Comité van waakzaamheid van anti-nationaalsocialistische intellectuelen


auteur: [tijdschrift] Waakzaamheid


bron: Comité van waakzaamheid van anti-nationaalsocialistische intellectuelen. Comité van waakzaamheid, Amsterdam 1936


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 1]

Comite van waakzaamheid
van anti-nationaalsocialistische intellectuelen

AMSTERDAM, November 1936

 

In de hedendaagse cultuur treden als ontbindingsverschijnselen meer en meer aan de dag de vernedering van de wetenschap tot dienstmaagd van een mythologie, de daarmee in verband staande ambtsontzetting en verjaging van tal van haar beoefenaren terwille van volstrekt hypothetische ras-superioriteit of als strijdmiddel tegen humanistische ideeën, verder de diskwalificatie van een bepaald gedeelte van de volks gemeenschap, n.l. het Joodse en de vervolging van anderen om hun overtuiging, ook op godsdienstig en politiek gebied.

 

Het grootste gevaar is misschien echter wel de hand over hand toenemende vervlakking en verruwing van het geestelijk en maatschappelijk leven, met als gevolg het geleidelijk en bijna ongemerkt afstompen van het critisch vermogen en van de ethische normen onder brede lagen van de bevolking, zelfs onder intellectuelen. De tijd is daarom voorbij, dat wij, intellectuelen, deze dingen òf niet, òf van buiten af konden beschouwen. Meer nog dan in Juni, toen wij, anti-nationaalsocialistische intellectuelen, het Comité van Waakzaamheid oprichtten, zijn wij er nu van overtuigd, dat wij een taak te vervullen hebben, dat het plicht is gezamenlijk op te komen voor de verdediging der culturele vrijheid en tegen de geestelijke dictatuur in het algemeen.

 

Immers, zo er ooit al twijfel aan bestaan heeft, of het fascisme en nationaalsocialisme oorspronkelijk gedacht mogen zijn als alleen voor binnenlands gebruik (resp. in Italië en Duitsland) bestemd, tegenwoordig is het zeker, niet alleen dat beide bewegingen streven naar uitbreiding over Europa, maar tevens, dat zij daarbij in de praktijk, min of meer evident, tot samenwerking gekomen zijn: een dreigend feit, dat ook voor de onafhankelijkheid van onze nationale cultuur (zie b.v. de duidelijk Duitse oriëntatie van de N.S.B.) van vitale betekenis zou kunnen blijken. Daarom zijn wij er meer dan ooit van overtuigd, dat het geen negativisme is, dat ons verbindt, zóózeer, dat wij ons op het ogenblik en voor de eerstvolgende tijden zelfs niets positievers kunnen voorstellen, dan de strijd tegen het nationaalsocialisme en alle andere bewegingen van dezelfde aard, omdat meer en meer blijkt, dat dit een strijd is, niet slechts, zoals wij het toen formuleerden ‘voor de vrijheid van onderzoek en meningsuiting en daarmee voor de ontwikkeling van maatschappij, cultuur en wetenschap’, maar ook voor onze menselijkheid en al haar waarden, ja mogelijk zelfs voor ons bestaan en ons leven. Dat wij de waarden, die wij de hoogste achten, in dit tijdsgewricht verdedigen moeten, dat wij in het defensief gedrongen zijn, wil niet zeggen, dat wij negatief zijn. Integendeel! Veeleer is het nationaalsocialisme, in zijn uiteindelijk hopeloos streven om de oude maatschappij in nieuwe vormen te bewaren, negatief. Het zal en kan ook voor niets en niemand terugdeinzen die òf de oude maatschappij in haar oude vormen wil handhaven, òf in nieuwe vormen een nieuwe maatschappij nastreeft. De strijd tegen het nationaalsocialisme is daarom bij uitstek positief, omdat het nationaalsocialisme zelf de negatie is zowel van het verleden, als ook van de toekomst.

