Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde


auteur: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden


bron: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888-1891  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Mr. Laurent Philippe Charles van den Bergh]

Bergh (Mr. Laurent Philippe Charles van den), geb. te Dusseldorp, waarheen zijne Prinsgez. ouders uitgeweken waren, 20 Juni 1805, stud. sinds 1823 en prom. in 1830 te Utrecht. Na jarenlang vergeefs eene loopbaan gezocht te hebben als jurist en letterk., zelfs bij het hooger ond., werd hij in 1854 adj.-archiv. des rijks. en in 1865 de opvolger van Bakhuizen van den Brink. Eerst 24 Juni 1887 legde hij zijn met groote eere bekleed ambt neder en overl. in Den Haag 17 Sept. d.a.v.

Hij schreef: Heb Baskische meisje in den burgeroorlog van 1834-'35, Romance, Utr. 1835; Bloemlezing uit de dram. werken van Shakespeare in Nederd. dichtmaat overgebragt, Amst., 1834; De leer der enkele en dubbele vokaalspelling in het Nederd. onderzocht en opgehelderd, Rott. 1836; Nederl. volksoverleveringen en godenleer, verzameld en opgehelderd, Utr., 1836; Gedenkb. van het tweede eeuwfeest der Utr. Hoogeschool, Utr. 1839; De Nederl. volksromans. Eene bijdrage tot de gesch. onzer letterk., Amst., 1838; Verslag der hist. nasporingen, op gezag van het gouvern. in 1838 in Frankrijk gedaan, Arnh. 1840; Verhandeling over de oude wijze van strafvordering in Geld., Holl. en Zeel., voornamelijk in de 13e en 14e eeuwen, Leiden, 1842; Gedenkst. tot opheldering der Nederl.

[p. 58]

gesch., opgez. uit de archieven te Rijssel, en op gezag van het Gouvern. uitgegeven, Leiden, 1842-'47, 3 dln., de beide laatste dln. onder den titel van Correspondance de Marguerite d'Autriche, enz.; Gedachten over armoede, over bevolking en kolonisatie, Leiden, 1846; Proeven van een kritisch woordenboek der Nederl. mythologie, Utr., 1846; Grondtrekken der Nederl. zegel- en wapenk., Leid. 1847, 3e dr. 1861; Roman van Heinric en Margriete van Limborch, uitgeg. in de werken van de Mij. der Nederl. Letterk, Leiden, 1846-'47, 2 dln.; 's Gravenhaagsche bijzonderh., 's-Grav., 1857-'59, 2 st.; Handboek der Middel-Nederl. geographie, naar de bronnen bewerkt, Leiden, 1852, 2edr. 's-Grav. 1872; Nog een woord over Leidens regt op het Haarlemmermeer, Leiden, 1851; Keuruit de werken van Jacob Cats, Leiden, 1852; Register van Hollandsche en Zeeuwsche oorkonden die in de Charterboeken van Van Mieris en Kluit ontbreken, 1e Afd., Amst., 1861. Met Bakhuizen van den Brink en De Jonge gaf hij uit: Het Nederl. Rijksarchief, verz. van onuitgeg. oorkonden en besch. voor de gesch. des Vaderl., 's-Grav., 1857; Oorkondenboek voor Holl. en Zeel. (Uitg. Kon. Acad. van Wetensch.), 1ste Afd. tot aan het einde van het Holl. huis, Amst. en 's-Grav., 1864-'73; Het proces van Oldenbarnevelt, getoetst aan de wet, 's-Grav., 1876; Nijmeegsche bijzonderheden, Nijm., 1881.

(Hand. Mij. Ned. Lett. 1888).