|
|
|
| |
| | | |
Hugo Claus
Geruime tijd geleden, al bij het inleveren van zijn manuscript, kondigde Hugo
Claus uitgeverij De Bezige Bij aan ‘alles maar dan ook alles in het
werk te zullen stellen om zijn nieuwste roman in de publiciteit te
brengen’. De gevolgen bleven dan ook niet uit.
Donderdag 5 oktober figureert aandeelhouder nummer één van
de schrijverscoöperatie De Bezige Bij op de voorpagina van De Telegraaf. Kop boven de foto (Claus met vriendin aan
incheckbalie Schiphol) meldt: hugo claus op liefdespad; het
onderschrift:
hugo claus, dichter, toneelschrijver en auteur, op
de foto aan de balie in de vertrekhal op Schiphol met zijn nieuwe vriendin ellen jens, scriptgirl bij de vpro, heeft
een Nederlandse love story geschreven. Het boek, Het jaar van
de kreeft geheten, komt de volgende week op de markt en gaat over de
geschiedenis van een romance. Hugo Claus vertelde henk van der meyden dat hij de inspiratie voor dit boek heeft geput uit de
verhouding die hij drie jaar lang had met de actrice Kitty Courbois. Henk van
der Meyden kreeg van Hugo Claus toestemming om morgen en overmorgen enkele
fragmenten uit dit boek te publiceren en vandaag kunt u op pagina
Privé lezen over Hugo Claus, de liefde en vrouwen.
In het paginagrote interview (‘Dichter-schrijver schreef boek over
zijn verhouding met Kitty Courbois’) vertelt Claus:
...Uit een soort persoonlijke hygiëne, een wil om een
bevrijdend gevoel te krijgen, schreef ik de afgelopen maanden een boek dat de
titel het jaar van de kreeft kreeg. Ik heb alleen
elementen uit mijn romance uit de liefde tussen kitty en mij
gebruikt, maar ik wil niet de indruk wekken, dat ik mijn liefde voor Kitty
exploiteer in dit boek... Ik wil wel zeggen, dat kitty courbois zelf veel intelligenter en mooier is dan de hoofdpersoon uit mijn
boek, toni.
| | | |
Het vraaggesprek om de voorpublicatie in Nederlands grootste krant (unicum,
overigens) wekt enige verbazing, zo niet lichte ontsteltenis in de gelederen van
‘De Bij’; terwijl Claus in Tunesië verblijft,
gonst het van geruchten als zou Kitty Courbois bijvoorbeeld een geweer hebben
gekocht; tegen intimi wil directeur Geert Lubberhuizen wel loslaten dat hij weet
dat de actrice godzijdank niet kan schieten, verder doet hij er het zwijgen toe:
‘Geen commentaar.’
Wanneer Claus dan terug is van vakantie grijpt er een gesprek tussen hem en
Lubberhuizen plaats en meteen na dit onderhoud laat Lubberhuizen via zijn
secretaresse Marijke Pieterse weten dat zowel hij als de schrijver het ten
zeerste op prijs zou stellen wanneer hp's
verslaggever de moeite zou willen nemen Claus naar aanleiding van de Telegraaf-publicatie te interviewen. Dat gebeurt dan ook.
Claus: ‘Er zijn drie oorzaken waarom dit geval zo'n rare weerklank
heeft gevonden. Ten eerste: waarom in De Telegraaf? Ten
tweede: waarom iets uit je privé-leven openbaar maken? Ten slotte:
waarom iets uit je privé-leven verbinden aan een boek?’
Het belangrijkste lijkt de vraag: hóe breng je een
bepaald boek in de publiciteit; een roman die gekoppeld is aan de sensatie
die een zeker privé-leven (Bekend Auteur Plus Bekend Actrice) bij
de massa kan wekken?
Claus: ‘Ja, die dingen lopen door elkaar. Je kunt in dit land doen wat
je wilt, maar je kunt 't blijkbaar niet in De Telegraaf doen.
