Kroniek van de 20ste eeuw [tot en met 1940]


auteur: Carin Bouwmeester, Ton Mantoua, Anne Nippel, Katja Rotte, Sylvia Sassenus en Ed Delwel


bron: Carin Bouwmeester, Ed Delwel, Ton Mantoua, Anne Nippel, Katja Rotte en Sylvia Sassenus (red.): Kroniek van de 20e eeuw [tot en met 1940]. Elsevier, Amsterdam/Brussel 1985


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 

Koerdische Mosoel bij Irak

GENÈVE/ANKARA/LONDEN, 16 december - De Volkenbondsraad heeft de aanbevelingen, vervat in het rapport van de Internationale onderzoekscommissie, inzake de status van de Mosoel-provincie aanvaard. Mosoel blijft bij Irak. De commissie bestond uit de Zweed De Wirsen, de Hongaar Teleki en de Belg Paulis.

Overleg

Tijdens de vredesonderhandelingen in Lausanne in 1923 werd besloten dat de Mosoel-kwestie door middel van bilateraal overleg tussen Engeland en Turkije nader zou worden geregeld. Sinds 1918 werd deze provincie bezet door het Britse leger. De nieuwe regering in Ankara had duidelijk gemaakt dat de meerderheid van de bevolking van Mosoel Koerdisch was en dat deze Koerden eerder bij de Turken hoorden dan bij de Arabieren in Irak. Op 6 augustus 1924 bracht Groot-Brittannië het geschil in de Volkenbond. Deze zond de bovengenoemde internationale commissie naar het gebied. De bevindingen van de commissie werden op 16 juli van dit jaar in een rapport gepubliceerd. Hierin beval de commissie het behoud van de provincie Mosoel voor Irak aan, mits Engeland gedurende 25 jaar het mandaat over Irak zou blijven uitoefenen, de minoriteiten christenen, joden en Jezidi's zou beschermen, aan de Assyriërs (christenen) een zekere mate van lokale autonomie zou toekennen en aan de Koerden garanties zou bieden aangaande de uitoefening van plaatselijk zelfbestuur. Van invloed op dit voor Engeland zo gunstige resultaat was ongetwijfeld geweest dat de provincie Mosoel op het moment dat de Volkenbondscommissie met haar onderzoek bezig was overstroomd werd met Koerdische vluchtelingen uit Turkije, als gevolg van een daar in februari uitgebroken en vervolgens neergeslagen Koerdische opstand.

Nederlaag

De aanbeveling van de commissie en het aanvaarden ervan door de Volkenbondsraad zijn een nederlaag voor de Turkse delegatie onder leiding van Tevik Rüstü.

Het besluit van de Volkenbondsraad dat de Koerdische olieprovincie Mosoel tot het Iraakse grondgebied behoort wordt door de Turken ervaren als een anti-Turkse daad. Als reactie hierop heeft de Turkse delegatie in Parijs een defensieve alliantie met de Sovjet-Unie gesloten.

De laatste jaren is de relatie tussen de nieuwe Turkse republiek en de revolutionaire regering van de Sovjet-Unie verbeterd. Het tsaristische Rusland en het Ottomaanse RIjk hebben door de eeuwen heen regelmatig oorlog met elkaar gevoerd. De nieuwe regering van Turkije en die van de Sovjet-Unie voeren daarentegen een beleid van goed nabuurschap ten aanzien van elkaar.

Moestafa Kemal behandelt de communisten in eigen land echter anders dan die in het buitenland. De communisten in eigen land worden hard aangepakt. Moestafa Kemal wil koste wat het kost van Turkije een westers land maken en niet een land dat op het Sovjet-model lijkt.

Oude vriend

Wat betreft zijn beleid ten aanzien van de communisten in de Sovjet-Unie verklaarde hij op 1 november 1924 in een toespraak voor de Nationale Vergadering dat de verhouding tussen Turkije en zijn oude vriend de Sovjet-Unie goed was en steeds beter werd. Op 16 maart 1921 hebben de Kemalisten een verdrag getekend met de Sovjet-Unie, waarin onder andere werd verklaard dat de Sovjet-regering de Kemalistische nationalistische beweging steunt en de Nationale Vergadering als de enige legale vertegenwoordigster van het Turkse volk beschouwt.

Het jongste verdrag tussen beide staten wordt een verdrag van non-agressie en veiligheid genoemd. Tevik Rüstü, de leider van de Turkse delegatie bij de onderhandelingen, had vier uur nodig om dit verdrag te bereiken. Hij keerde terug naar Turkije in de wetenschap dat hij, hoewel hij een nederlaag had geleden inzake de Mosoel-provincie, een verdrag had gewonnen dat de vriendschap tussen Turkije en zijn buurland, de Sovjet-Unie, voor de toekomst verzekert.