|
|
|
| |
Wolf (Bekker) Santhortsche
Geloofsbelijdenis.
Onder de heilige ‘reliquen ons meer waard, die
ons gezicht veel meerder streelen, ja die men ons niet half betaalt
met al de schatten en juweelen waarmeê Loretto pronkt en praalt,’
behoort ook
‘Een waaier van
prinses louyze!’
die daar, nevens
‘Het krukjen daar St. Jan op
steunde toen hij het moordschavot beklom; St.
Uitenbogaarts predikatie;
van
groenevelt een lokjen hair; De lesnaar waar voor plach
te zitten
Armijn, zoo wijs zoo zacht van aart! de pen, en degen
van de Witten’ enz.
ten toon gesteld wordt. Bladz. 21.
| | | |
[Daar het beruchte boekjen niet algemeen bekend is, geef ik hier ter
plaatsvulling de geheele Santhortsche (d.i. Loevensteinsche) reliquien-kas (Bladz. 12, 13):
| ‘Het napje van Sint Brederode1. |
| Het choorhemd van Paap Huibert . . .2. |
| Het krukje (enz.) |
| Sint Uittenbogaarts (enz.) |
| Een van de Ruiters jongens-schoenen3, |
| Waarmeê hij klom den toren af (enz.) |
| Een waaier (enz.) |
| Van Groeneveld (enz.) |
| De banden waarmeè was gebonden |
| De moedige Niëllius. |
| Een handschrift van Sint Aldegonden. |
| De kist van onzen Grotius. |
| De lesnaar (enz.) |
| Een pen, en degen (enz.) |
| Dat zijn Reliquien, ons meer waard’ (enz.)] |
|
1[Z. boven, VII D.
bl. 280, v. en de plaatsen uit het VI Deel ald. aang.]
2[Z. bov. VII
D. bl. 22 en 113.]
3[Men merke op,
dat het voorbeeld om oude- schoenen onder de reliquien
te stellen, door die partij gegeven is. - Ik mag dus
ook vermelden wie zich onlangs de openbaar geveilde schoenen van
Bilderdijk, - (althans in den overdragtelijken zin) heeft aangetrokken? - namelijk, de oprechte vriend en vereerder des
grooten mans, de geesten kunstrijke Heer j.e. van
varelen, te Haarlem. H.W.T.
|
|