De Nederlandse en Vlaamse auteurs


auteur: G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse


bron: G.J. van Bork & P.J. Verkruijsse (red.), De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden met inbegrip van de Friese auteurs. De Haan, Weesp 1985


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Post, Elisabeth Maria

Noordnederlandse dichteres en prozaschrijfster (Utrecht 22.11.1755-Epe 3.7.1812). Na faillissement van de vader vond de familie eind 1774 een vaste woonplaats in Amerongen. De indrukken van het landleven zullen voortaan in haar werk een belangrijke rol spelen. Zij huwde de Noordwijkse predikant J.L. Overdorp, met wie zij vanaf 1807, vanwege haar slechte gezondheid, in Epe woonde.

Haar werk is sterk autobiografisch. Een dreigende verhuizing (van Amerongen naar Arnhem) is de achtergrond van haar roman-in-brieven Het land (1788). In dit sentimentele werk neemt de verheerlijking van het landleven, de vriendschapscultus van twee vriendinnen en een door de natuur geïnspireerd geloof een grote plaats in. Het aardse leven wordt gezien als een periode van voorbereiding op het eeuwige leven, waarbij de jaargetijden de levenscyclus symboliseren. De natuurbeschrijvingen doen vaak modern aan. Post volgde Gessners Der Wunsch en Hirschelds Das Landleben niet klakkeloos na, maar verwerkte eigen inzichten en ervaringen. Het land verscheen anoniem en beleefde in korte tijd vier drukken. De Arnhemse predikant-letterkundige Ahasverus van den Berg schreef een voorwoord in de vorm van een brief aan de dichteres Margriet van Essen-van Haeften.

Uit brieven die zij uit Demerary (Guyana) ontving van haar broer putte zij de stof voor een exotische roman (in brieven) Reinhart, of natuur en godsdienst (1791-1792). De mannelijke hoofdpersoon keurt aanvankelijk de slavernij ten zeerste af, maar wordt minder principieel als hij zelf een plantage gekocht heeft; hij probeert dan een vader voor zijn slaven te zijn. Beschouwingen over vriendschap, liefde, natuur en geloof zijn de voornaamste bestanddelen van deze liefdesgeschiedenis met ongelukkige afloop. Reinhart (nomen est omen!) ervaart de onbestendigheid van het aardse geluk en moet strijden om zich aan de goddelijke voorzienigheid te kunnen onderwerpen. Als in Het land zijn de gevoelens belangrijker dan de gebeurtenissen. Hoewel haar sentimentaliteit zuiverder is dan van menig tijdgenoot, stak Kinker er in De Post van den Helicon de draak mee.

Post pleitte voor de emancipatie van de vrouw. Zij geeft vrijmoedig blijk van haar liefdesgevoelens voor haar toekomstige man in Gezangen der liefde (1794), tot schrik van de recensent van de Vaderlandsche letteroefeningen. In haar natuurpoëzie leidt natuurbeschouwing tot verheerlijking van de Schepper, of tot een moralistische conclusie. De Gelderse natuur geniet haar voorkeur. Haar bescheiden werk geeft een duidelijk beeld van de Europese literaire ontwikkelingen in de loop van de 18de eeuw, met name de `gevoelige verlichting' wordt erin weerspiegeld.

Zij vertaalde o.a. Schillers Don Carlos, Estelle van Florian en de werken van Gessner.

Werken:

Voor eenzaamen (1789); Mijn kinderlijke traanen (1792); Het waare genot des levens, in brieven (1796); Ontwaakte zang-lust (1807).

Literatuur:

J. Kloos, `Noordwijks dichteres E.M.P.', in Jaarb. voor geschiedenis en oudheidkunde van Leiden en Rijnland, 8 (1911); H.W. Heuvel, E.M.P. 1755-1812 (1913); G. Kalff, `E.M.P., in Vragen des tijds (1914); J. Prinsen, `Het sentimenteele bij Feith, Wolff-Deken en P.', in De Gids, 79 (1915); J.C. Brandt Corstius, Idylle en realiteit (1955); A.N. Paasman, E.M.P. (1755-1812). Een bio-bibliografisch onderzoek (1974, 19772), met bibl.; Idem, `Reinhart, of literatuur en werkelijkheid', in Documentatieblad werkgroep 18e-eeuw, 41-42 (1979); Idem, Reinhart: Nederlandse literatuur en slavernij ten tijde van de Verlichting (1984).

 

[A.N. Paasman]