Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1940


auteur: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde 1901-2000


bron: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden, 1939-1940. E.J. Brill, Leiden 1940  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 54]

Rudolph Peter Johann Tutein Nolthenius
6 Juni 1851 (Koppelrust bij Abcoude) - 30 November 1939 (La Tour de Peilz, canton de Vaud, Zwitserland).

Rudolph Peter Johann Tutein Nolthenius was de eenige zoon van Mr. Dr. Peter Marius Tutein Nolthenius en Johanna Koopmans. Na de Hoogere Burgerschool te Deventer bezocht te hebben, begon hij in 1868 zijn studie voor civiel ingenieur aan de (toenmalige) Polytechnische School te Delft; het ingenieursdiploma verwierf hij 1872. Zijn eerste werk had betrekking op den aanleg van spoorwegen; daarna, sinds zijn benoeming tot aspirant-ingenieur van den waterstaat in 1874, is zijn ingenieurswerkzaamheid vrijwel uitsluitend van waterbouwkundigen aard geweest (verlegging van den Maasmond, verbetering van het Apeldoornsche kanaal, enz.). In 1876 werd Nolthenius bevorderd tot ingenieur 3de klasse, in 1888 tot ingenieur 2de klasse, in 1894 tot ingenieur 1ste klasse, ten slotte in December 1901 tot hoofdingenieur-titulair, waarna met ingang van 1 Jan. 1902 op zijn verzoek eervol ontslag volgde1. Gedurende zijn ingenieursloopbaan woonde hij met zijn gezin achtereenvolgens te Bloemendaal, 's-Hertogenbosch, Zutphen en Haarlem. Op den datum, waarop zijn ontslag inging, werd Nolthenius als beheerend vennoot opgenomen in de firma Tutein Nolthenius en De Haan te Amsterdam, die in 1903 met de firma H. Oyens en Zonen werd vereenigd; hij vestigde zich toen te Amsterdam, maar lang zou het verblijf aldaar niet duren. Den 1sten Juli 1909 trad hij uit de firma, aangezien deze werkkring hem geen bevrediging schonk en nadien heeft hij geen ambt of betrekking meer bekleed. Hij bracht vele jaren al reizend door, voornamelijk in Scandinavië, Engeland, Italië, Zwitserland en Noord Afrika om zich ten slotte in 1920 metterwoon te vestigen in La Tour de Peilz, niet ver van Montreux.

Nolthenius is tweemaal gehuwd geweest, de eerste maal (1880) met zijn nicht Alieda Maria Tutein Nolthenius, die hem drie kinderen schonk; haar moest hij in 1910 door den dood verliezen. Ten tweeden male (1920) met Lilas Goergens.

Nolthenius is in veel opzichten een zeer merkwaardig man geweest.

[p. 55]

Kenmerkende eigenschappen voor zijn persoonlijkheid waren: een wijdvertakte belangstelling, een uitermate vlug begrip en vermogen om zich snel in een of ander onderwerp in te werken, een behoefte over alles wat hij bestudeerde niet alleen, maar ook over velerlei, wat hij in zijn lang leven opmerkte, te schrijven, ten slotte een schier ongelooflijke werkkracht en werklust.

Nolthenius' belangstelling strekte zich veel verder uit dan men van een ingenieur van den waterstaat zou verwachten. Hoewel ingenieur en technicus in de eerste plaats, gevoelde hij niet de behoefte al zijn tijd en werkkracht aan de techniek te besteden. Concentratie op één onderwerp, op één tak van wetenschap lag niet in zijn aard, onbeschroomd sloeg hij zijwegen in, ook al leidden deze naar streken, ver verwijderd van de ingenieurswetenschap. Een blik op de bibliographie zal dit verduidelijken, want hij schreef met een merkwaardig vlugge en wel versneden pen, over alles wat hem interesseerde, artikelen in vele tijdschriften, week- en dagbladen, voorts brochures en enkele boeken. Een bonte verzameling inderdaad, deze bibliographie. Men vindt er bijdragen over technische en sociaal-technische onderwerpen, veel over onderwijs (hooger, middelbaar, lager- en vakonderwijs), over tentoonstellingen, over politiek, over sociale onderwerpen, over schoone kunsten en letterkunde, over geschiedenis, over zijn reizen in Amerika en Europa, alleen niet over ...... Latijn, wat men toch zou verwachten, want deze ingenieur had zich geheel door eigen studie ontwikkeld tot een voortreffelijk Latinist, die Horatius, Juvenalis en Lucanus goed kende en betrekkelijk gemakkelijk las, om van vele andere meer gelezen en gemakkelijker te lezen prozaschrijvers en dichters niet te spreken. Kon nu, is men geneigd te vragen, één man al deze onderwerpen zóó beheerschen, dat hij daarover even zaakkundig als een doorkneed vakman kon schrijven? Stellig niet. Bladerend in zijn geschriften vindt men hier en daar onjuistheden, ongemotiveerde generaliseeringen, te haastige conclusies. Maar hoeveel goeds en oorspronkelijks daarnaast! Het was Nolthenius er niet om te doen de vaklieden in detailkennis te evenaren of voorbij te streven, hij wilde critiek leveren op misstanden, prijzen, waar geprezen moest worden, de aandacht vestigen op zaken, die meer belangstelling verdienden. En dit gelukte hem wonderwel. Hij stond veelal buiten de vakkringen waarover hij schreef en dit was dikwijls een voordeel. Welk een oorspronkelijken kijk, welk een frisschen geest en geestigheid ontmoet men in zijn geschriften, eigenschappen, die ruimschoots goedmaken, wat hem aan detailkennis mocht ont-

[p. 56]

breken. Men versta mij intusschen wel: vluchtig en oppervlakkig geschrijf was het allerminst, integendeel. Nolthenius' geschriften waren bijna steeds de vrucht van ernstige studie, goed gedocumenteerd, zorgvuldig gestileerd, al mag hier niet worden verzwegen, dat zijn Nederlandsch taalgevoel in zijn latere levensjaren achteruit ging, misschien door veel Fransch te lezen. Natuurlijk is niet alles van gelijke waarde, sommige geschriften zijn beter gedocumenteerd, ernstiger doordacht dan andere, het eene is thans meer verouderd dan het andere, maar ik meen niet te overdrijven wanneer ik beweer, dat er nog menig artikel in de bibliographie te vinden is (b.v. over onderwijs), dat op dit oogenblik weinig of niets aan actualiteit heeft ingeboet. Zeker is het, dat talrijke artikelen in den tijd van hun verschijnen sterk de aandacht hebben getrokken, hevig zijn bestreden of hoog zijn geprezen, en dit zegt veel.

Het is in dit bestek natuurlijk onmogelijk in bijzonderheden alle geschriften van Nolthenius de revue te laten passeeren. Maar wel willen wij iets zeggen over enkele boeken van zijn hand. ‘Nieuwe wereld’, indrukken van een reis door Amerika in 1899, verschenen in 1900, beleefde in 1902 een tweeden druk. Het boek bevat, naar Nolthenius' aard, allerlei schetsen over land en volk, over negers, Indianen en Mormonen, beschrijvingen van bezoeken aan scholen, bibliotheken, universiteiten, fabrieken, technische werken en aan het Yellow Stone Park. Dit boek werd indertijd veel gelezen, het sprak tot het lezend publiek, waarschijnlijk niet zoozeer omdat er geen dergelijke boeken zouden zijn, litterair beter en wetenschappelijk grondiger, doch omdat men voelde, dat hier een begaafd man aan het woord was, een man met een oorspronkelijken kijk op wat hij zag en die zijn denkbeelden op frissche en goed leesbare wijze wist voor te dragen.

Verreweg zijn omvangrijkste werk en zeker een van zijn belangrijkste geschriften is ‘Het Geslacht Nolthenius’, in drie lijvige quartijnen, een met groote liefde geschreven werk, vrucht van vele jaren studie en uitgebreid archiefonderzoek, zeer breed opgezet en uitgewerkt, waarin Nolthenius niet alleen zijn voorvaderen in hun doen en laten beschrijft, maar tevens de tijden schetst waarin zij geleefd hebben. Vooral de beschouwingen over het economisch leven te Amsterdam in de vorige eeuw verdienen alle aandacht.

Het spreekt vanzelf, dat een man van initiatief, van organisatorisch talent en werkkracht als Nolthenius was, vele meer en minder belangrijke bestuursfuncties heeft vervuld en zich veel in het openbare leven heeft

[p. 57]

bewogen. Dit alles op te sommen zou geen zin hebben, doch het een en ander, nauw verband houdend met Nolthenius' litteraire werkzaamheid, dient hier vermeld te worden.

Twee en twintig jaar, van 1897 tot 1919, is hij redacteur van de Gids geweest en dit redacteurschap is zeker de reden geweest, waarom hij talrijke en daaronder van zijn beste en uitvoerigste studies in dit tijdschrift heeft gepubliceerd. In een bijdrage, afgedrukt in het Jaarboek 1936-1937 van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, heeft Nolthenius zijn herinneringen aan de Gidsredactie van 30, 40 jaar geleden te boek gesteld; hij leidt ons daar binnen in den kring der oude Gidsredactie, bij Van Hall, Bijvanck, Van Hamel, Hubrecht, Kalff, Molengraaff, Johan de Meester en anderen en gunt ons een blik in de redactievergaderingen in dien tijd.

