Het schilder-boeck


auteur: Karel van Mander


bron: Karel van Mander, Het schilder-boeck (facsimile van de eerste uitgave, Haarlem 1604), Davaco Publishers, Utrecht 1969  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Het leven van Lambert Lombardus, Schilder en Bouw-meester van Luyck.

Grooten vlijt noch ernstigh nae soecken hebben my niet moghen baten, dat ick had moghen becomen een cleen Latijns Boeck, dat wel eer heeft beschreven den Brugschen Lampsonius, die in zijnen tijt was den Secretaris van den Bisschop van Luyck, oock een uytghenomen beminder en kenner van onse Const. Desen, alsoo hy te Luyck ghemeensaem was met Lambert Lombardus van Luyck, hadde in't langhe het leven beschreven van desen vermaerden Meester, daer ick my mede hadde moghen helpen in dit mijn voorneem. Lambert is doch gheboren gheweest te Ludick, oft Luyck, en is een cloeck en verstandigh Meester gheweest in de Consten van Schilderen, Metselrijen, en Perspectiven, en weerdigh te ghedencken, niet alleen om zijn uytnementheyt in der Const: maer oock om dat hy is gheweest, ghelijck als vertelt wort van Chiron, een Meester oft Voedster-heer der Helden, oft dat hy sulcke Voesterlinghen oft suygh-kinderen heeft opghebracht, als daer zijn gheweest Frans Floris, Willem Keye, Hubrecht Goltzius, en meer ander die naem weerdigh zijn, en hem zijn gerucht eerlijck vermeerderen. Lambert heeft verscheyden Landen besocht, eerst ontrent de Nederlanden, in Duytschlant, en Vranckrijck, en heeft weten te vinden eenighe Antijcken, die de Franci oft Duytschen souden hebben ghedaen, doe in Italien oft onder d'Italianen de Const door oproeren, inlandtsche krijghen, en anders vervallen, en schier vergaen was: dese heeft hy neerstich gheconterfeyt, aleer hy oyt de Roomsche dinghen hadde ghesien, uyt die beelden der Franschen zijnen eersten gront der Consten ghenomen: jae is soo ervaren in dese dinghen gheworden, dat hy con onderscheyden in wat tijden en plaetsen datse gemaeckt waren. Hy heeft oock Italien en Room besocht, van waer hy niet ydel noch ledigh weder is gekeert: maer is daer in zijnen bergigen hoeck Landts van Luycken een Vader van onse Teycken en Schilder-const gheworden, die de rouwe en plompe Barbarische wijse wech genomen, en de rechte schoon Antijcksche in de plaetse opgerecht, en te voorschijn ghebracht heeft: waerom hy niet weynigh danck en roem verdiende. Hy woonde buyten Luyck, was een verstandich Man, van goet oordeel, oock Philosooph en Poeet, hebbende in zijn wercken groot opmerc-

[fol. 220v] origineel

ken in't stelsel der beelden, ordineren der Historien, en uytbeeldinghen der affecten, en ander omstandicheden. Men siet van hem verscheyden dinghen in Print comen. Onder ander een groot Avontmael Christi, dat heerlijck van ordinantie is, en in affecten, werckinghen, en anders, soo aerdich en constigh by ghebracht, dat Lambert wel mach gherekent worden onder de beste Nederlandtsche Schilders, des voorleden en teghenwoordigen tijts. Hier mede laet ick t'gherucht zijnen naem bevolen.