 

Daarom moeten wij onze krachten verzamelen, niet als politieke groepering, maar als een concentratie van alle intellectuelen tot geestelijke weerbaarheid. Wij zullen dit moeten doen, wil de geschiedenis niet van ons zeggen, dat wij een getij niet gekeerd hebben, dat we hadden kunnen keren, indien wij allen, toen de nood op zijn hoogst was, naar de dijken waren gesneld, om het elke dag groter wordende gat te dichten.

[p. 2]

Aldus luidde onze beginsel verklaring van Juni j.l.:

 

De Nederlandsche intellectuelen, wier namen hieronder volgen, zich verenigend, ongeacht hun politieke overtuiging,

 

van oordeel, dat het nationaalsocialisme en alle andere groeperingen van dezelfde aard een ernstig gevaar betekenen voor de vrijheid van onderzoek en meningsuiting en daarmede voor de ontwikkeling van maatschappij, cultuur en wetenschap,

besluiten een Comité van Waakzaamheid te stichten als centrum van alle intellectuelen, die zich het gevaar van het nationaalsocialisme bewust zijn en het willen bestrijden,

 

en bevestigen hun besluit om gezamenlijk op te komen voor de verdediging der geestelijke vrijheid en tegen het nationaalsocialisme, dat dit essentiële cultuurgoed belaagt.

 

Het Comité stelt zich zijn werkzaamheid in de volgende vormen voor: publicaties in de pers, het uitgeven van brochures en zo mogelijk een periodiek;

het vormen van leesclubs, vak- en studiegroepen;

het houden van vergaderingen;

samenwerking met groeperingen, die hetzelfde of een verwant doel nastreven.

 

De eerste brochure, getiteld ‘Het Nationaalsocialisme als Geestelijk Gevaar’, geschreven door Prof. Dr. Ph. Kohnstamm, verschijnt in de tweede helft van November in samenwerking met de uitgever van Gorcum & Co. te Assen; daarna volgt, met tussen ruimten van enkele weken, een serie publicaties n.l.:

Dr. W. Banning Hollands Jongeren, Stavast!
Prof. Mr. W.A. Bonger Democratie en Selectie.
Dr. Menno ter Braak Het Nationaalsocialisme als rancune-leer
Ds. J.J. Buskes Het Nationaalsocialisme en de Kerk.
Prof. Dr. F.J.J. Buijtendijk Het Rassenvraagstuk en het Nationaalsocialisme
Dr. G. Horreus de Haas ‘De Mythe van de XXe Eeuw’.
Dr. D. Loenen Cultuur en Vrijheid.

Verder zullen in deze serie brochures verschijnen over Het Katholieke Standpunt, De vrouw en het Nationaalsocialisme en over Het Antisemitisme in de N.S.B., terwiil nog hebben toegezegd een brochure voor het Comité te schrijven: Prof. Dr. H. Bolkestein, Prof. Mr. H.R. Hoetink, Dr. O. Noordenbos, Prof. Mr. J.C. van Oven, Prof. Mr. Dr. Leo Polak, Prof. Dr. H.J. Pos, Dr. K.F. Proost, Dr. Jan Romein, Mr. Dr. J.J. Schokking, Dr. J.L. Snethlage, Prof. Dr. J.H. Thiel, Mr. Dr. J. Valkhoff.

 

Ondertekenaren van de beginselverklaring zijn o.a.:

