Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 3


auteur: P.C. Molhuysen en P.J. Blok


bron: P.C. Molhuysen en P.J. Blok (red.), Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 3. A.W. Sijthoff, Leiden 1914


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 

[Enschedé, Mr. Adriaan Justus]

ENSCHEDÉ (Mr. Adriaan Justus), geb. te Haarlem 20 Juni 1829, zoon van Christiaan Justus E. en Adriana Maria Dalen, overl. aldaar 19 Maart 1896. Na den spoedigen dood van zijn vader bracht hij zijn jeugd goeddeels in Frankrijk door; in 1842 teruggekeerd, bezocht hij het haarlemsche gymnasium; 30 Augustus 1848 werd hij te Leiden als student in de rechten ingeschreven. Den 3en Juli 1852 promoveerde hij op proefschrift De Proculo Jurisconsulto. Daarna vestigde hij zich te Haarlem, waar hij tot zijn dood is blijven wonen; hij trad in de firma en beheerde voornamelijk de drukkerij, hoewel ook de lettergieterij zijn zorg had; als lid der beroemde firma heeft hij het bedrijf in hoogen bloei weten te houden. Ook daarbij gaf hij blijk van historischen zin door het oude lettermateriaal te ordenen en te beschrijven; onder zijn leiding werd met de oude typen gedrukt het Spécimen de caractères typographiques anciens qui se trouvent dans la collection typographique de Joh. Enschedé et Fils, waarbij hij een historische toelichting schreef (Haarlem, 1867). Hij was toen reeds op ander gebied werkzaam. 25 Mrt. 1857 werd hij tot archivaris der gemeente Haarlem benoemd, welk ambt hij tot zijn dood heeft bekleed. Als vrucht van deze werkzaamheid gaf hij den Inventaris van het archief der stad Haarlem (Haarlem, 1866/7. 3 dln) uit; het was de eerste inventaris, die naar moderne beginselen was bewerkt. Als archivaris heeft hij gewichtige rapporten aan het gemeente-bestuur uitgebracht; ook vond hij in het archief de stof voor tal van historische publicatiën; te noemen zijn Der Stede Kuerboek van Haerlem, in 1878 met oude lettertypen gedrukt. Van groot gewicht is ook zijn werkzaamheid ten bate der geschiedenis der Waalsche kerken; hij had zitting in de Commission d'histoire des églises wallonnes en redigeerde voornamelijk haar in 1885 opgericht Bulletin, waarin hij ook zeer veel bijdragen plaatste. Af-

[p. 352]

zonderlijk staat de publicatie van het Livre syno dal des églises wallonnes (La Haye, 1896), dat de acta tot 1685 bevat. Bovendien is Enschedé met Du Rieu de organisator van de groote fichesverzameling van de Bibliothèque wallonne te Leiden, voor de familiegeschiedenis van blijvend nut. In 1874 werd hem ook het beheer der stadsbibliotheek opgedragen; het stedelijk museum had zijn voortdurende zorg; hij was ook zelf een gelukkig verzamelaar van kunstwerken, prenten, penningen, boeken enz.; tot de restauratie van de ruïne van Brederode en de St. Bavo gaf hij den doorslag. Hij was 9 Juli 1857 gehuwd met Francina Antoinetta Conradina Koenen, geb. te Amsterdam 26 September 1833.

Zie: de biographieën van Enschedé bij Petit, Repertorium, kol. 1248, vooral Ch.M. Dozy in Levensb. Lett., 1897/8, 73 vlg.

Brugmans