De Nederlandse en Vlaamse auteurs


auteur: G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse


bron: G.J. van Bork & P.J. Verkruijsse (red.), De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden met inbegrip van de Friese auteurs. De Haan, Weesp 1985


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Rijssele, Colijn van

Zuidnederlands schrijver (Brussel 2de helft 15de-begin 16de eeuw). Rederijker; werd in 1498 lid van de Broederschap der zeven Weeën. Auteur van De spiegel der minnen. Deze Spiegel, in 1561 door D.V. Coornhert uitgegeven naar een `oud versleten exemplaar' en in 1577 en 1617 herdrukt, kan als het oudste burgerlijk drama in de Europese letterkunde worden beschouwd.

De handeling, in zes `batement spelen' verdeeld (samen 6169 verzen), is gesitueerd in Middelburg en Dordrecht. Ieder spel wordt voorafgegaan en gevolgd door een pro- en epiloog, uitgesproken door Jonstighe sin en Natuerlijck ghevoelen.

Kenmerkend voor dit rederijkersspel is de analytische en objectiverende beschrijving van de psychologische problematiek van de hoofdpersonages door middel van `sinnekens' of gepersonifieerde hartstochten als Begheerte van Hoocheden, Vreese voor Schande en Jalours Ghepeyns. Als `spiegel' voor amoureuze lezers of toeschouwers belicht dit spel van zinne vooral het belang van `mate' en trouw en de gevaren van hoogmoed en jaloezie. Al staat het verloop der gebeurtenissen in het teken van de planeten Saturnus, Phoebus en Venus, en al spelen ook de ouders en het standsverschil een negatieve rol, toch is het uiteindelijk Katherina die voor de tragische afloop verantwoordelijk wordt gesteld. Als zodanig is Colijn van Rijsseles Spiegel nauw verwant met het spel van Narcissus ende Echo van Colijn Keyart. Hier is het Narcissus die Echo genadeloos van liefde laat verkwijnen en voor hoogmoed wordt gestraft. Met recht mag daarom de vraag worden gesteld of Colijn Keyart, die ook de `amoureuze Colijn' wordt genoemd, niet met Colijn van Rijssele geïdentificeerd kan worden. Verder zouden nog enkele refreinen met het acrostichon `Risele' van zijn hand kunnen zijn.

Uitgave:

M.W. Immink, De Spiegel [...] (1913).

Literatuur:

J.A.N. Knuttel, `De dichter(s) van den Handel der amoureusheyt', in Tijdschr. v. Nederl. Taal- en Letterk. (1908); Idem, `Rederijkers eerherstel', in De Gids (1910); M.W. Immink, De Spiegel der minnen door C.v.R. (1913); F. Lyna en W. van Eeghem, Jan van Styevoorts Refereinenbundel anno MDXXIV, ii (1930); P. de Keyser, `Nieuwe gegevens omtrent Colijn Caillieu [...]', in Tijdschr. v. Nederl. Taal- en Letterk. (1934); P. van der Meulen, `Coornhert en C.v.R.', in Nieuwe Taalg. (1947); E. de Bock, Opstellen over C.v.R. en andere rederijkers (1958); W.M.H. Hummelen, De sinnekens in het rederijkersdrama (1958); W. van Eeghem, Brusselse dichters. Vijfde reeks, C.v.R. (ca. 1450-ca. 1500) (1963); W.M.H. Hummelen, Repertorium van het rederijkersdrama 1500-ca 1620 (1968).

 

[A.M. Musschoot en D. Coigneau]