J.A.V. Arnolds, Rotterdam
Dr. Jan van As, Rotterdam
Mr. J. Baert, Amsterdam
Dr. W. Banning, Bentveld
Dr. D. Bartling, Bilthoven
Joh. Brandenburg, Bussum
Dr. F. Beyerinck, Apeldoorn
D. Bierens de Haan, Den Haag
Prof. Dr. H. Bolkestein, Utrecht
Prof. Mr. W.A. Bonger, Amsterdam
Dr. J.W.G. ter Braak, Den Haag
Dr. Menno ter Braak, Den Haag
Mr. R. Brouwer-Bosman, Amsterdam
Dr. T. Brouwer, Amsterdam
Prof. Dr. J.M. Burgers, Delft
Ds. J.J. Buskes, Amsterdam
Prof. Dr. F.J.J. Buytendijk, Groningen
H.G. Cannegieter, Haarlem
Dr. J.S. Carmiggelt, Den Haag
A.N.J. Chabot-Viruly, Rotterdam
Prof. Dr. D. Coster, Groningen
Drs. M. van Crevel, Den Haag
Dr. O. Damsté, Hilversum
Anthonie Donker, Amsterdam
Prof. Dr. J.J.L. Duyvendak, Leiden
Prof. Dr. D. van Embden, Amsterdam
Dr. Ir. J. Emmen, Den Haag
C. van Emde Boas, Amsterdam
Jan Engelman, Utrecht
Mr. Clara Enthoven, Den Haag
Prof. Dr. B. Faddegon, Amsterdam
Dr. J.J. Fahrenfort, Amsterdam
Dr. J.C.A. Fetter, Den Haag
Jan van Gilse, Amsterdam
J.W.L. Gravenhorst, Den Haag
Jan Greshoff, Brussel
Dr. G.F.C. Griss, Doetinchem
Ir. D. Groenveld, Den Haag
Prof. Ir. H.F. Grondijs, Den Haag
Prof. Mr. D. Hazewinkel-Suringa, Amsterdam
Prof. Mr. H.R. Hoetink, Amsterdam
Prof. Dr. L.J. van Holk, Leiden
A. van der Hoop, Rotterdam
J. van der Hoop-Vollenhoven, Rotterdam

[p. 3]

Dr. G. Horreus de Haas, Zwolle
Caspar Höweler, Blaricum
Mr. Chr. Hulsman, Eindhoven
H. Ide-Bottenheim, Amsterdam
Dr. L. Jumpertz Loeb, Den Haag
Jan van Kasteel, Den Haag
Prof. Dr. G.W. Kernkamp, Utrecht
Dra. A. Kersbergen. Den Haag
J. van der Kieft, Bussum
Dr. H.A. Leenmans, Den Haag
Bertus van Lier, Amstelveen
Dr. D. Loenen, Amsterdam
Dr. T. van Lohuizen, Den Haag
Ds. H. van Lunzen, Odoorn
Prof. G. Mannoury, Amsterdam
Rosa Manus, Amsterdam
Drs. P.J. Meertens, Amsterdam
Prof. Dr. J.H. van Meurs, Groningen
A.M. Michielsen, Breda
Prof. Dr. P.H. van Moerkerken, Haarlem
Ds. Joh. P. van Mullem, Akersloot
Ed. de Nève, Amsterdam
Dr. O. Noordenbos, Rotterdam
Dr. W.F. Noordhoek Hegt, Den Haag
A.C. Oerlemans, Amsterdam
Prof. Dr. S.C.J. Olivier, Wageningen
Mr. G.C.A. Oskam, Rotterdam
Prof. Mr. J.C. van Oven, Leiden
H.R.G. de la Parra, Den Haag
K. Pels, Amsterdam
Mevr. W.H. Pénard, Den Haag
E. du Perron, Bandoeng
D.C. van der Poel, Amsterdam
Prof. Mr. Dr. Leo Polak, Groningen
Prof. Dr. H.J. Pos, Amsterdam
B. Premsela, Amsterdam
Dr. K.F. Proost, Rotterdam
C. Ramondt-Hirschmann, Hilversum
Dr. W. van Ravesteyn, Rotterdam
A. Regensburg de Mooy, Den Haag
Mr. H.J.D. Revers, Den Haag
Ir. M.J. Riemersma, Wassenaar
Henriëtte Roland Holst, Bloemendaal
Dr. Jan Romein, Amsterdam
Dr. A. Romein-Verschoor, Amsterdam
Dr. Elisabeth de Roos, Bandoeng
J.G. van Rossum du Chattel-de Graaf, Wassenaar
Dr. H.H. Rümke, Den Haag
Prof. Dr. J.J. Salverda de Grave, Bussum
Jeanne v. Schaik-Willing, Amsterdam
F.J. Schaper, Groningen
Dr. V.W.D. Schenk, Loosduinen
Prof. Ir. W. Schermerhorn, Delft
Mr. Dr. J.J. Schokking, Wassenaar
Prof. Dr. Jan Smit, Wageningen
Dr. A.F.P. van Son, Rotterdam
Ir. M. van Son, Hilversum
Prof. Dr. K. Sneyders de Vogel, Groningen
Reinier P. Sterkenburg, Hilligersberg
Jhr. Dr. N. van Suchtelen, Sloterdijk
Dr. W.H.C. Tenhaeff, Utrecht
Prof. Dr. J.H. Thiel, Haarlem
Dr. J. Tielrooy, Zwolle
Prof. Dr. J. Tinbergen, Den Haag
Prof. P. Valkhoff, Hilversum
Mr. Dr. J. Valkhoff, Amsterdam
S. Vestdijk, Bilthoven
Abr. van der Vies, Amsterdam
Dr. J. Voogd, Eindhoven
Prof. Dr. C.G.N. de Vooys, Utrecht
Dr. H. de Vos, Sneek
Prof. Mr. C.W. de Vries, Rotterdam
A.E.J. de Vries-Bruins, Den Haag
W.L. van Warmelo, Blaricum
Dr. F. Wibaut, Amsterdam
Prof. Dr. J.P. Wibaut, Amsterdam
Prof. Dr. M.W. Woerdeman, Amsterdam
Dr. Herman Wolf, Amsterdam
Prof. L.K. Wolff, Utrecht
A.M. Wolff Beffie, Amsterdam
Dr. J. van Yzeren, Den Haag
Mr. M. Zeldenrust, Den Haag
e.a.  