In 1898 werd Nolthenius gekozen tot lid der Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde. Hoewel hij de maandelijksche vergaderingen waarschijnlijk slechts zelden heeft bijgewoond, hoogstens nu en dan een jaarvergadering, heeft hij steeds levendig belang gesteld in alles wat de Maatschappij betrof. Versterking van wat men zou kunnen noemen de ‘techniek in de letterkunde’ ging hem aan het hart en dikwijls spoorde hij dezen en genen aan, zijn stem uit te brengen op een technicus-litterator. Een zeer uitvoerig levensbericht van wijlen Ir J.C. Ramaer, verschenen in het jaarboek 1932-1933 heeft indertijd de aandacht getrokken en wordt nog in technische kringen als een document van blijvende waarde beschouwd.

Eénmaal, in 1905, heeft Nolthenius zich op het gebied der politiek bewogen, toen hij, geen bevrediging vindend in de bestaande stroomingen en partijen, heeft getracht een nieuwe partij op te richen en den kamerzetel van Zutphen aan H. Goeman Borgesius te betwisten. Zijn streven heeft geen succes gehad, waarschijnlijk tot zijn eigen heil. Hij was geen man voor de politiek.

Tracht men zijn werkzaamheid en zijn publicistisch werk te overzien, dan treft ons meer de breedte en de veelzijdigheid dan de diepte. Zijn leven is er echter stellig rijker door geworden en hij zal er hoogere bevrediging in gevonden hebben dan enge vakstudie hem ooit had kunnen schenken. Zijn geaardheid was niet die van een geleerde, eerder die van een modernen humanist. Inderdaad vindt men in Nolthenius' werk zoowel als in zijn karakter Erasmiaansche trekken: veelzijdigheid, kritische geest, strijdvaardigheid en schrijflust. In sommige opzichten was Nolthe-

[p. 58]

nius conservatief, in andere zeer vooruitstrevend, hij bezat een teer gemoed, een groote liefde voor al was jong en jeugdig was. Soms was hij eenigszins stroef in den omgang, dan weer hartelijk en spraakzaam met levendigen zin voor humor, wanneer hij wist op begrip en sympathie te kunnen rekenen.

 

Nolthenius' taak is thans geëindigd, hij is de eeuwige rust ingegaan. Op een leeftijd, dien slechts zeer enkelen bereiken is hij na een ongesteldheid van weinige dagen den 30sten November 1939 te La Tour de Peilz aan het meer van Genève in zijn tweede vaderland Zwitserland gestorven; eenige dagen later is hij op het kerkhof aldaar ter ruste gelegd. Zijn tot op hoogen leeftijd altijd even levendige, frissche, kritische geest is uitgebluscht, zijn hand, die de vaardige en vruchtbare pen voerde, is verstijfd, maar de herinnering aan zijn karakteristieke persoonlijkheid zal bij allen, die hem hetzij van nabij, hetzij oppervlakkig gekend hebben, blijven voortleven.

 

C.A. Crommelin

Lijst der geschriften

I. Boeken

1883Verslag over de waarnemingen in de Noordzee omtrent de stroomen langs de Nederlandsche kust in de jaren 1880-1882 (met H. Bertelot Moens). Ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, 1883.
1898De Duitsche ongevallenverzekering in de praktijk. Haarlem.
1902Nieuwe Wereld. Indrukken en aanteekeningen tijdens een reis door de Vereenigde Staten van Noord-Amerika, Haarlem, 1ste druk 1900, 2de druk 1902.
1905School en Leven (herdruk van artikelen in de Gids en andere tijdschriften, één artikel voor het eerst gepubliceerd). Haarlem.
1908Grootmoeder. Brieven en bescheiden betreffende Julie Tutein Nolthenius, geboren Tutein. Amsterdam, (niet in den handel).
1914Het Geslacht Nolthenius (Tutein Nolthenius). Haarlem, deel I 1914, deel II 1930.
1927Wegbereiders. Mevrouw De Staël en hare ouders (herdruk van Gidsartikelen). Haarlem.

II. Brochures

1880Watervrede. Openbaar schrijven aan allen, die bij doorbraak van Noorder- of Zuiderlekdijk langs den Gelderschen IJssel schade zullen lijden. Amsterdam.
1883Ingenieurs en steenbakkers. De verzoekschriften tot wering van basalt op Rijkswerken en de pogingen tot wijziging van het baksteenformaat. Zutphen.
1887Broodeloos. Hoe den ouden dag te verzekeren van ambtenaren, die niet in een pensioenfonds deelen. Beschouwingen naar aanleiding van het begrootingsvoorstel tot het verleenen van onderstand aan gewezen ambtenaren bij de aanleg van Staatsspoorwegen. Zutphen.
1901Lente in de politiek. ‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid’. Zutphen.
1902Andries Carnegie (Mannen van beteekenis). Haarlem.

[p. 59]

1903Wat moet de Middenstand doen inzake Gemeentebedrijven? Amsterdam.
1904Theodoor Roosevelt, de man der tien geboden (Mannen van beteekenis). Haarlem.
1905De stille stem. Waarom moeten de ware liberalen Dr. Kuyper stemmen? Een ernstig woord aan alle huisvaders. Zutphen.
1912Wat is volkskunst? Hoe kunnen wij die bevorderen? Delft.
1914Volkskunst als Heemschut. Opwekking tot het wederinvoeren van den handenarbeid in de huiskamer en wat daarvan de gevolgen zullen zijn voor jong en oud. 's-Gravenhage.
1921Opvoedend volksrecht. I: Referendum en initiatief. Amsterdam, 1919. II: Democratisch Zwitserland. Amsterdam.

Technische onderwerpen.

1878Klepbruggen te Kopenhagen: Tijdschrift v.h. Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1880De Groene Rivier: Tijdschrift v.h. Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1880De Groene Rivier Langs de Lek: Nieuws v.d. Dag. 18 April.
1883De Rotterdamsche Waterweg: De Gids. Maart, April.
1885Verslag der Cie. tot voorbereiding: Orgaan? Vereen. Burg. Ing.
1885Moet de brug over den nieuwen Maasmond te Heusden of te Keizersveer gelegd worden? Keizersveer is beter: Dagblad v. Zuid-Holland en 's-Gravenhage, 16 Oct.
1886Oudere stroommetingen op den onverdeelden Rijn en op zijne takken: Tijdschrift van het Kon. Inst. van Ing.
1886De Afsluiting der geheele Zuiderzee: De Ingenieur. 2 Jan.
1886Gemeentereiniging (vervolg op blz. 26, 50; replieken; dupliek blz. 84): De Ingenieur, 9 Jan.
1886Gemiddelde hoogte van den Zeespiegel, vervolg blz. 267: De Ingenieur, 29 Mei.
1886Afvoermetingen van Generaal Coehoorn, 5 Juni: De Ingenieur.
1886Onze Westelijke nabuur, De Noord-zee: De Gids, Mei.
1886(Ongeteekende) uittreksels uit tijdschriften: Allgemeine Bauzeitung. 8; Annales des Ponts et Chemins: 7, 25, 74, 122, 212, 245; Centralblatt für Bauverwaltung 16, 25, 61, 74, 140, 154, 213, 230, 246, 255; L'Illustration. 16; De Natuur. 25, 61, 141, 214; Scientific American. 16, 61, 86, 154, 246; Mittheilungen Techn. Versuchsanstalten Berlin 187; Overzichten van bestekken. 86, 96, 122, 141, 170, 200, 222, 233; Overzichten vonnis J. Binnenlandsche berichten [over Maasmond] 156, 223.
1890Report on the Abermenai breach: The Herald (Carnarvon).
1891Hollandsche dijken op franschen grondslag: De Gids, October.
1892Meren en moerassen in vorige eeuwen in Frankrijk door Nederlanders drooggelegd: Tijdschrift van het Koninklijk Instituut v. Ingenieurs.
1894Uit notulen der Instituutsvergadering van 9 Febr. 1892. blz. 116-127. Notice sur la profondeur de la Meuse supérieure. Guide programme. Excursion du 31 juillet. Internationaal scheepvaart Congres te 's Gravenhage.
1894Een nabij Heusden volgens het Monier-stelsel gebouwde duiker: Tijdschr. van het Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1894In bijlage 5, verlegging van den Maasmond (aardwerken): Jaarboekje van het Tijdschr. van het Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1895-'96Belastingproeven met Monierplaten: Tijdschr. van het Kon. Instituut v. Ingenieurs, blz. 4-36.
1895In bijlage P: Monier-stelsel: Jaarboekje van het Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1896Fene min-kostbare verbetering van het Noord-zee kanaal door verruiming door vaartopening der bestaande bruggen: De Ingenieur, 7 Maart.

