Dietsche Warande. Nieuwe reeks 2. Jaargang 7


auteur: [tijdschrift] Dietsche Warande


bron: Dietsche Warande. Nieuwe reeks 2. Jaargang 7. A. Siffer, Gent / L.J. Veen, Amsterdam 1894


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 256]

Omroeper.

Snieders. - Aan dezen wakkeren strijder voor goede kunst en gezonde staatkunde zal eene nieuwe openbare hulde worden gebracht. Ons Vlaanderen heeft deze gedachte 't eerst opgeworpen.

't Is goed dat de jonge leiders, de jonge ‘strijders’ leeren bedenken dat de gelijkstelling der talen in Belgie nog door andere middelen moet worden gezocht dan alleen door groote geestdrift met gezang, enz, enz. Laat men Snieders nog maar eens (eenen uit velen) in de gedachten roepen! ‘Haat en Nijd’, zou Ogier zeggen, zouden anders op 't laatst geheel meester worden. Velen zijn op den weg om dit toe te laten.

 

Dr. Doorenbos en de Algemeene taal. - Dr. Doorenbos schrijft in den Ned. Spectator n. 5, 1894: ‘De taalkundigen vormen als 't ware de politie en zullen op de orde en regelmaat bijzonder letten, maar een staat waar de politie alles beheerscht, krimpt in en weert de vrije beweging.’

Een boekdeel kan men vullen met gewestwoorden, die wezenlijk schilderachtig, doch niet voor de algemeene taal bruikbaar zijn.

Een Uutvanhuuzer(1).

 

Leve het Heidendom! - In den Ned. Spectator van den derden Februari 1894, schrijft de welbekende Wolfgang, op blz. 43, eene aankondiging van Felix Dahn's roman over Juliaans tijdperk: ‘Weg met Karel den Groote, leve Juliaan de Afvallige!’

De schrijver betitelt de heidensche wereld met het woord ‘logische wereld’ en de christelijke noemt hij de wereld waarin 1 = 3 is.

[p. 257]

Tweemaal heet het: ‘Julianus was groot.’ Karel de Groote daarentegen wordt genoemd ‘de onwetende baarbaar’.

Een zeer verlichte geschiedschrijver die Wolfgang, welke zich liever ‘Kreeftgang’ moest betitelen.

N.B. In een later nummer van den Spectator (3 Maart) heeft de heer Dr. D.C. Nijhoff in een vrij lang artikel, doch zonder betoog, de verwonderlijke geschiedopvatting van den heer Wolfgang verloochend.

 

Tentoonstelling te Antwerpen. - Uit het programma voor de wereldtentoonstelling te Antwerpen (afdeeling Schoone kunsten), dat geteekend is door den Regeerings-commissaris, Willy Martens, en de voorzitters van ‘Pulchri Studio’ en ‘Arti et Amicitia’, H.W. Mesdag en C.L. Dake, blijkt, dat onze Regeering aan het verzoek der Belgische gehoor gegeven en een Regeeringscommissaris heeft benoemd, die als tusschenpersoon voor het Antwerpsche comité zal optreden bij de commissie der vereenigde besturen van ‘Arti’ en ‘Pulchri’ voor buitenlandsche tentoonstellingen.

Reeds zijn twee flinke zalen, plaats gevende aan pl. m. 140 kunstwerken, aan de Ned. afdeeling toegezegd.

De Ned. afdeeling van Schoone Kunstea zal bestaan uit: schilderijen, teekeningen, etsen en beeldhouwwerken van op 1 Aug. 1885 levende meesters.

De tentoonstelling zal geopend zijn van 5 Mei tot 1 of 12 November 1894.

Met 't oog op mogelijk plaatsgebrek wordt den inzenders verzocht, door de merken 1 en 2 kenbaar te maken, welke der ingezonden kunstwerken zij gaarne het eerst zouden geplaatst zien.

Alle ingezonden kunstwerken zijn aan het oordeel van een jury onderworpen, bestaande uit de heeren: C.L. Dake, P. De Josselin de Jong, H.W. Mesdag, G.M. Muller en J. Vrolijk.

Teekeningen en photographieėn voor den geillustreerden catalogus kunnen ingezonden worden aan het adres van den Regeerings-commissaris.

 

Op de algemeene tentoonstelling zal als groote bijzonderheid Congo met 80 zwarten en zwartinnen te zien zijn, met een badvijver van ‘rotswater’, waarneven vischsoorten uit alle belgische rivieren en andere waterdieren uit Congo.

