Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde


auteur: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden


bron: J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888-1891  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Robert Jacobus Fruin]

Fruin (Robert Jacobus), geb. te Rott., 14 Nov. 1823, begon 24 Sept. 1842 zijne litt. stud. te Leiden, prom. er 18 Dec. 1847 met eene diss. De Manethone Sebennytha, werd docent aan het Leidsche gymn., daarna praeceptor, met het begin van 1859 prorector en den 20 Febr. 1860 hoogleeraar in de Vaderlandsche Geschiedenis.

[p. 262]

Afzonderlijk verschenen: Het anti-revolutionaire staatsregt van Mr. Groen van Prinsterer ontvouwd en beoordeeld, Amst. 1853; De anti-revolutionaire bezwaren van Mr. G. Groen van Prinsterer tegen onzen staaten onze maatschappij overwogen, Amst. 1854; De onpartijdigheid van den geschiedschrijver. Redevoering ter aanvaarding van het hoogl. ambt aan de Hoogeschool te Leid., Amst. 1860; Tien jaren uit den tachtigjarigen oorlog, 1588-'98 eerst uitgekomen in de progr. van het sted. gymn. te Leid. 1856 en '57, Leiden 1859, daarna afz. Amst. 1861, 's-Grav. 1882; voorts eenige brochures. Als red. van De Gids, 1865-'75, en van Nijhoff's Bijdr. sedert 1868, als lid der Koninkl. akad. sinds 1859, van de Mij. der Ned. Letterk., 1851, en als medewerker aan verschillende tijdschriften, heeft de Hoogl. een groot aantal vraagstukken der geschiedenis opgelost of tot de uiterste grenzen der waarheid benaderd. Van deze studiën is eene volledige lijst in bewerking, tot aanvulling en voortzetting van hetgeen reeds onder verschillende rubrieken geplaatst is in het Repertorium, Leid. 1863 en v.v., gewoonlijk, en niet onverdiend, naar hem genoemd. Vanwege de Mij. der Nederl. Lett. zijn uitgegeven en door aanteekeningen bruikbaar en hoogst leerrijk gemaakt: Informacie ... op de nieuwe schiltaele in 1514, Leid. 1866; Enqueste ende informatie in 1493, Leid. 1876, en Overblyfsels van Geheugchenis van Coenraet Droste, z.a., Leid. 1879. Naaraanleiding der gedenkdagen en met medewerking van letterk. vrienden, die bij soortgelijken arbeid met wederkeerige hulp vergolden werd: De oude verhalen van het Beleg en Ontzet van Leiden. 's-Grav. 1874. Eindelijk: The Tragedy of sir John van Olden-Barnavelt, naar de uitgave van Bullen, met eene inleiding, 's-Grav. 1884.