[p. 60]

1896Is de winning van natuurlijk gas gevaarlijk voor ons polderland?: De Ingenieur, 9 Mei.
1896De Nieuwe Rijn: December. De Gids.
1897Het Waterstaatsbudget der laatste 59 jaren: Gedenkboek van het Kon. Instituut v. Ingenieurs.
1897Beproeving van een Monierplaat: Tijdschr. van het Kon. Instituut v. Ingenieurs. Uit notulen der vergadering van het Kon. Instituut v. Ingenieurs 13 April, blz. 102-107.
1898Portes à un seul vantail de l'écluse d'Andel: Internationaal scheepvaart-Congres te Brussel.
1898Gas of electrisch licht?: Zutphensche courant, 18 Juli.
1898Het derde middel: Zutphensche courant, 18 Nov.
1898Worstelend Zeeland, I: De Gids, Dec. No. 12.
1898Inleiding op vergadering betreffende de Gaskwestie: Zutphensche courant. 19 Dec.
1898De Gaskwestie: Zutphensche courant, 14 Febr.
1899Oost en West: De Gids, Januari.
1899Het Utrechtsche gas: Zutphensche courant, 14 Febr.
1899Overzicht van het verhandelde in de 3de sectie (Benedenrivieren en Zeekanalen) van het Scheepvaartcongres te Brussel 1898: Verhandelingen van het Kon. Inst. v. Ingenieurs. blz. 72-79.
1899Het solo-bestek geen klucht: De Gids, Maart.
1899Worstelend Zeeland II: De Gids, April. No. 4.
1899Baggermaterieel voor Argentinië: De Ingenieur, 9 Sept.
1900Technische aanteekeningen tijdens een bezoek aan de Vereenigde Staten van Noord-Amerika. Uit de notulen der vergadering van het Kon. Inst. v. Ingenieurs van 13 Febr. blz 79-96.
1900Influence des travaux de régularisation sur le régime des rivières: Internationaal scheepvaart Congres te Parijs.
1900De nieuwe Zuiderhaven en het Hoornwerk: Zutphensche courant, 2 Juli.
1900Onze gasfabriek: Zutphensche courant, 23, 27, 28 Sept., 19 Oct.
1901Brief over voordeel getrokken uit Amerikaansche reis [F.G. Waller]: Tijdschrift v. Maatschappij v. Nijverheid, Febr.
1902Over de geheimhouding der rapporten van de scheefgezakte gashouder: Zutphensch dagblad, 12 Juli.
1902Weerlegging beschuldiging Wethouder Klaassen: Zutphensch dagblad, 23 Juli.
1902Verslag van de Commissie, belast met het onderzoek naar de meest gewenschte hoogte van de nieuwe spoorwegbrug over het Noordzee-kanaal nabij de Hembrug. Ministerie van Waterstaat, Oct.
1903De afvoerverhoudingen der Rijntakken en het verzandingsvraagstuk: Sluitingszitting van het 9de Ned. Natuur- en Geneeskundig Congres te 's Gravenhage, 18 April.
1903Een dreigend gevaar voor de IJsselstreken: Nieuwe Zutphensche Courant, 5 Dec.
1904Een Zutphensch belang in gevaar: Nieuwe Zutphensche Courant, 26 Maart.
1904De drie Maasmond-ontwerpen: De Ingenieur, 20 Aug.
1904Adjunct ingenieurs vergeten in de beschrijving van den Maasmond: De Ingenieur, 3 Sept.
1907Over eenige verschijnselen waargenomen bij zeedijken in Zeeland bij den stormvloed van 12 Maart 1906: De Ingenieur, 2 Maart.
1908Raden van bijstand voor de rivieren: De Ingenieur, 9 Mei.
1908Van de Friezen van Groot-Friesland: De Gids, Aug. blz. 206.
1910De ontsluiting van de Bodensee en het bevaarbaar maken van den Boven-Rijn tusschen Konstanz en Basel: De Ingenieur, 23 Juli.

[p. 61]

1911De eigenlijke oorzaak van Amsterdam's opkomst: Algemeen Handelsblad, 7 Maart, ibid., 21 Maart.
1913Westerstranden: De Gids, Maart. Mei. No 3. blz. 397.
1914De Hollandsche Noordzee: Nieuwe Rotterdammer Courant, 14 Jan.
1916Bodemdaling en strandverdediging: Verslagen der Geologische Sectie van het Geologisch-Mijnbouwkundig Genootschap voor Nederland en Koloniën 2de deel. Sept.
1920Zandfundeering en zanddichtheid: De Ingenieur, 9 Oct.
1921Een gevaar bij paalfundeeringen: De Ingenieur, 20 Aug.
1923Straatwegen met rabatten: De Ingenieur, 12 Mei.
1924De Zuiderzee Landbouw of Industriepolder?: De Ingenieur, 12 Jan.
1924Een bedenkelijk K.B. (windmotors). De Ingenieur, 24 Mei.
1924Naschrift op: Een bedenkelijk K.B.: Waterschapsbelangen, 15 Juli.
1924Onze molens: Nieuwe Rotterdammer Courant, 23 Dec.
1925Malle molens of malle molenaars?: Schuitemakers Purmerender Courant, 20 Oct.
1926De veertig jarige: De Ingenieur, 2 Jan.
1926Geen strop om den hals [Belgisch-Nederlandsch verdrag]: Nieuwe Rotterdammer Courant, 28 Apr.
1926Balans en winst- en verliesrekening van het Belgisch-Nederlandsch verdrag: Algemeen Handelsblad, 9 Sept.
1926Steekpenningen: De Ingenieur, 25 Sept.
1926Nog een zwak punt van het Belgisch verdrag: Algemeen Handelsblad, 5 Oct.
1926Het verdrag met België: Algemeen Handelsblad, 27 Oct.
1931Een Nederlander [v. Ens] terecht gehuldigd: De Ingenieur, 8 Mei.
1931De waterloopkundige oorzaak van Dorestad's ondergang: De Ingenieur, 29 Mei.
1931Het wegenvraagstuk beschouwd door een voetganger: Algemeen Handelsblad, 6 Nov. (ingez.).
1931Wijlen het Keizersveer: De Ingenieur, 4 Dec.
1933Inklinking van veengrond: De Ingenieur, 21 Maart.
1933Zalmheffers inplaats van zalmtrappen bij rivierstuwen: De Ingenieur, 8 Sept.
1934Brandbeveiliging en gewelfbouw: Avondblad v.h. Algemeen Handelsblad, 14 Sept.
1934Rijzing en daling in vroeger tijd: Schuitemakers Purmerender Courant, 23 Oct.
1913Het onderzoek van Prof. Dr. H.G. van de Sande Bakhuyzen c.i., over het dalen of rijzen van den bodem van Nederland en de daarover door R.P.J. Tutein Nolthenius c.i. gemaakte opmerkingen, door Prof. Dr. H.A. Lorentz en Dr. C. Lely c.i.: De Ingenieur, 11 Oct.

Sociaal-technische onderwerpen.

1886De tegenwoordige handelswaarde onzer vervoerondernemingen. Stoomtrams in Nederland: De Ingenieur, 27 Febr.
1886Adres in zake A.V. voor particulier gebruik: De Ingenieur, 11 Sept.
1887De aanbesteding van 's Rijks werken: De Economist, Febr., blz. 117.
1887Een bedenkelijke maatregel: Algemeen Handelsblad, 8 Mei.
1888Blind toezicht: Dagblad de Amsterdammer, 12 Maart.
1891Verzekering van werklieden bij aanbestedingen: Vragen des Tijds, Oct.
1891Technische attaché's: De Ingenieur, 25 Juli.
1896De economische vraagpunten der internationale congressen voor binnenscheepvaart: De Economist, blz. 161.
1897Het wetsontwerp der ongevallenverzekering. Voordracht voor de Vereeniging tot bevordering van fabrieks- en handwerksnijverheid.

[p. 62]

1897Het Waterstaatsbudget der laatste 50 jaren: De Gids, Juli No 7.
1897Een technisch attaché voor China: Algemeen Handelsblad, II, 12 Aug.
1897Ongevallen verzekering: De Gids, Dec. No 12.
1898De spoorwegrevue te Renkum: Algemeen Handelsblad, 20 Dec.
1901Amerika op het letterkundig congres te Nijmegen: Oprechte Haarlemmer Courant, 4 Sept.
1901Industrieele oorlogen in Amerika: Oprechte Haarlemmer Courant, 30 Oct.
1902Het geheim van den Amerikaan: Nieuwe Courant, 31 Jan. (stadseditie).
1902Uitsluiting en werkstaking: Oprechte Haarlemmer Courant (stadseditie), 25 Juni.
1907Gesplitste bestekken: Middenstandsbond, 4, II, Jan.
1908Reisbeurzen: De Ingenieur, 28 Maart.
1910Bevordering der Nederlandsche nijverheid bij aanbestedingen: Tijdschrift Maatschappij v. Nijverheid, Mei.
1911Eischen van den nieuwen tijd: De Ingenieur (feestnummer), Jan.
1922Het eenige noodige [enthousiasme]: Tijdschrift v. Maatsch. v. Nijverheid. 15 Jan.
1922Americana: De Ingenieur, 8 Sept.
1932Bevolkingsellende [overbevolking]: S. Schuitemakers Purmerender Courant, 11 Juni.

