Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde


auteur: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden


bron: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888-1891  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Anthony Duyck]

Duyck (Anthony), wiens vader bij den overgang van Hoorn, schout werd in 1578 en dit drie jaar bleef, moet wel de Hagenaar zijn, in de Leidsche acad. 27 Mei 1578 als jur. stud. ingeschreven. Als advocaat-fiskaal van den Raad van State, volgde hij sinds 1589 het leger te velde. Den 2 Juni 1602 werd hij griffier bij den Hove van Holland. Ofschoon hij ‘seer instantelijk aendrong’ om daarvan vrijgesteld te worden, werd hij mede gecommitteerd om de drie gevangenen van 1619 te verhooren en was fiskaal in hun rechtsgeding. Den 1 Jan. 1620 deed hij zijn' eed als raadsheer in den Hoogen Raad, en 22

[p. 222]

Jan. 1621 als raadpensionaris van Holland, welke betrekking hij tot aan zijn dood, in September 1629, behield.

Hij hield een Journaal van Maurits' krijgsverrichtingen van 1591-1602, dat met aanteekeningen werd uitgegeven door Lod. Mulder, 3 dln. 's Grav. en Arnhem 1862-'66.