Chrysanten, roeiers


auteur: Hans Faverey


bron: Hans Faverey, Chrysanten, roeiers. In Hans Faverey, Verzamelde gedichten (ed. Marita Mathijsen). De Bezige Bij, Amsterdam 2000, p. 229-323  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 307]

Aangeraakt

[p. 309]

[Zodra het leed is geleden]

 
Zodra het leed is geleden,
 
mag kalfje de put delven
 
en kunnen de kippen op stok.
 
 
 
Niemand verdrinkt tweemaal,
 
 
 
bij dezelfde rode steen,
 
in dezelfde rode rivier.
 
 
 
Zelfs iemand die over meerdere
 
paraplu's beschikt, wacht zelden
 
met ongeduld op de herfstregens.
 
Met het andere touw moest ik iets
 
 
 
zien vast te binden waar rook uit
 
komt, en dat nooit meer los mag.