Technische schetsen.

1879Christiaan Brunings (ingezonden onder pseudoniem X.Y.Z.): Algemeen Handelsblad, 20 Aug.
1886Buitengewone riviercorrespondentie: Eigen Haard, I blz 82; II blz 100; III blz 113.
1886Onze Westelijke nabuur, de Noordzee: De Gids, Juli.
1886† L.A. de Jager: De Ingenieur, 24 Juli (get. R.T.N.).
1888Wat is een syphon? (get. Ing.): Algemeen Handelsblad, 8 April.
1888Het duin bij Weesp (get. Ing.): Algemeen Handelsblad, 17 Juli.
1890Langs het Merwede Kanaal: Eigen Haard, I blz 358; II blz 379; III blz 490; IV blz 534; V blz 744; VI blz 825.
1894† J.A. Waldorp: Eigen Haard, blz. 69.
1896Om en in de wellen der nieuwe sluis te IJmuiden: Eigen Haard, I blz 260, II blz 315; III?; IV blz 362; V blz 365; VI blz 412; VII blz 414; VIII blz 485.
1898Onze openbare werken. Historisch gedenkboek uitgegeven door Het Nieuws van den Dag: Een Halve Eeuw, 1848-1898.
1902† P. Caland: Eigen Haard, December.
1903Verkeersmiddelen te land en te water (overzicht van een voordracht): Ons Huis, XVI. Amsterdam. 18 Febr.
1903De Dedemsvaart: Algemeen Handelsblad. 31 Mei.
1903Afscheidsgroet [† J.F.W. Conrad]: De Gids, Juli.
1903Levensbericht van P. Caland: Levensbericht v.d. Maatschappij der Ned. Letterkunde te Leiden, 1902-1903. Oct.
1904† A.M.K.W. Baron Van Ittersum: De Ingenieur, Oct.
1905J.B. Theuns [40 jarige dienst]: De Ingenieur, 8 Juli.
1910Spoorwegkoning [† A.K.P.F.R. van Hasselt]: De Gids, Mei.
1911Enkele persoonlijke herinneringen aan C.F.M.H. Schnebbelie [†]: De Ingenieur, Maart.
1916Nederland als polderland [boekbeschouwing]: De Gids, Maart.
1917De rand van het land: De Gids, Januari.
1922G. Narutowiez, een gewaardeerd ingenieur: De Ingenieur, 23 Dec.

[p. 63]

1927† Mr. J.P. van Löbensels: De Ingenieur, 19 Maart.
1933† Ir. J.C. Ramaer. Levensbericht van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde.

Hooger Onderwijs.

1871Geschiedenis van het Delftsche studentencorps: Delftsche studentenalmanak.
1875Een terugblik: Delftsche studenten-almanak.
1892Voor den civiel-ingenieur: Delftsche studenten-almanak.
1903Student-zijn: De Gids, Oct. overgedrukt in: School en Leven.
1904Door mij opgesteld Adres der Delftsche ingenieurs in zake hunne onderwijsbevoegdheid, aan het Ministerie van Binnenl. Z. 9 Febr.
1904De technische opvoeding van ons volk: De Ingenieur, 13 Febr. (met het adres overgedrukt in: School en Leven).
1908Zelfverweer van een hollandschen jongen: De Gids, Juni.
1914Delftsche titels: De Ingenieur, 23 Mei.
1919De Delftsche studie: De Ingenieur, 27 Dec.
1923Bravo! [latijnsche redevoering van prof. Naber]: Schuitemakers Purmerender Courant, 10 April.
1923Een blijde tijding [verlaging jaarwedden] ibid., 9 Oct.
1924Volksaard of omstandigheden? [Delftsche studie]: De Ingenieur, 6 Sept.
1925Een hoog noodige leerstoel aan de T.H.S. [academische gebouwen]: De Ingenieur, 23 Mei.
1927Bravo, rektor! [Prof. Meijers over misbruiken]: Schuitemakers Purmerender Courant, 18 Oct.
1932Perspomp of vraagbaak [onderwijs]: Algem. Handelsblad, 14 Dec.

Middelbaar Onderwijs.

1897Meestersverdriet: De Gids, Nov. (ook afzonderlijk gedrukt voor Arnhemsche ouders van H.B.S. scholieren overgedr. in School en Leven.
1902Een volmaakt overbodige vereeniging: Zutphensch Dagblad, 6 Juni.
1906Verschoolmeesterd gymnasium: De Gids, Sept.
1922.Een zuiniger oplossing van het examen-vraagstuk: Weekblad de Amsterdammer, 7 Oct.
1925Plattelands Weelde [de natuur]: Schuitemakers Purmerender Courant, 21 Maart
1925Steekproeven: ibid., 24/31 Maart.
1925Haagsche bluf: ibid., 22 Sept.
1936Voor onze Hoogere Burgerschool-leerlingen: ibid., 12 Sept.

Lager onderwijs.

1898Is ons huidig L.O. zoo ingericht, dat het aan het doel eener goede opvoeding beantwoordt? Rede gehouden den 10en Augustus 1898 op het Onderwijs-Congres der nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid te 's Gravenhage.
1898Schooi op voetjes: De Gids, Sept.
1898Handenarbeid op de lagere school: De Gids, Oct.
1902De school der 20e eeuw: Tijdschrift v. Onderwijs en Handenarbeid.
1906Schoolproblemen: De Gids, Febr.
1907Een beter middel: Algem. Handelsblad, 13 Nov.
1909De africhting van den politiehond: De Gids, Febr.
1912Menschen-plankton, naar aanleiding van een bezoek aan een Noorweegsche lagere school: De Gids, Nov.

[p. 64]

1913Opvoeding en onderwijs: 't Herstelde Nederland (onder red. van gen. Fabius).
1913St. Nicolaas-geschenk voor jonggehuwden [boekbeoordeeling J. Ligthart].
1914J. Ligthart's Jeugdherinneringen [boekbeoordeeling]: De Gids, Nov.
1921Een land zonder schoolstrijd: Schuitemakers Purmerender Courant, 6 April.
1925Openbaar en bijzonder onderwijs [over een rede van P.M. Tutein Nolthenius in 1857]: Schuitemakers Purmerender Courant, 17 Maart.
1925Wat de school kost aan arbeider, middenstander en kapitalist: Weekblad De Amsterdammer, 14 Oct.
1928Les ecoles confessionelles aux Pays Bas: Journal de Genève, 27 Febr.
1933Leeren spreken op school: Algem. Handelsblad, 1 Juni.
1934Taalverslapping [bezwaren tegen spellingsvoorstel]: Algem. Handelsblad 29 Mei (ingez.)

Vakonderwijs.

1899Verslag der Inleiding ter vergadering in zake oprichting der Geldersche school voor Kunstnijverheid: Zutphensche Courant, 28 Nov.
1900Een nieuwe tak van kunstnijverheid in Gelderland [batikken]: Zutphensche Courant, 19 Mrt. (ongeteekend).
1900Onze kunstnijverheid in gevaar: De Gids, Dec. (overgedr. in: Middenstandskernen).
1902Een boos rapport (get. Molybdus): Zutphensch Dagblad, 23 Juni.
1902Heel veel vacantie (get. Molybdus): Zutphensch Dagblad, 23 Juli.
1904Over Nederlandsche Kunstnijverheid: De Gids, Oct.
1905Bijdrage tot Baedeker's Zuid-Duitschland: De Gids, Juni.
1905Nijverheidsonderwijs in Nederland (in het Fransch): (voordracht?) Internationaal Middenstands Congres te Luik, Augustus.
1906Een geldersche patroonsleergang: Eigen Haard, 26 Mei.
1906Vakonderwijs en middenstand: Dagblad De Telegraaf, 4 Nov. (onget.).
1906Staatscommissie van den middenstand: Middenstandsbond, 9 Nov. (onget.).
1906Het rapport over vakonderwijs: Maandblad voor vakonderwijs, Dec.
1906Op nieuwe banen, I: De Gids, Dec.
1906Is het wenschelijk om in afwachting van de organisatie van het vakonderwijs over te gaan tot het benoemen van een inspecteur voor het Handelsonderwijs? Middenstandsbond, Dec. (onget.).
1907Nota betreffende het vakonderwijs. Verslagen en mededeelingen van de afdeeling Handel van het Departement van Landbouw, Nijverheid en Handel. No. 2. Rapport aan H.M. de Koningin met bijgevoegde Nota betreffende het Vakonderwijs, van de Staatscommissie voor den Middenstand, Oct.
1908Een museum voor onze jongens [Deutsches Museum te München]: Tijdschrift voor de Maatschappij van Nijverheid, Nov.
1909Wat een zwitsersche stad [Zürich] overheeft voor beroepsonderwijs: Tijdschrift voor de Maatsch. van Nijverheid, Dec.
1919De ‘Freule’ [Jonkvr. de Bosch Kemper]: De Gids, Maart.
1920Advies in zake uniformiteit der handelscursussen: ? Congres v.d. Middenstandsbond, 20 Juli.
1934De ambachtsschool: Zutphensche Courant, 3 Nov.

