Selectie- en editieverantwoording

Voor gebruikers

  • Gebruiksvoorwaarden/Terms of Use
  • Informatie voor rechthebbenden
  • Disclaimer
  • Privacy
  • Toegankelijkheid

Contact

  • Contactformulier
  • Veelgestelde vragen
  • Vacatures
Logo DBNL

Partners

Ga naar kb.nl logo KB
Ga naar taalunie.org logo TaalUnie
Ga naar vlaamse-erfgoedbibliotheken.be logo Vlaamse Erfgoedbibliotheken

Over het gehele werk

auteurs

  • H.W. van Tricht

  • F.L. Zwaan

  • D. Kuijper Fzn.

  • Franco Musarra

  • R.E.O. Ekkart