Petrus Datheen

geboren: ca. 1531 in Kassel
overleden: 17 maart 1588 te Elbing bij Gdansk

pseudoniem(en)/naamsvariant(en):
Pieter van den Bergh
Pieter Daets
Pieter Datheen


Biografie(ën) over Petrus Datheen

P.G. Witsen Geysbeek, Biographisch anthologisch en critisch woordenboek der Nederduitsche dichters. Deel 2 CAB-GYZ (1822)
A.J. van der Aa, Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 4 (1858)
F. Jos. van den Branden en J.G. Frederiks, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde (1888-1891)
Jan Pieter de Bie, Lambregt Abraham van Langeraad en Jakob Loosjes, Biographisch woordenboek van protestantsche godgeleerden in Nederland. Deel 2 (1908-1918)
P.J. Blok en P.C. Molhuysen, Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 2 (1912)
K. ter Laan, Letterkundig woordenboek voor Noord en Zuid (1952)
G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse, De Nederlandse en Vlaamse auteurs (1985)

Werken van Petrus Datheen

De Psalmen Davids, ende ander lofsanghen (1566)
Davids Psalmen, Gedicht, aen d’eene zijde, door Petrum Dathenum; aen d’ander zijde, door J. De Brune (1650)

Primaire teksten van Petrus Datheen elders in de dbnl

Petrus Datheen en A.A. van Schelven, ‘Briefwisseling van graaf Jan van Nassau en Petrus Dathenus, uit de jaren 1575-1578, Medegedeeld door prof. Dr. A.A. van Schelven.’ In: Bijdragen en Mededeelingen van het Historisch Genootschap. Deel 51 (1930)
Petrus Datheen, ‘34 Cry of the watchman. A warning to all lovers of the glory of God, the fatherland and its privileges and freedoms, 1578 ’ In: Texts concerning the Revolt of the Netherlands (1974)
Petrus Datheen, ‘Sommighe Psalmen van Dauid, by den Poet in Duytsche gheset, te singhen nae de Fransoyse wyse. ’ In: Het bosken (ca. 1568)

Secundaire literatuur over Petrus Datheen in de dbnl

Jan Wagenaar, ‘XXV. Dathenus scheldt den Prins van den predikstoel.’ In: Vaderlandsche historie. Deel 7 (1752)
Jan Wagenaar, ‘VI. Keulsche Oorlog.’ In: Vaderlandsche historie. Deel 8 (1753)
[tijdschrift] Denker, De, ‘De Denker. No. 390. Den 18 Juny 1770. [Vervolg van No. 385]’ In: De Denker. Deel 8 (1770) (1771)
[tijdschrift] Denker, De, ‘De Denker. No. 556. Den 23 Augustus 1773. [Middelen om ons Kerkgezang te verbeteren.]’ In: De Denker. Deel 11 (1773) (1774)
[tijdschrift] Denker, De, ‘De Denker. No. 554. Den 9 Augustus 1773. [De onbetamelykheid van Critiques te maaken op de nieuwe verwagt wordende Psalmen.]’ In: De Denker. Deel 11 (1773) (1774)
Jeronimo de Vries, ‘Vierde afdeeling. Zestiende eeuw.’ In: Proeve eener geschiedenis der Nederduitsche dichtkunde (1810)
F.A. Snellaert, ‘Derde tijdvak.’ In: Schets eener geschiedenis der Nederlandsche letterkunde (1850)
Marcus van Vaernewyck, ‘Cap. XIII.’ In: Van die beroerlicke tijden in die Nederlanden en voornamelick in Ghendt 1566-1568 (1872-1881)
L. Knappert, ‘Bijlage II. Voordracht van den Heer Dr. L. Knappert. Oude Nederlandsche Psalmberijmingen.’ In: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1906 (1906)
P.J. Blok, ‘[Boek VI]’, ‘Het voorspel’ In: Geschiedenis van het Nederlandsche volk. Deel 2 (1924)
K. Schilder, ‘Algemeene orienteering.’ In: Dogmahistorie praeadvies (1946)
K. Schilder, ‘VIII. Dathenus.’ In: Dogmahistorie praeadvies (1946)
P. Geyl, ‘4. Het ganse vaderland in opstand’ In: Geschiedenis van de Nederlandse stam (1948-1959)
K. Schilder, ‘Kerktaal en Leven’, ‘Hoofdstuk I De kerk en de Taal’ In: Om woord en kerk. Preeken, lezingen, studiën en kerkbode-artikelen. Deel 3 (1951)
S.J. Lenselink, ‘Hoofdstuk VI De psalmen van Datheen’, ‘1. Inleiding’ In: De Nederlandse psalmberijmingen in de 16de eeuw (1959)
K. Schilder, ‘Frankforts moeiten en Calvijn’ In: De Kerk. Deel 3 (Verzamelde werken afdeling III) (1965)
K. Schilder, ‘Een schijnberoep op Petrus Dathenus’ In: De Kerk. Deel 3 (Verzamelde werken afdeling III) (1965)
Karel Porteman, ‘pieter datheen (1530/32-1588)’ In: Ons Erfdeel. Jaargang 14 (1970-1971)
A.Th. van Deursen, ‘VIII. Gemeentevorming II Catechese en geloofskennis’ In: Bavianen en slijkgeuzen (1974)
Kees de Bruijn, ‘Verstechniek en zang bij de 16e- en 17e-eeuwse psalmvertalingen Kees de Bruijn’ In: De zeventiende eeuw. Jaargang 5 (1989)
K. Schilder, ‘15. Een schijnberoep op Petrus Dathenus’ In: Verzamelde werken 1940-1941 (1995)
Theo Hermans, ‘9 Peter Datheen (vert.), De Psalmen Davids, ende ander lofsanghen, wt den Fransoyschen Dichte In Nederlandschen overghesett, Doer Petrum Dathenum [...]. Heidelberg, 1566’ In: Door eenen engen hals. Nederlandse beschouwingen over vertalen 1550-1670 (1996)


Terug naar overzicht