Ook zal men een hoek van Antwerpen uit de 16e en 17e eeuw aanschouwen, met mannen en vrouwen in historische kleederdracht.

Hout en steen der gebouwen zijn zeer kunstig nagebootst.

Men zal zich ook kunnen vermaken in een vliegend koffiehuis.

Alles wonderschoon om zien!

 

Kaiser-Denkmal te Berlijn, waarover zoo oneindig veel geklapt is. De eerste modellen blijven onuitgevoerd. Er zal een

[p. 258]

eenvoudig ruiter-standbeeld worden ontworpen. In plaats van acht millioen marken, zal het gedenkstuk nu 2 1/2 millioen kosten.

 

de Raadt. - In het dertiende deel der Bijdragen en Mededeelingen van het historisch genootschap gevestigd te Utrecht, 's Gravenhage, Martinus Nyhoff, 1892, komt eene studie voor van den heer J.Th. de Raadt: ‘Eenige onuitgegevene stukken betrekkelijk de oorlogen in de XVIIe eeuw’, welke voor de belgische provinciėn van bijzonder belang zijn.

 

Muntbiljetten. - Hebt gij de nieuwe muntbiljetten van tien gulden reeds gezien?

De leeuwen ontbreken er niet aan - Leeuwendal! Eén aan de voeten der ‘Stedemaagd’, een andere klimmende, enz.

Pa! wat is dat eigenlijk, eene Stedemaagd?

Och, jongen, dat was in den ouden tijd, toen had elke stad eene maagd. De Duitschers zeggen: ‘Em Madchen für alles’. Wij zeggen een Duvelstoejager, die zoo van alles in huis doen moet. Daarom vindt men haar portret op paleizen en stadhuizen, op kasernen en op muntbiljetten, uit dankbaarheid en als herinnering! 't Is een soort van uitroepingsteeken achter eenen galmenden volzin of onzin!

 

Borstbeelden-manie. - Het marmeren borstbeeld van Dr. Aug. von Essenwein, waaraan het Germaansch museum te Neurenberg zijn uitbreiding en bloei te danken heeft, zal door zijne vrienden en bekenden in een der zalen van het museum als een blijvend gedenkteeken der groote verdienste van den oudheidkundige worden gesticht en geplaatst.

Essenwein was te bescheiden om zulk eerbewijs bij zijn leven toe te laten.

Dat is een teeken zijner ware grootheid.

De meesten zouden bij hun leven reeds hun eigen ruiterstandbeeld willen bewonderen...

Dit zijn de trappen van eerbewijzen:

1oBeeltenis op steen gebracht.
2oBeeltenis in olieverw.
a. halflijfs;
b. ten voeten uit.
3oBorstbeeld;
a. in gips;
b. in marmer.
4oRuiterstandbeeld.

Dit laatste wordt langzamerhand al wat weinig, in de oogen van erg ‘groote mannen’.

[p. 259]

Toonkunst.

Eerste uitvoering te Brussel van Triptyque symphonique van Jan Blockx: a. Allerzielendag, voor strijkkwartet met klavier; b. een kerslied voor oboe, engelsch hoorn en fagot; c. een Paaschdag voor de genoemde speeltuigen te zamen.

De Brusselsche, fransche kritiek beweert dat a. zeer vroolijk is en weinig aan den rouwdag herinnert, dat b. weinig herderlijks noch min goddelijks heeft en c. aan allerlei buitensporige volksdansen doet denken. De Dietsche Warande wil nog niet oordeelen.

 

Russisch. - De troep van Slaviansky d'Agrenieff heeft niet zoo voldaan als bij vroegere gelegenheid. Het programma was vol genoeg maar de uitvoering minder volkomen. In elk geval was het belangrijk een aantal russische volksmelodieën te hooren voordragen, en aan 't hoofd dier meest gebaarde mannen eene jonge vrouw als bestuurster te zien staan.

 

Verdi heeft nu zijn nieuwe opera: Koning Lear, aan zijn uitgever Ricordi, te Milaan, ter hand gesteld.

‘Het is mijn muzikaal testament’, moet de grijze toondichter gezegd hebben, ‘en ik wensch daarom ook, dat het eerst na mijn dood geopend worde.’

 

Samara. De Fransche componist Samara zal den tekst schrijven voor een opera, getiteld Magda, getrokken uit Sudermann's Heimat.

 

Leoncavallo. De Duitsche bladen melden, dat ingevolge eener opdracht van keizer Wilhelm, de componist Leoncavallo een opera zal vervaardigen naar den roman van Willibald Alexis; Der Roland von Berlin.

