's Lants raetslot naer den eisch van zaeck en tyt helpt mengen,
En maetigen, op datze een heilzaem wit beschiet;5-66
Dat's al 't oneffen in zyn vouw en ploy te brengen,7
Ten dienst van 't Vaderlant en burgerlyck gebiet.8
Aldus draeft Polsbroeck, dan wat styver, dan wat zachter.9
10
Dat's out Romainsch. nu leght penseel en beitel achter.10
J.v. Vondel.
*Van of vóór 1660. - Volgens de tekst in Hollantsche Parnas, blz. 488.
Het motto betekent: ‘de onderworpenen te sparen, en den hoogmoedigen een verdelgingsoorlog aan te doen.’ Zie Aen. VI, 853. Opschrift: Het is niet duidelik, wat voor afbeelding hier bedoeld wordt: het marmeren medaillon dat A. Quellijn in 1660 beeldhouwde (afgebeeld in deel 6, blz. 12) of een der portretten, geschilderd door N. Elias of Th. de Keyser en door G. Flinck (van onbekende dateringen), zie Moes I, blz. 343. - Cornelis de Graeff (1599-1664), tussen 1643 en 1663 tienmaal burgemeester, raad 1639-1664, zie de geslachtlijst achterin deel 8.