Chrysanten, roeiers


auteur: Hans Faverey


bron: Hans Faverey, Chrysanten, roeiers. In Hans Faverey, Verzamelde gedichten (ed. Marita Mathijsen). De Bezige Bij, Amsterdam 2000, p. 229-323  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 247]

[Zelfs daartoe nog aangespoord]

 
Zelfs daartoe nog aangespoord;
 
en weggevlogen. Wetend dat licht
 
de ijzeren vlag onder schot houdt.
 
 
 
Zie de potscherf in het woestijn-
 
zand: is vrijwel onbreekbaar, is
 
haast door niets meer breekbaar.
 
 
 
En dan nog zo aangeraakt te worden
 
door een tinteling in het denken
 
aan iemands vingers. En dan met
 
klovende lippen het meeste nog
 
net binnen kunnen houden.