III.
Wij hebben onze rubriek ‘Wandalisme’ eenigszins uitgebreid, en er het nog beklagenswaardiger ‘Pedantisme’ naastgevoegd. Deze zonde van de nieuwere tijden beschouwen wij hier voornamelijk in hare vergrijpen tegen de eeuwige wetten van het kunstschoon - bijzonder bij de plastische kunsten. Wij verstaan er hier bepaaldelijk door, die ondraaglijke betweterij, welke, zonder kennis, het bestaande verbeteren wil, en, alleen op grond van een groote dozis eigenwaan, zich geroepen acht den staf te breken over oudere kunstverschijnsels, en met eene beleedigende toegevendheid vriendelijk verhelpen wil, du haut de sa grandeur, wat het zoogezegd domme voorgeslacht misdaan heeft; of ook blootelijk zonder studie noch ondervinding meent te kunnen werken in den geest van het voorgeslacht, ja veel beter dan dit.
Is ‘Wandalisme’ slecht - ‘Pedantisme’ is, in onze oogen, nog veel schuldiger. Het eerste kán voortkomen uit louter onkunde, uit gedachteloosheid, soms ook uit baldadigheid, of wel uit geestdrift voor een schoonschijnend beginsel: het tweede komt louter voort uit hoogmoed, en grenst aan krankzinnigheid.
Men schrijft ons uit Noord-Brabant:
‘Een zeker architekt heeft, onder voorwendsel van de kerk