Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 12


auteur: [tijdschrift] Tijdschrift voor Nederlandse Taal en Letterkunde


bron: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 12. E.J. Brill, Leiden 1893  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 

Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 12

bron

Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 12. E.J. Brill, Leiden 1893

codering DBNL-TEI 1
dbnl-nr _tij003189301_01
logboek

- 2008-11-12 MG colofon toegevoegd

verantwoording

gebruikt exemplaar

exemplaar universiteitsbibliotheek Leiden, signatuur: S. Ned. 12 8406

 

algemene opmerkingen

Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van jaargang 12 van Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde uit 1893.

 

redactionele ingrepen

Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten.

 

[pagina I]

TIJDSCHRIFT

VOOR

NEDERLANDSCHE TAAL- EN LETTERKUNDE,

UITGEGEVEN VANWEGE DE

MAATSCHAPPIJ DER NEDERLANDSCHE LETTERKUNDE TE LEIDEN.

TWAALFDE DEEL.

NIEUWE REEKS, VIERDE DEEL.

LEIDEN. - E.J. BRILL.

1893.

 

[pagina II]

REDACTIE:

 

In Leiden: de Leden der Commissie voor Taal- en Letterkunde bij de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde.

Buiten Leiden: H.E. MOLTZER, J. TE WINKEL.

 

[pagina III]

INHOUD.


Bladz.
f. buitenrust hettema, Over Reynaert I 1.
a. beets, Tult 24.
j. te winkel, De Spiegel der Sonden, een nieuw Mnl. leerdicht 25.
a. van berkum, Rinclus vs. 193 41.
a. van berkum, Over romaansche en germaansche lijkplechtigheden[(1))Tot leedwezen der redactie is op blz. 48 de titel ongewijzigd blijven staan.] 48.
p.j. cosijn, Fara 83.
a.k., Bladvulling (Griep) 88.
c.h.ph. meyer, Kauw,ghyse 89.
c.h.ph. meyer, Stoepjes 90.
h. kern, Bijdrage tot de klankleer van 't Oostgeldersch taaleigen. Rekking van korte klinkers in lettergrepen met hoofdklemtoon. 92.
j. verdam, Eene onuitgegeven spreukenverzameling 97.
Aanteekeningen 103.
j. verdam, Verklaring van Nederlandsche woorden (VII. Karwei, blz. 112; IX. Krot, blz. 117; X. Krooi, blz. 120; XI. Wouteren, blz. 128) 112.
j. verdam, Dietsche Verscheidenheden (CIV. Non fortse; forche, blz. 131; CV. Een tot heden onbekend ww. cuwen, blz. 134; CVI. Baeshudich, blz. 137) 131.
j. verdam, Het haar van den hond 140.
Naschrift 149.
c.j.m. van gelder, van de water, Velthem's Spiegel historiael. Tekstcritiek 150.

 

 

[pagina IV]


Bladz.
w. van helten, Over een en ander uit het ndl. consonantisme (I. De apocope der -n in de hedend. natuurlijke spreektaal, blz. 167; II. Over den invloed, door een heterosyllabische j op een voorafgaande dentaal of l uitgeoefend, bl. 170) 167.
w. van helten, Naar aanleiding van Tijdschr. 11, 277 en '8 174.
j. verdam, Van dingen, die selden gescien 175.
j.w. muller, Nfri. boesdoer 176.
j.a. worp, Brieven van Huygens aan Cats 177.
w. van helten, Over een en ander uit het ndl. consonantisme. (III. De behandeling der in den ‘auslaut’ staande χ in 't Westnederfrankisch) 191.
h. kern, De sage van Karel en Elegast bij de Mongolen 196.
c.c. uhlenbeck, Volch-Elegast 198.
f. van veerdeghem, J.B. Houwaert's Handel der Amoreusheyt 202.
Noot van de Redactie 205.
w. de vreese, Houwaert's plagiaat 206.
c.j.m. van gelder, van de water, Velthem's Spiegel Historiael. Tekstcritiek. Vervolg van blz. 166 223.
j.w. muller, Gebraden peer 239.
g. kalff, Een nieuw fragment van den roman van Loyhier en Malaert 241.
f.a. stoett, Het haar van den hond 251.
a. postma, In hoeverre het type ‘Slenderhinke’ in P. Langendijks ‘Zwetser’ oorspronkelijk is 268.
f.a. stoett, Bouc van Seden vs. 656-658 278.
a. beets, Grande 279.
j. vercoullie, Nog iets over Stoepjes 280.
buitenrust hettema, Fosete, Fosite, Foste 281.
w. de vreese, Sec(k), sick 289.
j.w. muller, Nogmaals seck 300.
j. bolte, Beiträge zur Geschichte der erzählenden Litteratur des 16. Jahrhunderts (I. Olivier de la Marche's Camp van der doot, blz. 309; II. Buevijn van Austoen, blz. 311) 309.
f. van veerdeghem, J.B. Houwaert's Handel der Amoreusheyt. - Naschrift 320.