Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde


auteur: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden


bron: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888-1891  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Haeble Potter]

Potter (Haeble), den 22 April 1770 te Dokkum geb., studeerde in de godgeleerdheid te Franeker en werd 20 Oct. 1794 pred. te Peins-en-Zweins. In 1803 aan de Kaap de Goede Hoop beroepen zijnde, kon hij wegens den oorlog, eerst in 1805 de reis derwaarts aanvaarden, en nog wel zonder zijn gezin. Zijn schip werd bij St. Helena door een Engelsch vaartuig genomen, en na nog in een zeegevecht met een Fransch schip slaags geweest te zijn kwam hij in Oct. 1805 te Plymouth aan. Nu ging hij naar Londen, waar hij eenige beurten den predikdienst bij de Hollandsche gemeente waarnam. In 1806 keerde hij naar Nederland terug en ging te Dokkum wonen, doch werd in September van dat jaar hulpprediker te Amsterdam. In 1810 werd hij predikant bij de Holl. gem. te Hanau en in 1817 te Soerabaya, waar hij 10 April 1827 overleed.

Behalve eenige leerredenen en godsdienstige geschriften gaf hij uit: Zestal leerr., uitgesproken in de Nederd. kerk te Londen, Haarlem 1806; Lotgevallen en ontmoetingen op eene mislukte reize naar de Kaap de Goede Hoop in 1804 tot 1806, in brieven aan een vriend, 4 dln., Haarl. 1806; Wandelingen en kleine Reizen door sommige gedeelten van het Vaderland als: in Friesland, naar het eiland Schiermonnikoog, in Groningen, in de Friesche Zevenwouden en het landschap Drenthe, door Amsterdam, en van daar naar Muider-

[p. 624]

berg en het Gooiland, 2 dln., Haarl. 1808; Reize door de oude en nieuwe oostelijke Departementen van het koningrijk Holland, en het Hertogdom Oldenburg, gedaan in den jare 1808, 2 dln., Haarl. 1808; Reize door een groot gedeelte van Zuid-Holland, gedaan in de jaren 1807 en 1808, Amst. 1809; Reize van Amsterdam naar Hanau, door een groot gedeelte van Duitschland, gedaan in den jare 1810, Amst. 1810; Een winter in Londen, 3 dln., met platen, Amst. 1810; Wandelingen en kleine Reizen in den omtrek van Hanau, Frankfort en andere voorname gedeelten van Duitschland, Amst. 1811; Lotgevallen op eene reis van Friesland door Westfalen en het Waldeksche naar Hanau in Sept. 1813, Amst. 1816; Vruchten der eenzaamheid, Gron. 1819, 4 stukken, waarin: Reizen door de Wetterau en langs den Lahnstroom. Verhaal van het voorgevallene in en bij Hanau, in de maanden October en November 1813, Amst. 1814.

(Romein, Pred. in Friesland.)