Iemand uit “Onze Club” gaat niet met De
Telegraaf om, dat “hoort” blijkbaar niet. Nou, ik
heb een boel geschreven en geen van de andere kranten heeft mij gevraagd. De Telegraaf heeft mij gevraagd, niet andersom; zie je mij met
m'n manuscript onder de arm naar De Telegraaf gaan?
Kijk, ik praat hier uit een soort “luxe” hoor, ik ben niet
van plan me hier te verantwoorden. Goed, als de grootste krant van Nederland mij
vraagt, dan zeer graag. Hoe ze van 't boek wisten? De
Telegraaf weet toch alles. Ik was toch met dat boek in de rubriek
“Privé” gekomen, ook wanneer ik helemaal niets
had gedaan. Gisteren stonden Henk Hofland en Harry Mulisch ook in die krant en
onder de foto: “Zij poseerden voor onze bladen.” Nou, dan
kun je 't beter in eigen hand houden.
Ik heb tegen dat interview, noch tegen de voorpublicatie enig bezwaar. Omdat ik
wil dat dit boek in tegenstelling tot mijn vorige roman Schaamte, die maniëristisch, duister, ontoegankelijk is, door
meer mensen gelezen wordt. En wie ben ik om de grote massa dit boek te
onthouden? Dat de grote massa er op de beste manier kennis van kan nemen,
namelijk door tóch op de tekst te kunnen oordelen, en ze kunnen
oordelen over wat ik vind van parallelle problemen zoals de liefde,
enzovoorts.’
| | | |
Hoe reageerde Lubberhuizen op het plan van deze
voorpublicatie?
Claus: ‘Nou, gewoon: dat hij 't ermee eens was. Die houding van Geert
(“geen commentaar”) irriteert me. Ik heb een soort moreel
contract met De Bij; dus 't eerste als ik zoiets doe is vragen of 't kan - en
deze stap schijnt hij te ignoreren. Een volgend probleem: De
Telegraaf wordt in bepaalde kringen als een soort boeman gezien; mij
valt op hoe de mensen reageren als je zoiets doet wat ik gedaan heb. De reacties
amuseren mij. Ik behoor niet tot een club die mij kan voorschrijven hoe mijn
gedragingen moeten zijn. Een of andere anoniemeling in De
Groene signaleert eerst dat 't “een aangrijpend boek
is” om zich vervolgens af te vragen of 't “door het papier
van De Telegraaf” of door “het patronage
van Henk v.d. Meyden” komt, of is 't intussen toch een goed
boek?’
Misschien heeft Claus er iets mee willen bewijzen, bijvoorbeeld dat de nette
Pierre een lafferik is en de hippies rondom Toni toch maar heel wat beter. Maar
ik denk dat de Telegraaf-lezer overhoudt dat de hippies op die
boten er toch maar een rotzooitje van maken en 't maar goed is als ze de kaa
krijgen... maar 't leest lekker weg, dat wel.
‘Dat vind ik van een onnoemelijke arrogantie - dat jij de kwaliteit
van het boek zou kunnen bepalen, alleen de “Telegraaf-lezer” zal wel weer dat & dat &
dat... Nou, 'n miljoen mensen lezen De Telegraaf en ik vind 't
zware discriminatie om te stellen dat dat miljoen niet zou kunnen lezen en die
man van De Groene wel. Er bestaat de term “Telegraaf-lezer” als cliché, bruikbaar
in een of andere polemiek - je kunt de “Telegraaf-lezer” niet als realiteit aannemen.’
Harry Mulisch, naar zijn opinie gevraagd: ‘Ik zou zoiets niet doen,
alleen al om de rol die deze krant vanaf '66 (Provo) t.e.m. Reconstructie gespeeld heeft. Hou 't daar maar op. Ik tennis elke
maandag met Hugo en zie geen enkele reden daarmee op te houden.’
Claus: ‘Omdat ik nou met een bepaalde groep mensen in Reconstructie een bepaald ideaal verwerkt heb, zou ik dan niet
eenzelfde opinie in De Telegraaf mogen zetten? Is
Carré een reactionair gebouw? Ja. Toch vond Reconstructie daar plaats.
