over DBNL
auteursrecht en copyright
bestuur, medewerkers en adviescommissies
adressen
stages
nieuws
nieuwsbrief
Nederlandse literatuur
auteurs
beschikbare titels
Middeleeuwen
Gouden eeuw
Achttiende eeuw
Negentiende eeuw
Twintigste eeuw
Eenentwintigste eeuw
tijdschriften/jaarboeken
onze kinderboeken
buitengaats
Friese literatuur
Surinaamse literatuur
gescande titels
Nederlandse taal
woorden
etymologie
zinnen
klanken
betekenis
vormen
normen
taalbeheersing
historische taalkunde
taalverwerving en psycholinguïstiek
sociolinguïstiek
dialectologie
Nederlands als tweede taal
taaldidactiek
atlas voor de Nederlandse taal en literatuur
basisbibliotheek
tijdschriftenladder
literatuurgeschiedenis.nl
de langste dag
auteurs: overzichten
titels: overzichten
organisaties: overzichten
naslagwerken
audio
thema's
zoeken in de hele website
zoeken in teksten
auteur: Marten Douwes Teenstra
bron: Marten Douwes Teenstra, De negerslaven in de kolonie Suriname. H. Lagerweij, Dordrecht 1842
verantwoording
inhoudsopgave
doorzoek de hele tekst
downloads
Marten Douwes Teenstra
Voorberigt .
Eerste hoofdstuk. Algemeen overzigt van Suriname en hare vrije bevolking. I. Beknopt overzigt van de kolonie zelve.
II. Bevolking der kolonie Suriname.
III. Landbouwende klasse.
IV. Vrije inwoners van de stad Paramaribo.
Tweede hoofdstuk. De slaven in de kolonie Suriname. I. Algemeen overzigt.
II. Vermindering van het aantal slaven.
III. Suriname, een schoon land, moet door Europeanen bevolkt worden.
IV. Kolonisatie.
V. Even als de slavenhandel van buitenlandschen invoer verboden is , moet ook de slavernij en de binnenlandsche handel worden afgeschaft.
VI. Denkbeelden van sommige blanken omtrent de negers.
VII. Ongevoeligheid der negers.
Derde hoofdstuk. Behandeling der negerslaven. I. Behandeling van de negerslaven in Suriname.
Vierde hoofdstuk. Vonnis van drie nog jeugdige negers, welke levend verbrand zijn. (Met portretten. Zie tegenover den titel.) I. Brandstichting te Paramaribo door drie nog jeugdige negers.
II. A. Oorzaken van den brand en de verwoestingen door denzelven aangerigt.
III. B. Poging tot blussching en beperking van den brand, voorbehoedmiddelen, enz.
IV. C. Aanleiding tot het doen van eene patrouille, waarbij de negerjongen frederik wordt opgevangen; arrestatie zijner makkers wegens gepleegde diefstallen; inventaris van processale stukken, door het publiek ministerie overgelegd, met extracten van derzelver substantieven inhoud, waaruit blijkt, dat Frederik degene is geweest, welke het eerste in Judicio de hoofdmisdaad van brandstichting openbaarde; eisch en conclusie van den procureur-generaal.
V. D. Authentiek afschrift van het vonnis en sententie tegen de gedetineerden en aangeklaagden als brandstichters, gewezen bij het geregtshof te Suriname, met en benevens eenige daarop gemaakte anotatien.
VI. E. Verslag der executie, zoo van de hoofdmisdadigers als van de medepligtigen.
Vijfde hoofdstuk. Schrijvers over de kolonie Suriname. I. Vroegere schrijvers, boeken en geschriften over de kolonie Suriname.
II. Tegenwoordige schrijvers over Suriname, zich meer in het bijzonder tot de slaven en de uitbreiding van het Christendom bepalende.