Tentoonstellingen

1898Domui Nassauiae Arausiae Sacrum: Algem. Handelsblad, 30 Nov. (ondert. ‘R’).
1901Catalogus der Nederlandsch West-Indische Tentoonstelling [boekbespreking]: De Gids, Nov.

[p. 65]

1904Verslag van de Internationale Tentoonstelling van ambachtswerktuigen te Gent: Staatscourant, Aug.
1904Adres aan den gemeenteraad van Amsterdam in zake de Tentoonstelling: Kunst aan 't volk. Dagblad De Telegraaf, 23 Dec.
1905Repliek op een artikel van Fr. Coenen over dat artikel: ibid., 15 Jan.
1906Installatie Commissies Tentoonstelling van Ambachtswerktuigen te Amsterdam: Tijdschrift voor de Maatschappij van Nijverheid, Oct.
1906Installatie Commissies voor de Congressen, (idem): Alg. Handelsblad, 22 Nov.
1906Installatie Commissies voor de Congressen, (idem): Tijdschrift Maatschappij van Nijverheid, Dec.
1907Nijverheidstentoonstelling [bespreking met België]: Algem. Handelsblad, 6 Febr. (onget.).
1908Nederland in België [subsidie tentoonstelling te Brussel]: Algem. Handelsblad, 25 Oct.
1908Nogmaals Nederland in België: ibid. 27 Oct.
1908De beteekenis en gedaanteverwisseling der internationale tentoonstellingen: Algem. Handelsblad, 30 Oct.
1908De beteekenis der Brusselsche tentoonstelling voor Nederland: Algem. Handelsblad, 1 Nov.
1910Brusselsche tentoonstellingsgedachten: De Gids, Sept.
1908Ons Brusselsch paviljoen: Bouwkundig Weekblad, 29 Oct.
1911Nederland te Londen [opwekking tot deelname aan de Londensche tentoonstelling]: Algem. Handelsblad, 5 Dec.
1912Openingsrede Tentoonstelling van Kunstnijverheid en Volkskunst te Dordrecht: Dordsche Courant, 4 Mei.

Samenleving.

1879Aan den buitenman van het Handelsblad [Boissevain over adel]: Nieuws van den Dag, 1 Mei (ingez. ondert. Amsterdammer).
1884Misplaatste schroom [afschaffing Raad v. State]: Dagblad De Amsterdammer, II, 12 Januari (ondert. R.).
1884Zwervers van Staat [tarief voor reis- en verblijfkosten]: Dagblad De Amsterdammer, 26, 27 Januari (ondert. R.).
1884Een Prul [tarief voor reis- en verblijfkosten]: Weekblad De Amsterdammer, 31 Augustus (ondert. R.).
1887De gaskwestie: Dagblad De Amsterdammer, 26 Aug. (ingez. niet ondert.).
1897Een leesmuseum voor Zutphen: Zutphensche Courant, 2 Dec. (ingez.).
1899Groene steden en zwarte steden: De Gids, Nov. (overgedrukt in: de Nieuwe Wereld als: ‘Westersche steden’).
1899Oost Azië en Indië [boekbeoordeeling]: De Gids, Nov.
1899Gids der Nederlandsche weldadigheid [boekbeoordeeling]: De Gids, Nov.
1901Een belangrijk boek [Veefokkerij in Denemarken en Zwitserland]: Zutphensch Dagblad, 9 Sept. (get. Molybdus).
1901Taal en Christendom in Indië: Zutphensch Dagblad, 10 Oct. (get: Molybdus).
1901Kan en zal Roosevelt de boeren helpen?: Zutphensch Dagblad, 21, 22, 24, 25 Oct. (get. Molybdus).
1901Een gezellig staatshoofd [Roosevelt]: Zutphensch Dagblad, 22 Nov. (onget.).
1901Keizer Wilhelm na tafel: Zutphensch Dagblad, 25 Nov. (get. Molybdus).
1901In de kaart gekeken [repliek Indische Gids op ‘Taal en Christendom in Indië’]: Zutphensch Dagblad, 26 Nov. (get. Molybdus).

[p. 66]

1901Een staatsloterij met eere [afschaffing van Militaire examens]: Zutphensch Dagblad, 4 Dec. (get. Molybdus).
1901De Engelsche koloniën en de boerenoorlog: Zutphensch Dagblad, 18 Dec. (get. Molybdus).
1901De vrijzinnigdemocratische bond en de klassenstrijd: Zutphensch Dagblad, 20 Dec. (get. Molybdus).
1901Parlementaire wittebroodsweken: Zutphensch Dagblad, 28 Dec. (get. Molybdus).
1902Het Nut in de put: Zutphensch Dagblad, 29 Mei (get. Molybdus).
1902Gevaarlijk spel [gebrek dicipli rechterzijde]: Zutphensch Dagblad, 4 Juni (onget.?).
1902Een gouden feest zonder kroon [Vereeniging van de arbeidersklasse te Amsterdam]: Zutphensch Dagblad, 9 Juni (get. Molybdus).
1902Indië en de vrijzinnig democraten: Zutphensch Dagblad, 17 Juni (get. Molybdus).
1902Op leemen voet [omzetting Lipton in N.V.]: Zutphensch Dagblad, 24 Juni (get. Molybdus).
1902Teddy in négligé: De Gids, Juli.
1902Het Belgische verbroederingsfeest: Zutphensch Dagblad, 7 Juli (get. Molybdus).
1902Hokvaste Kamerleden: Zutphensch Dagblad, 9 Juli (get. Molybdus).
1902Wat de Zutphenaren volgens de beroeps-telling zijn: Zutphensch Dagblad, 15 Juli (get. Molybdus).
1902Zutphen voor 10 jaren en thans: Zutphensch Dagblad, 18 Juli (get. Molybdus).
1902Weerlegging van den heer Israëls over mijne politiek: Algem. Handelsblad, 21 Sept. (ingez.).
1902Een hypotheekbank voor boeren: Utrechtsch Provinciaal en stedelijk Dagblad, 28 Oct. (ingez.).
1902Een spook dat niet meer spoken kan [clericalisme]: Zutphensch Dagblad, 10 Nov. (get. Molybdus).
1902Is het tegenwoordige Ministerie inderdaad een Coalitie-kabinet?: Zutphensch Dagblad, 25 Nov. (get. Molybdus).
1903Geen phantasie, maar waarheid [gemeente exploitatie te Glasgow]: Algem. Handelsblad, 3 Apr. (ingez.).
1903De heer Simons en de engelsche belastingen: Algem. Handelsblad, 16 Apr. (ingez.).
1905De heer Talens en de waarheid [verdediging van F. Westerouwen van Meeteren]: Dagblad De Telegraaf, 25 Juli (ingez.).
1906Onze Duitsche Zustervereenigingen [verslag van een voordracht voor de Maatschappij van Nijverheid]: Alg. Handelsblad, 14 Mrt.
1907Staatsexploitatie van Staatsspoorwegen: Algem. Handelsblad, 10 Febr. (ingez.).
1907Onder den zelfden titel repliek van Neiszen: ibid. 16 Febr.
1908Ander Amerika [H.S.S. Kuyper, Een half jaar in Amerika]: De Gids, Apr.
1908Dienstbodenpraatje: De Gids, Aug.
1909Westersch en Oostersch Nederland [boekbeoordeeling]: De Gids, Jan.
1909De Bagdadspoorweg [boekbeoordeeling]: De Gids, Apr.
1909Volksgeloof en volksleven [boekbeoordeeling]: De Gids, Aug.
1910‘Une juste observation’ [ontbreken van handwijzers]: Ospedaletti hivernal, 1 Febr.
1910Schetsen uit de strafgevangenis [boekbeoordeeling]: De Gids, Juni.
1910Een grootsche onderneming [Smissaert, Nederland in de 20ste eeuw, boekbeoordeeling]: De Gids, Aug.
1910Politieke brand- en inbraakpremie [onze kustverdediging]: Algem. Handelsblad, 2 Dec. (ingez.).