En dan het feit dat je je privé-leven in de openbaarheid brengt. Dat
mag wél in Vrij Nederland of in de Haagse Post - in die periodieken mag een kunstenaar rustig over z'n
hebbelijkheden of afwijkingen voortkabbelen, dát is voor de heren
entr'eux, dát richt zich dan tot die 50.000 mensen die 't
appreciëren, die weten “waarover je het hebt”,
maar mensen van De Telegraaf, daar mag je 't dan niet aan
vertellen, dat is dan raar. Ik heb niet het minste schaamtegevoel over mijn
privé-leven. Is 't dan zo verachtelijk om met mij een verhouding te
hebben? Ik beschouw de Telegraaf-lezers als mijn vrienden.
Dat boek is door mijn relatie met Kitty geïnspireerd. Het is geen
verslag. De zucht van de Nederlander om alles reëel te willen zien:
het Straatje van | | | | Vermeer is daar & daar, nee, het is een schilderij.’
Toch lijkt zijn roman zeer dicht ‘op de huid van de
werkelijkheid’ geschreven te zijn.
Claus: ‘Nee. Ik heb alleen de conventie van de werkelijkheid als vorm
gehanteerd.’
Kitty Courbois zegt zich geen geweer te hebben aangeschaft, bovendien blijkt ze
op het telefoontje van de verslaggever voorbereid te zijn: ‘Ik wist
dat je zou bellen. Mij is namelijk ter ore gekomen dat Hugo Claus
jou zaken die Van der Meyden verkeerd zou hebben opgeschreven wilde
corrigeren. Als je zijn “gedichten-doosje” dag-jij goed leest, zie je dat 't de voorbereiding op dat boek
is. Claus moet overigens z'n eigen publiciteit maar verzorgen. Er staan in het
boek veel werkelijk gebeurde dingen. Vaak combineert hij twee zaken, maar hij
trekt 't altijd naar zichzelf toe. Ik neem 'm dat boek niet zo kwalijk. De
publiciteit eromheen is een beetje beneden mijn niveau. Het is een persoonlijke
wraak, hij wil expres iets kapotmaken, hij is een verwend kind dat z'n zin niet
heeft gekregen. Die zelfmoordpoging van mijn ex-echtgenoot die hij in dat boek
verwerkt, is smeerlapperij, maar hij weet zeer goed dat-ie afgaat. Iemand die
hem vernedert, kwetst hij terug - dat is zijn stelling. Ik heb wel emotioneel
last van dat boek gehad, ik moest 't gedurende een paar dagen verwerken. Ik wist
trouwens dat-ie 't zou schrijven. Hij kondigde mij dat boek aan als
“zijn klachtenboek”. Het verbitterde, het eenzijdige wekt
medelijden bij me op, een gevoel ook van “dood-maken”, van
kou. Stel je voor dat ik mijn dagboek zou publiceren! Dat zou dan Het Jaar van de Langoustine gaan heten. Op iets chiquer niveau,
hè. Trouwens, ik wacht op m'n procenten, na al deze stof.’
