Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde


auteur: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden


bron: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888-1891  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Jacobus Kok]

Kok (Jacobus), geb. te Amst., kreeg zijn ingeboren poorterceel ald. 3 April - en verwierf daarmede zijn boekverkoopersgilde, 26 April 1758, woonde bij zijn huwelijk in Mei daaraanvolgende te Utrecht, liet zich andermaal in 't Amst. gild opnemen 14 Maart 1785 en zette zijn letterk. werkzaamheden en uitgaven aldaar voort, tot zijn overlijden 26 Mei 1788.

Werken: Vaderl. Woordenboek, 35 dln., Amst. 1780-'95, waarvan 19 dln. van Kok, de overige met 3 dln. Bijvoegsels van Jan Fokke, die alle als 2e dr. met nieuwe titels verkocht werden, Amst. 1785-'99; Amsterdams eer en opkomst door middel der Hervorming in 1578, Amst. 1778; Amsterd. jaarboeken, 3 dln., Amst. 1781; Oorsprong, aanwas, geschiedenis, voorrechten en tegenwoordigen staat der Nederl. schutterijen en exercitie-gen., Amst. 1784.