Brieven. Deel 4. De Havelaar verschenen 1860


auteur: Multatuli


bron: Multatuli, Brieven. Deel 4. De Havelaar verschenen 1860 (ed. Mimi Douwes Dekker). W. Versluys, Amsterdam 1890


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Brieven. Deel 4. De Havelaar verschenen 1860

Multatuli

Editie Mimi Douwes Dekker

bron

Multatuli, Brieven. Deel 4. De Havelaar verschenen 1860 (ed. Mimi Douwes Dekker). W. Versluys, Amsterdam 1890

codering

DBNL-TEI 1

Wijze van coderen: standaard

dbnl-nr mult001mdou06_01
logboek

- 2011-04-05 AS colofon toegevoegd

verantwoording

gebruikt exemplaar

eigen exemplaar dbnl

 

algemene opmerkingen

Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van Brieven. Deel 4. De Havelaar verschenen 1860 van Multatuli, in een editie van Mimi Douwes Dekker uit 1890.

 

redactionele ingrepen

p. 240: de errata zijn doorgevoerd in de lopende tekst. De opgave ervan is verplaatst naar dit colofon.

 

Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (p. 2, 4) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.


[pagina 1]

BRIEVEN

van

MULTATULI.


[pagina 3]

BRIEVEN

VAN

MULTATULI

BYDRAGEN TOT DE KENNIS VAN ZYN LEVEN.

GERANGSCHIKT EN TOEGELICHT

DOOR

Mevr. DOUWES DEKKER,

Geb. HAMMINCK SCHEPEL.

AMSTERDAM - W. VERSLUYS.

1890.


[pagina 240]

ERRATA.


Op bl. 34, regel 7 v.o. staat: Brief LXX; moet zyn: LXXI.
Op bl. 50, regel 5 v.b. staat: Brief XIV en LXI; moet zyn: XIV en LXII.
Op bl. 77 staat: XXIII; moet zyn: XXII.
Op bl. 106, regel 8 v.o. staat: ik moet; moet zyn: ik moest.
Op bl. 110 staat: Telegram van 8 Aug. 1860; moet zyn: van 18 Aug. 1860.
Op bl. 138, regel 7 v.o. staat: waarom ben; moet zyn: waarom was.
Op bl. 143, regel 8 v.b. staat: gezondheid als; moet zyn: gezondheid. Als.
Op bl. 157, regel 14 v.b. staat: Hy kan; moet zyn: hy kon.