[p. 67]

1910Het 46 millioen voorstel [zelfde onderwerp]: Weekblad De Middenstander, Rotterdamsche Handelsvereeniging, 10 Dec.
1910Politieke brand- en inbraakpremie. (ingez.) repliek aan v. Lintum: Algem. Handelsblad, 12 Dec.
1911Groote illusiën [Norman Angelli, boekbeoordeeling]: Weekblad De Amsterdammer, 4 Juni.
1912Wat Goethe niet zag in Sicilië: De Gids, Apr./Mei.
1912Mijlpalen: De Gids, Juni.
1913Gouden regen [Everwijn, Handel en Nijverheid in Nederland]: De Gids, Febr.
1914Historische fragmenten [Joh. Been, boekbeoordeeling]: De Gids, Jan.
1914Kleiner papieren geld: Algem. Handelsblad, 3 Aug. (ingez.).
1914Oorlogsbelasting of weerbelasting?: De nieuwe Financier en Kapitalist, 18 Nov. (ingez. ondert.: R.T.N.).
1915Wartime and peace in Holland [boekbeoordeeling]: De Gids, Apr.
1915Voornaamste huizen in 's Hertogenbosch [boekbeoordeeling]: De Gids, Mei.
1916Register van Handel en Nijverheid: Tijdschrift van de Maatsch. voor Nijverheid, Februari.
1918De publiciteit van het Handelsregister en het te verwachten deficit: Algem. Handelsblad, 3 Jan.
1918Nogmaals het Handelsregister: ibid, 20 Jan. (ingez.).
1918Referendum en initiatief, I: De Gids, Nov.
1918Nieuw Amerika [oorlogsarbeid]: ibid., Dec.
1919Referendum en initiatief, II: ibid., Jan.
1919Wat is democratie? I: Weekblad De Amsterdammer, 1 Febr.
1919De woordenrijkheid van ons Parlement en hare bestrijding: Algem. Handelsblad, 2 Febr. (ingez.).
1919Wat is democratie? II: Weekblad De Amsterdammer, 10 Aug.
1920Het vreemde-talen vraagstuk [Friesch]: ibid., 6 Mrt.
1920De Zwitsersche opleiding tot jurist: ibid., 22 Mei.
1920De Zwitsersche volksbeslissing in zake den volkerenbond: Algem. Handelsblad, 26 Mei.
1920Zal men er gehoor aan geven? [Decentralisatie]: Schuitemakers Purmerender Courant, 8 Dec.
1920De Staatscommissie voor de grondwetherziening en het referendum: Algem. Handelsblad. 16 Dec.
1920Het ei van Columbus [Zwitsersche Ministers]: Schuitemakers Purmerender Courant, 22 Dec.
1921Hoe de wettenfabriek werkt: ibid., 19 Jan.
1921Referendum en initiatief: ibid., 26 Jan.
1921De kat uit de zak [Minister van Gijn over de Zuiderzee]: ibid., 2 Febr.
1921Mooie pakjes [Zwitsersche rechters, geen costuum]: ibid., 16 Febr.
1921Referendum en decentralisatie: Middenstandsbond, 11 Mrt.
1921Vredestichters [Zwitsersche vrederechters]: Schuitemakers Purmerender Courant, 23 Maart.
1921Over aardappels en ambtenaren [volkskeuze]: ibid., 3 Apr.
1921Hoe Eduard Bok Amerikaan werd: Weekblad De Amsterdammer, 14 Mei.
1921Dure beestjes [wisselen van ministers]: ibid., 26 Juni.
1921Een vrouwen-man [E. Bok]: Tijdschrift ‘Zij’, Aug.
1921Zóó een moesten wij hebben! [Minister van Financiën in N. Amerika]: Schuitemakers Purmerender Courant, 13 Aug.

[p. 68]

1921Een held [waarschuwing tegen begaafden-kweekerij]: ibid., 3 Sept.
1921Waarom het knijpt [de belastingen]: ibid., 6 Sept.
1921Een emmertje koud water [Nederlands inkomen per persoon]: ibid., 13 Sept.
1921Onze vlag: ibid., 20 Sept.
1921Desespereert niet: [over het referendum]: Tijdschrift ‘Zij’, Oct.
1921Het land der onbegrensde mogelijkheden [Nederland in den vreemde]: Schuitemakers Purmerender Courant, 18 Oct.
1921Is ons Parlement omkoopbaar?: Weekblad De Amsterdammer, 12 Nov.
1921Zwarte Piet. [daling Markenkoers]: Schuitemakers Purmerender Courant, 15 Nov.
1921‘Spreekzaal’, naar aanleiding van een opmerking in de Nieuwe Courant over T.N.'s art. van 12 Nov.: Weekblad De Amsterdammer, 25 Nov. (ingez.).
1921De Boschwet: Algem. Handelsblad, 3 Dec.
1921Kamer-praatje [afstemming Referendum]: Schuitemakers Purmerender Courant, 3 Dec.
1921E.V. en referendum: Ons Land, 15 Dec. (ingez.).
1921Hoe moet de boschwet er uit zien?: Algem. Handelsblad, 28 Dec.
1922Onder de plak [Kamerclubs]: Schuitemakers Purmerender Courant, 28 Jan.
1922Voet bij stuk [de grondwetherziening]: ibid., 18 Febr.
1922Nogmaals voet bij stuk: ibid., 4 Mrt.
1922Donkere plekken in de Zwitsersche staatshuishouding: Nieuwe Rotterdammer Courant, 16 Mrt.
1922Wat Brielle beteekent: Schuitemakers Purmerender Courant, 18 Mrt.
1922Referendum en grondwetsherziening: Algem. Handelsblad, 25 Mrt. (ingez.).
1922Een jongen van sta vast [Roosevelt]: Schuitemakers Purmerender Courant, 1 Apr.
1922Een oer-Hollander [Roosevelt]: Weekblad De Amsterdammer, 22 Apr.
1922Een te weinig bekend boek [J. de la Gravière, Les Gueux de la mer]: Algem. Handelsblad, 24 Apr.
1922Hoe langer hoe gekker [Partijlooze Partij]: Schuitemakers Purmerender Courant, 9 Mei.
1922Voorbeeld ter navolging [Zwitsersche decentralisatie]: Algemeen Handelsblad, 24 Mei.
1922Een Italiaansch oordeel over de evenredige vertegenwoordiging: Algemeen Handelsblad, 25 Aug. (ingez.).
1922De derde klasse: Algemeen Handelsblad, 31 Oct. (ingez.).
1922De Zwitsersche Boerenbond: De Economist, Nov.
1922Pot en ketel [Europeaan en Aziaat]: Schuitemakers Purmerender Courant, 28 Nov.
1922Meten met gelijke maten [Europeaan en Aziaat]: ibid., 2 Dec.
1922Hollandsche ticheltjes: ibid., 5 Dec.
1922Een vruchtbaar leven [Archivaris Bruinvis]: ibid., 9 Dec.
1922Niet ter navolging [Elzas]: ibid., 27 Dec.
1923Het Zwitsersche boerensecretariaat: 6, 9 Jan.
1923Een bedenkelijk peetvader [Napoleon; centralisatie]: ibid., 13 Mrt.
1923Lessen der Geschiedenis [centralisatie]: ibid., 17 Mrt.
1923De gevolgen van een misverstand [Parlement] ibid., 20 Mrt.
1923Kanton- en vrederechters: ibid, 12 Juni.
1923Op het hellend vlak [centralisatie]: ibid., 10 Juli.
1923Als de kat... [val van het Czarenrijk]: ibid., 17 Juli.
1923Waarom Nederland werd gespaard [Wereldoorlog]: ibid., 21, 24 Juli.
1923Het eenig afdoend bezuinigingsmiddel [decentralisatie]: Tijdschrift van de Maatschappij van Nijverheid, Sept.

[p. 69]