Zonder persoonlijke toestemming worden geen namen gepubliceerd.

 

Ondergetekende: __________

 

Adres: __________

 

betuigt adhaesie met doel en streven van het Comité van Waakzaamheid, en stort een bedrag van Fl. _____ op postgironummer 117850, ten name van Mr. J. Baert, Amsteldijk 77, Amsterdam.-Z. Wie actief wil medewerken, geve zich tegelijk bij de secretaris daartoe op.

 

deze strook op te zenden aan de secretaris

[p. 4]

Toont Uw sympathie met doel en streven van het Comité metterdaad: zendt Uw adhaesiebetuiging, geeft U op als actief medewerker en wekt anderen op hetzelfde te doen.

Ook Uw financiele steun heeft het Comité dringend nodig!

Stort een zo groot mogelijke bijdrage op postgironummer 117850, ten name van Mr. J. Baert, Amsteldijk 77, Amsterdam-Z.; bij betaling van de minimum-contributie van ƒ 1. - per jaar ontvangt U gratis de brochure van Prof. Dr. Ph. Kohnstamm; bij betaling van minstens f. 5. - per jaar ontvangt U de gehele eerste serie van tien brochures, welke hierboven aangekondigd is. Deze laatste categorie van contribuanten wordt verzocht een eventueel reeds gedane bestelling bij de boekhandel of uitgever te annuleren.

 

Enige hoogleraren zullen worden aangezocht als financiele contrôlecommissie op te treden.

Op aanvraag bij de secretaris worden gaarne meer exemplaren van dit manifest ter verspreiding toegezonden.

 

Het Bestuur,

 

Prof. Dr. H.J. Pos, Voorzitter.
Dr. D. Loenen, Secretaris.
Michel Angelostr. 13 boven, A'dam-Z.
Mr. J. Baert, Penningmeester.
Amsteldijk 77, A'dam-Z.
Dr. Menno ter Braak
Ds. J.J. Buskes
Dra. A. Kersbergen,
Dr. K.F. Proost.
Dr. Jan Romein.
Mevr. A.E.J. de Vries-Bruins.