 

Smetana's nieuwe opera Der Kuss wordt binnen enkele dagen te Weenen opgevoerd. Het libretto is ontleend aan een novelle van Carolina Svetla Hubitchka, die door Franz Bauer in 't Duitsch vertaald en bij Ph. Reclam uitgegeven is.

 

Nederrijnsch Muziekfeest te Aken. Het programma luidt aldus: 13 Met (Pinkster): 4e Symphonie van Beethoven. Oratorium Franciscus van Tinel. - 14 Mei: Sanctus en Benedictus uit de H-mol-Mis van Bach. Leonorenouverture no 3 van Beethoven. Eerste gedeelte van het oratorium Elias van Mendelssohn. Symphonie fantastique van Berlioz. - 15 Mei: Vorspiel Meistersinger, Tannhauser-Ouverture en Kaisermarsch van Wagner. Clavier-Concert van Schumann, uitgevoerd door Paderewski. Tod und Verklarung, voor orkest, van Richard Strauss. Soli voor klavier en voor zang.

De symphonieën van Beethoven en Berlioz enz. worden bestuurd

[p. 260]

door den kapelmeester Schuch van Dresden, het oratorium door Schwickerath uit Aken, die hetzelve aldaar ook vroeger leidde.

 

De oude, gewijde muziek schijnt in de mode te komen. De Weener ‘Sing-Akademie’ heeft in hare eerste uitvoering onder leiding van Graedener alléén vokaal- en instrumentaalwerken van Palestrina en Roland Lass doen hooren.

 

Lass. Die Musik ist eine Art Resonanzboden, in welchem das Wort etwas von einem Wiederhall aus der Unendlichkeit erwecken soll.

Tottmann.

(De muziek is nog meer!)

 

Tentoonstelling te Munchen. Blijkens een door de Regeering ontvangen mededeeling zal de in 1894 te Munchen te houden ‘Jahresausstellung von Kunstwerken aller Nationen im Kgl. Glaspalaste’, geopend worden op 1 Juni, terwijl de sluiting tegen het einde van October is bepaald.

De termijn voor aanmelding is opengesteld tot 1 April.

De inzending van kunstwerken behoort te geschieden van 1 tot 20 April 1894.

Voor belanghebbenden ligt een exemplaar van het gedrukte reglement dier tentoonstelling ter inzage bij het bestuur der volgende vereenigingen:

Maatschappij ‘Arti et Amicitiae’ te Amsterdam;

Schilderkundig Genootschap ‘Pulchri Studio’ te 's Gravenhage;

‘Haagsche Kunstkring’ te 's Gravenhage;

‘Maatschappij tot bevordering der Bouwkunst’ te Amsterdam en ‘Kunstkring’ te Rotterdam.

 

Arti. Bij gelegenheid der feestelijke heropening van het gebouw der Maatschappij Arti et Amicitiae in de maand Mei a.s. zal eene tooneelvoorstelling plaats hebben, en vertoond worden Rhodopis, dramatisch fragment van Willem Kloos. De componist Bernard Zweers heeft de bewerking der muziek op zich genomen; de vertolking is opgedragen aan de dames Van Looy-Van Gelder, Alida Klein en Aleida Roelofsen en den heer Vrijland, een bekend rederijker.

De commissie van voorbereiding bestaat uit de heeren N. Bastert, G. Poggenbeek, H.A. Jansen, H.P. Berlage Nzn., S.J. Bouberg-Wilson en C.F.v.d. Horst.

 

Brugge. - University-extension. Eenige edelmoedige mannen uit Gent en Brugge, niets dan hunne liefde tot den minderen evenmensch raadplegende, hebben besloten, evenals te Brussel en Gent, alhier leergangen van hooger onderwijs te geven.

Deze leergangen zullen zuiver wetenschappelijk zijn, vrij van

[p. 261]

alle staatkundige, maatschappelijke of godsdienstige twistvragen, en in onze moedertaal gegeven worden.

Het werk staat onder beschermschap van graaf Visart de Bocarmé, burgemeester en onder voorzitterschap van jonkheer de Maere-Limnander, werkend lid der Koninklijke Vlaamsche Academie.

Een veertiental Gentsche en Brugsche leeraars zullen beurtelings in de conferenciezaal, Sint-Jakobstraat, het zaad der geleerdheid aan het leergierige volk mededeelen.