1923Om uit je vel te springen [Bezuinigings Cie]: Schuitemakers Purmerender Courant, 13 Oct.
1923Het uitdroogen der buitengemeenten: ibid., 23 Oct.
1923Belastingbloempjes: ibid., 27 Oct.
1923Als er één buikpijn had gehad [vlootwet]: ibid., 3 Nov.
1923Puntjes op de i [ambtenaars-salarissen]: Tijdschrift van den Middenstandsbond, 13 Nov.
1923Boter aan de galg [Wetsontwerp van Dorp]: Schuitemakers Purmerender Courant, 24 Nov.
1923Lloyd George: ibid., 4, 8 Dec.
1923Niemand kan twee heeren dienen [burgemeestersbenoeming]: Tijdschrift van den Middenstandsbond, 7, 14 Dec.
1923E.V. en Zakenministerie: Algemeen Handelsblad, 12 Dec. (ingez.).
1923Waarom het in Engeland kraakt [arbeiders vraagstuk]: Schuitemakers Purmerender Courant, 18 Dec.
1923Referendum: Maandblad A.N.V.O., Dec.
1923Het 5de gebod [eeren van het voorgeslacht]: Schuitemakers Purmerender Courant. 22 Dec.
1924Boerenadel [erfpacht]: ibid., 29 Jan., 2 Febr.
1924Het eerste verstandige woord [nationaal ministerie]: ibid., 5 Febr.
1924Ambtenaar-salarissen: ibid., 11 Mrt.
1924Sterreregen [ridderorden]: ibid., 22 Sept.
1924Rentmeesters [G.M. Kann, Nijmegen]: ibid., 25 Sept.
1925Eerherstel [de O.I. Compagnie geen koloniseerend lichaam]: Weekblad De Amsterdammer, 21 Mrt.
1925Taal-veelheid [het Friesch in eere te herstellen]: Schuitemakers Purmerender Courant, 7 April.
1925Landverhuizing, ibid., 14 April.
1925Cijfers die te denken geven [statistiek]: ibid., 21 April.
1925Het geheim [Cavaliere de Hondt]: ibid., 28 April.
1925Met niets begonnen [gebroeders Lever]: ibid., 26 Mei.
1925Waarom zijn de subsidies zoo verderfelijk? ibid., 2 Juni.
1925Eén dags Koning [de Kiezer]: ibid., 14 Juli.
1925Een moeielijk geval ter oplossing [bloemen plukken]: ibid., 21 Juli.
1925Haagsche bluf [centralisatie]: ibid., 22 Juli.
1925Het normaalpeil van onzen levensstandaard vóór den oorlog: Tijdschrift van de Maatschappij voor Nijverheid. Dec.
1926Hoe voor 450 jaren de Zwitsers ons land verlosten: Schuitemakers Purmerender Courant, 24, 27, 31 Juli, 3 Aug.
1926Volkswetgeving [referendum]: Weekblad De Amsterdammer, 4 Sept.
1926Haagsche janboel [rekenkamer]: Schuitemakers Purmerender Courant, 14 Sept.
1927Onze nederzettingen in en buiten Europa [het Wetsontwerp tot belasten der uitwonenden]: Algem. Handelsblad. 15 Juli. (ingez.).
1927De brave Kaperkapitein [Lökner]: Schuitemakers Purmerender Courant, 23 Juli.
1927Misplaatst medelijden (Sacco): ibid., 10 Sept.
1927Waaraan het hapert, [volkerenbond]: ibid., 13 Sept.
1927Robinson op het onbewoonbare eiland [F.G. Waller over te hooge arbeidsloonen]: ibid., 27 Sept.
1928Eén dag Minister [Lord Grey's dagverdeeling]: ibid., 21 Apr.
1928Roosevelt's raad [‘Doe water in den wijn’]: ibid., 24 Apr.

[p. 70]

1931Eendracht maakt macht [Boerenbond]: Algem. Handelsblad, 13 Sept.
1931Oogstpreek [te La Tour de Peilz]: Schuitemakers Purmerender Courant, 24 Oct.
1931De ‘ijzeren’ boer [graanbouw in Kansas]: ibid., 31 Oct.
1931Van den Walburgkerktoren: Algemeen Handelsblad, 25 Sept.
1931Zij die getuigden [Edison, Pasteur]: Schuitemakers Purmerender Courant. 14 Nov.
1932L'industrie soviétique: Feuille d'avis de Vevey. 29 Mrt.
1932In Czaar Peter's huisje [Soviet industrie]: Schuitemakers Purmerender Courant, 2 Apr.
1932Kruid en onkruid [Amerikaansche sterrewichelaars]: ibid., 26 April.
1932Als het getij verloopt [verschuiving van het bedrijfsleven]: ibid. 24 Mei.
1932Bevolkingsellende: ibid., 11 Juni.
1932A propos des méthodes de Voronof: Feuille d'avis de Vevey, 9 Sept.
1932Oorlogs nawee [Amerikaansche veteranen]: Schuitemakers Purmerender Courant, 22 Oct.
1932Hoe meer en beter te bezuinigen [de zweep]: ibid., 29 Oct.
1932Te veel hooi op de vork [centralisatie]: ibid., 8 Nov.
1932De aanhouder wint [Edison]: ibid., 26 Nov.
1933Geluk-zoekers [huwelijksaanvragen]: ibid., 4, 7 Febr.
1933Van Friesland begint de victorie [decentralisatie]: ibid., 4, 7 Mrt.
1933Prins Willem van Oranje: Algemeen Handelsblad, 10 Mei.
1933De beteekenis der Friezen voor ons volksbestaan: Schuitemakers Purmerender Courant, 3 Oct.
1933Jongens van Jan de Witt [redding der ‘Atlantique’] ibid., 24, 31 Oct.
1934Geluk-brengers: ibid., 25 Aug.
1934De wonderlijke paling: ibid., 29 Sept.
1934De leelijke musch: ibid., 9 Oct.
1934Le pétrole contre le gaz: Feuille d'avis de Vevey, 20 Dec.
1934Gemeente-vlaggen: Nieuwsblad voor Friesland, Heereveen, 7 Febr. (ingez.).
1934France-Hollande: Gazette de Lausanne, 19 Mrt.
1935Lang leve de wind: Schuitemakers Purmerender Courant, 29 Jan.
1935La Guillotine avant Guillotin: Mercure de France, 15 Nov.
1935Een vreemd geval: Schuitemakers Purmerender Courant, 19 Febr.
1935Uit de oude doos: ibid., 9 Apr.
1936Hoezee!: De Ingenieur, 3 Jan.
1936Onze viervoeters op school: Schuitemakers Purmerender Courant, 4 Jan.
1936‘De Ingenieur’ 50 jaar: Algem. Handelsblad, 5 Jan.
1936De kattengeschiedenis: ibid., 18 Jan.
1936Herinnering aan Kampen: Kamper Courant, 21 Jan.
1936Een dringend geval: De Ingenieur, 24 Jan.
1936Wat de Hemelen ons vertellen: Schuitemakers Purmerender Courant, 29 Febr.
1936Zonnekinderen: ibid., 3 Mrt.
1936Terug op den aardbol: ibid., 7 Mrt.
1936De Amerikaansche ‘Van's’: De Ingenieur, 22 Mei.
1936Vrolijke gevangenissen: Schuitemakers Purmerender Courant, 27 Juni.
1936De Zwitsersche Boerenbond: Brielsche Courant, 21 Aug.
1936Switsersk Fryslan, hoofdartikel vertaald door H. Uden Masman: De Fries om Utens, October.
1936De Prettigste Vacantiedag: Schuitemakers Purmerender Courant, 6 Oct.
1936De Leukste dag in de Vacantie: ibid., 24 Nov.
1937Een Canadeesch verhaaltje: ibid., 6 Apr.

[p. 71]

1937Volharden! Volharden! [Friesch en Provençaalsch]: Leeuwarder Nieuwsblad, 24 Mei.
1938Ouder dan 40 jaar: De Ingenieur, 25 Mrt.
1938Verzuchtingen: De Ingenieur, 15 Juli.
1939Over: Comment j'ai trouvé la lumière’ par Renée Micaele (Ed. Jean Mayer, Paris): Bulletin du cercle prichique Montreux-Vevey, ‘le Cep’. Juni.

Middenstand.

1901Gevaarlijke vrienden [Fokker. Treub]: Zutphensch Dagblad, 16 Aug. (geteekent: Molybdus).
1902Verslag 3de Congres Intern. te Amsterdam: Staats Courant, 12 Dec.
1903Verslag over het Nationale Congres voor den Handeldrijvenden Middenstand, op 9 en 10 Sept. te Rotterdam: Staats Courant, 18 Dec.
1904Verslag over de eerste algemeene vergadering van den Nederlandschen Bond van vereenigingen van den handeldrijvenden middelstand, op 29 en 30 Juni te Utrecht: Staats Courant, Aug.
1906Verslag omtrent het Internationale Congres van den Handeldrijvenden, Industriëelen en Landbouwenden Middenstand, gehouden te Luik, 16, 17, 18 Aug. 1905: Staats Courant. (bijvoegsel v. 11, 12 Febr. No. 35. (1906)).
1906Openingsrede van de vergadering der Staats Commissie van den Middenstand: De Middenstandsbond, Febr.
1906De organisatie der duitsche ambachtsnijverheid. De Gids, Maart.
1906De organiseering onzer Ambachts-Nijverheid: De Gids, April.
1906Is een cheque- en girodienst bij de posterijen aan te bevelen uit een Middenstandsoogpunt?: De Middenstandsbond, Juni.
1906De voordeelen van den Middeneuropeeschen tijd. De Middenstandsbond. Dec. Op nieuwe banen I: De Gids, Dec.
1907‘Huisverzorging’: Weekblad ‘De Winkelier’, 9 Mrt. (ondert. Ralph).
1907Op nieuwe banen II: De Gids, Mei.
1907Vakorganisatie van den Middenstand: Middenstands-Congres.
1907Schulze-Délitz of Raffeisen? Congres: Tentoonstelling van ambachtswerktuigen, September.
1908Het Internationale Middenstandscongres te Weenen: Algem. Handelsblad, 10 Oct.
1908Ontwerp-wet ter oprichting van Middenstands-kamers: Departement van Landbouw, Nijverheid en Handel, Staatscommissie voor den Middenstand, Jaargang 1908, No. 3. (Oct.).
1909Het verleenen van voorschotten op boekvorderingen: Middenstandsbond, 5, 12 Mrt.
1909Tiroolsche brieven I-V: Tijdschrift van de Maatschappij van Nijverheid. Mei/September.
1909Middenstand en huisindustrie: ibid., Nov.
1910Duitsche Middenstandscijfers: ibid. Jan.
1910De oorzaak der Middenstandsbeweging: Feestnummer der 's Gravenhaagsche Winkeliers vereeniging.
1910Advies in zake Oneerlijke Concurrentie: Middenstands-Congres.
1910Ontwerp-wet op de Winkelsluiting: Departement van Landbouw, Nijverheid en Handel, Staatscommissie.
1911Wat onze Middenstand heeft te doen: Jaarboekje Christophilos van het Nederlandsch Jongelieden verbond.
1911(Het ‘Boek voor den Middenstand’). Een les voor velen [organiseering der installateurs]. Handel. Rotterdam. Febr.