Topauteur Jan Cremer, vanuit Londen: ‘Een klap in het gezicht van de
jubilerende Bezige Bij, die toch al een tijdlang aarzelt welke richting te
kiezen: de goede literaire uitgeverij blijven waaraan ze naam en faam te danken
hebben, of de richting uit van de ramsjpartij-uitgeverij door het op de markt
gooien van sprookjesboeken en reeds lang achterhaalde zeurpieterij over hippies
in India van zich schrijvers noemende querulanten, die ik De Papiervervuilers
noem. Ik heb mij persoonlijk laten overtuigen door Geert Lubberhuizen (tijdens
mijn laatste bezoek aan Holland) dat deze publiciteitscampagne in De Telegraaf (een krant met 980.000 abonnees die hem niet lezen)
direct afkomstig is van de Belg Hugo Claus die hiermee desperaat probeert zijn
nieuwste Vlaamsche Rose Champagne aan de man te brengen. Buiten dat ik 't
onaangenaam vind voor Kitty Courbois en Elly Claus, de vrouw van de Belg, zie ik
wanhopige pogingen van de “poor man's Emile Zola” om er
ook bij te horen en lekker gek te doen. Ik ben ervan overtuigd dat De Bezige Bij
zich volkomen zal distantiëren van deze actie, maar tegenwoordig aan
de dag weet ik 't | | | | ook niet meer. Er zijn geruchten dat Harry
Mulisch correspondent van De Telegraaf in Cuba wordt. Wacht
maar eens tot ik met een nieuw boek kom. Dan gooi ik alle
remmen los. Voorpublicaties in Trouw! Toen ik mijn eerste
boeken bij De Bij uitgaf heb ik zogenaamde “ernstige
gesprekken” met Lubberhuizen gehad. Mij met mijn beperkt begrip van
“links” en “rechts” werd
voorgehouden dat De Telegraaf zoveel mogelijk buiten de
publiciteit gehouden moest worden. Nota bene: De Telegraaf
krijgt niet eens recensie-exemplaren van De Bezige Bij. Ik begrijp er niets meer
van. Ik zou voor zoiets wat Claus nu doet gegarandeerd op m'n sodemieter
gekregen hebben, misschien was ik er wel bij De Bij uit gestuurd...’
Geert Lubberhuizen: ‘In principe heb ik geen commentaar. Van tevoren
heb ik Hugo wel gewaarschuwd en alle kanten van de zaak met hem doorgenomen.
Maar ja, een van m'n beste vrienden is op De Telegraaf
geabonneerd. In alle ernst: het enige wat ik wist was dat Hugo gezegd heeft:
“Ik ga wat aan de publiciteit doen.” Ik wist niet dat dit eruit zou komen. Trouwens, wat kan ik doen: hij tekent
nooit z'n contracten. Alleen het contract voor De Metsiers,
z'n eersteling, heeft hij getekend. Daarenboven: als hij z'n toestemming voor
zoiets geeft kan ik er niets meer aan doen. Als hij nou maar zorgt dat hij z'n
honorarium krijgt.’
Hugo Claus: ‘Jaja, dat is wel de reactie van Geert:
“jajaja” zeggen en dan lachen. Of hij mijn plan afgekeurd
heeft? Wie is Lubberhuizen om mij af te keuren?
ik
schrijf toch boeken. Hahaha. Wat leuk: Lubberhuizen die mij de les zou
lezen! O, o, o, o oooo. Hahahaha! Ik ben geen employé van De Bij. De
Bij bestaat dankzij mij, hoor, en niet andersom.
Kijk, het is toch hetzelfde wanneer een wrattige student twintig jaar na mijn
dood komt onderzoeken wie nou toch wel model gestaan heeft voor Het
jaar van de kreeft - dan komt Kitty ook te voorschijn. En waarom zou ik
nu ontkennen dat Kitty model heeft gestaan, mij een aantal
elementen heeft geleverd. 't Zou wat anders zijn als ik haar benadeelde. Ik hou
van om 't even met wie ik naar bed geweest ben.’
Kitty Courbois: ‘'t Is wel zo dat ik blij ben dat mijn moeder die pas
overleden is dit niet heeft hoeven lezen. Dat zei mijn broer ook
nog.’
In ieder geval, Hugo Claus heeft zijn publiciteit gehad: een foto op de
frontpagina van Neerlands Grootste Krant - had hij dáárop
gerekend?
Claus: ‘Nee, daar wist ik niets van af. Hád ik 't wel
geweten, dan zou ik mijn haar gekamd hebben, een ander pak hebben aangetrokken
en gelachen in de camera.’
Geert Lubberhuizen: ‘Het kán zijn dat ik hem dit plan heb
ontraden. Maar ja, ik sta bekend om mijn slechte geheugen.’
|
|
|