 

God save the King. - Naar aanleiding van hetgeen in Dietsche Warande 1894, bl. 164 betreffende het ontstaan van het lied God save of Heil Dir is geschreven, verwijzen wij naar een artikel van J. Tideman, voorkomende in het muzikaal tijdschrift Caecilia (d. 15 mei, 1893) waarin met klare gronden wordt bewezen, dat de schepper van tekst en zangwijze niemand anders is dan Henry Carey, een zoon van George Savile, markies van Halifax.

Wij hebben daarbij vooral de getuigenis van Harington, huisarts van Joh. Chr. Schmidt, die zeer vertrouwelijk met Carey omging. Harington verhaalt in eene briefwisseling de geheele zaak, gelijk hij die van Schmidt had vernomen.

 

Karel-mummie. Prof. Grauert geeft in het Historische Jahrbuch (der Gòrres-Gesellschaft) D. XIV bl. 302, vlgg. eene beschouwing over het graf van Karel den Gr. hetwelk door Otto III, gelijk men weet, geopend is en waarin, volgens het verhaal van graaf Otto van Lomello, in keizer Otto's gevolg. Karel zittende is gevonden, gelijk hij ook te Aken, door Rethel, in het stadhuis en door W. Kaulbach te Neurenberg in het germaansch museum is afgeschilderd.

Theodor Lindner in Halle heeft met groote scherpzinnigheid deze sage wederlegd, wat met Einhard en Thegan (de levensbeschrijvers van Karel den Groote) overeenstemt.

Ondertusschen wederlegt Grauert op zijne beurt den vernuftigen criticus, door te wijzen op oostersche en andere voorbeelden van begrafenissen in zittende houding. Op dien grond had ook Ranke reeds de sage niet verworpen. Overgenomen door Chron. Novaliciense, III, hfst. 32. - Monum. germ. hist. SS. VII, 106.

 

Koninkl. Vlaamsche Academie. Zitting van den 17n Januari. Keus van Jonkheere de Maere Limnander tot werkend lid.

Zitting van den 21n Februari. De Begrooting wordt met algemeene stemmen goedgekeurd. Keurraden worden benoemd ter beoordeeling der antwoorden op de ingezonden prijsvragen. Het zijn de heeren Alberdingk Thijm, Broeckaert, Coopman, Daems, van Droogenbroeck, de Flou, de Gheldere, Janssens, Mathot, Obrie, Willems.

De heer Coopman doet een uitvoerig verslag over de laatste aflevering van het Woordenboek der Nederlandsche taal.

[p. 262]

De heer Dr C. Hansen, Onderbestuurder voor 1894, wordt benoemd tot lid der commissie voor de uitgave van middeleeuwsche handschriften.

 

Koninklijke Akademie. Verg. van den 12n Februari. Voordracht van prof. Kern over den onlangs gestorven krijgsgeschiedschrijver, generaal W.J. Knoop. Voordracht over het ‘Muntvraagstuk in Britsch-Indie͘’, met een overzicht der geschiedenis van het Indische muntstelsel. (Verg. De Gids, aflev. van Februari.)

Splinters.

Groote kennis, veel verstand en een fijne smaak zijn er noodig om... in de taal steeds het beste te kiezen.

W. Doorenbos.

 

Als 't gezonde oordeel afneemt, klampt men zich vast aan het vooroordeel.

Tottmann.

Half-talenten zijn de onbarmhertigste rechters.

Id.

De kunst is de afspiegeling van de zeden eens volks.

Id.

Von Bulow. Een edelmoedige kunstenaar van hoogst eigenaardige, oorspronkelijke waarde. Zijn beste letterkundige beeltenisbevindt zich in het Magazin für Literatur van den 24n Februari 1894, bl. 232, verder in den Gids van die maand, enz.

Zelden gehoord is het volgende. Eens op een concert te Brussel in eene, dom-genaamde, stalle d'orchestre gezeten, haakt zijn stal-buurman met de laars-teen in den poot der zijne. Gesprek. in 't Fransch: ‘Mijnheer doe, als 't u belieft, uwen voet van mijne stal weg’.

Geen antwoord. Opnieuw - in 't Hoogduitsch: ‘Monsieur veuillez, s'il vous plaît, enz.

Weder geen antwoord. Nu in 't Engelsch...

Nogmaals geen antwoord. Ook in 't Latijn...

Vergeefs. Alles stil en stom.

Nu telt von Bulow luid: ‘Een... twee... drie!!’

Een rechter vuist, die met reuzenkracht een stomp geeft op een linker dij... Daarop een schreeuw dat de zaal daverde.

De hinderlijke voet had de natuurlijke plaats ingenomen.



illustratie