[p. 72]

1911Eene Nederlandsche Winkelweek. Tijdschrift van de Maatschappij van Nijverheid, Maart.
1912Wat een duitsche handwerkskamer ons leert in zake de publiek-rechtelijke vertegenwoordiging van den Middenstand: De Middenstandsbond, 19 Apr.
1914De toekomst van het Handwerk. Gedenkboek der Deventersche Vereeniging van Nijveren.
1920De Middenstandsveldtocht tegen de H.A.M. (Haagsche Aanneming Maatschappij): De Middenstandsbond, 5 Nov.
1921Bedankbrief aan het Bondsbureau, met hoofdpunten mijner werkzaamheid: ibid., 17 Juni.
1922De Middenstand en de Staatskundige partijen: ibid., 8 Apr.
1922Een blik in de Toekomst: ibid., 1 Sept.
1923Hoe de postchèque- en girodienst onschadelijk te maken: ibid., 1 Juni.
1923Les dangers du chèque postal: Gazette de Lausanne, 24 Sept.
1924De voorgestelde wijziging der Handelsregisterwet. De Middenstandsbond, 4 Jan.
1924Middenstandseer en advocatenvooroordeel: ibid., 6 Juni.
1924De pluim op den verkeerden hoed: ibid., 27 Juni.
1927Toekomst en Verleden: Tijdschrift Maatschappij van Nijverheid, Juni. (Jubileumsnummer).
1927Uit lang vervlogen tijden: De Middenstandsbond, 19 Aug. (Jubileumsnummer).

Schoone Kunsten.

1899Oud-Zutphen: Tijdschrift van de Maatschappij van Bouwkunde.
1901Sprekende Steenen I, II: De Gids, Mrt. Apr.
1902Een der Onzen [Viollet le Duc, feestrede]: Tijdschrift van de Maatschappij van Bouwkunde.
1906Kunsthofjes: De Gids, Dec.
1908De Nieuwezijds Kapel als Rijksmuseum voor Kerkelijke Kunst: Algem. Handelsblad, 4 Mrt.
1908Damreiniging: ibid., 23 Juli. (ingez.).
1908Herboren Vrouwenkunst [handweven]: De Gids, Sept.
1909Kralenrijgen [Mej. M. Verwey]: De Gids, Jan.
1909Tachtig boerenhuizen [van der Kloot Meijburg]: De Gids, Jan.
1909Bouwkunst, 2 maandelijksch tijdschrift [boekbeoordeeling]: De Gids, Aug.
1909Onbrandbare rieten daken: Bouwkundig Weekblad, 23 Oct.
1909Onbrandbare rieten daken: Tijdschrift van de Maatschappij van Nijverheid, Nov.
1910Volkspark en Openlucht-Museum aan de overzijde van het IJ: weekblad De Amsterdammer, 25 Sept.
1912Brand in de groote Jan [Rijksmuseum]: De Gids, Jan.
1912Oude Kunst voor 't nieuwe leven [Kalf. baronie van Breda]: De Gids, Mei.
1913Gids Museum Meermanno-Westrenianum [boekbeoordeeling]: De Gids, Mrt.
1913Plattelandsglorie [dorpskerken]: De Gids, Juli.
1913Steyn Streuvel's Woning in Vlaanderen [boekbeoordeeling]: De Gids, Dec.
1913Armoedig Noorden, van Welderen Rengers [boekbeoordeeling]: De Gids, Dec.
1914Hollandsche steden met belgische oogen bezien [Dumont Wilden]: De Gids, Mrt.
1916Flos Etruriae I, II: De Gids, Jan. Febr.
1916De drijvende kracht: De Gids, Aug.
1917Van der Kloot Meijburg [boekbeoordeeling]: De Gids, Dec.
1919Bebouwing van straten met bogengangen: Algem. Handelsblad, 10 Juli.
1919Ander Zwitserland: De Gids, Sept.

[p. 73]

1920Brief aan de architecten van Nieukerken te 's-Hage, in zake het gebouw van de Handelmaatschappij: 24 Sept.
1920Halve waarheden op bouwkundig gebied: Weekblad De Amsterdammer, 20 Nov.
1921De onbewoonbaarverklaring van het Rijksmuseum [vervanging door plaatselijke musea]: Schuitemakers Purmerender Courant. 16 Aug.
1922Kunst voor of door het volk [zelf doen hoofdzaak]: Schuitemakers Purmerender Courant. 7 Mrt.
1923Eerherstel [Waterstaatskerken]: De Ingenieur, 18 Aug.
1924Nabouwers [Hollandsche renaissance]: Schuitemakers Purmerender Courant, 15 Mrt.
1924Beschilderde meubelen: ibid., 15 Sept.
1924Topgeveltjes: ibid., 18 Sept.
1925Zur Trachtenfrage: Neue Züricher Zeitung. 8 Sept. (niet onderteekend).
1927Japonnen en jassen [boek van Mevr. Der Kinderen]: Weekblad De Amsterdammer, 19 Febr.
1933A propos des costumes nationaux: Gazette de Lausanne. 22 Oct.

Letterkunde.

1870Skizzen aus unserm Leben, mit Benützung von Goethe's Faust. Prolog en Lied Greth v.D.E. Siegenbeek van Heukelom: Delftsche Studenten Almanak (onget.).
1872De Delftsche rarekiek: Delftsche Studenten Almanak.
1895Nieuwe vaandels en oude tropheën [Berlijn]: De Gids, Jan.
1897De Zutphensche librye [bij een teekening van J. Veth]: Weekblad De Kroniek, 26 Sept.
1898Op Zondag morgen [preeken van Jo. de Vries]: De Gids, Mrt.
1898Dr. Byvanck te Vlaardingen. (onder. ‘R.’) (over 19de-eeuwsche Nederlandsche poëzie): Algem. Handelsblad. 20 en 22 Nov. (feuilleton ondert.: ‘R.’).
1899Noten-kraker en muizenkoning: De Gids.
1899Om en over een Amerikaanschen roman [David Harum]: De Gids, Sept.
1899Sprookjes van Andersen: De Gids, Nov.
1900De pastorie van Noddebö: De Gids, Febr.
1901Amerika [Taal- en leterkundig Congres te Nijmegen]: Arnhemsche Courant, 29 Augustus.
1902Uit Insulinde [Oostersche verpoozingen]: De Gids, Nov.
1903G. Carelsen [beschrijving van ‘Rozenhage’]: De Gids, Juni.
1904Leerjaren [Ver Loren van Themaat in Zuid-Afrika]: De Gids, Febr.
1909Ons eigen mooie land [boekbeoordeeling]: De Gids, Sept.
1910Arme Zwerfster: De Gids, Mrt.
1916Eereprijs [‘Gaspard’ door R. Benjamin]: De Gids. Apr.
1916Een patriotisch werk over Mevrouw de Stael [Köhler]: De Gids, Sept.
1917Een bezoek aan Coppet I, II: De Gids, Juni, Aug.
1917Kleine Wenken: De Gids, Oct.
1917Het vervolg [Barbusse: ‘Le Feu’]: De Gids, Dec.
1918Doktersvisite: De Gids, Mrt.
1918Vrouwenideaal: De Gids, Apr.
1918Een bezoek aan Coppet III, IV: De Gids, Juni/Juli.
1921Onze vlag: Schuitemakers Purmerender Courant, 21 Sept.
1921Een vaderlandslievend drama [Davel]: ibid. 24 Sept.
1924Koninginne lief- en leed [Koningin Victoria]: ibid., 26 Febr. 1, 4 Mrt.
1924Over jassen en japonnen [Koningin Victoria]: ibid., 18 Mrt.

[p. 74]

1924Over wie de jassen en japonnen droegen [Koningin Victoria]: ibid., 22 Mrt.
1925Het kerkje om den hoek [te New-York]: ibid., 5 Mei.
1925Historische tooneelspelen: ibid., 9 Juni.
1928Recepten, doch niet voor de keuken [Dorothy Dix]: Tijdschrift Leven en Werken, Januari.
1928Voorwoord van ‘Huwelijkspiloot’. (uitgeg. door Tjeenk Willink), Dec.
1936Toen ik nog was Gidsredacteur [op verzoek der redactie geschreven]: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde 1936-'37, Nov.
1938Ingezonden stukje over ‘Causerie’, in Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde: De Ingenieur, 14 Jan.
1938Protesteer dat v.P. in boekaankondiging schrijft dat ik aan 't slot van mijn jaarboek-artikel geef eene geloofsbelijdenis: De Ingenieur, 14 Jan.