De Revisor. Jaargang 1


auteur: [tijdschrift] Revisor, De


bron: De Revisor. Jaargang 1. Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam 1974


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 35]

Chr. J. van Geel

Boom om

 
De met een open oog gevallen boom,
 
donker van regen uit omzien getild,
 
zijn tak beklemd, de honger ongestild,
 
ligt waar hij viel, ruist in zijn kroon.

Bijen

 
Als ik mij buk naar takken die ik raap,
 
naar honing die de grond van bloemen is,
 
ik die de tuin inloop, schrikken zij niet.
 
 
 
Verknocht als zij aan wat ze doen, verdiep
 
ik mij in wat ik breek, verzet hun zoemen
 
van bloem naar bloemen op begane grond.

St. Jacobskruiskruid

 
Als snoerde het de buikriem dicht,
 
een als een steen gezette bloem
 
waar geel gewiegde rupsen komen.
 
 
 
Als kind al zag ik stengels die
 
geen bloemen duldden, was ik in
 
de stralen die vanuit het hart
 
 
 
ontbreken in het ruige kruid,
 
in het benauwde van beklemde
 
bloei verdiept.

Vlieg

 
Een web, hij trekt de draad
 
als deken om zich heen
 
en slaapt het rag vol dauw,
 
gevangen edelsteen.
 
 
 
Hij zweet, hij smeedt zijn huis
 
vol diamanten om
 
tot puin dat aan hem hangt
 
zolang hij vliegt in droom.
 
 
 
het is alsof de dingen die gebeuren
 
volmaakter zich aan ons voltrokken toen
 
wij heler onverbloemd beschikbaar waren.
 
 
 
het enige protest is doelloos zijn,
 
juist als een nieuw bedoelen zich verbeeldt.
 
Stijf en ineengekrompen zit het beest
 
omringd door wat hem overkomen is.