Noordelijk Oostergo. Ferwerderadeel


auteur: Herma M. van den Berg


bron: Herma M. van den Berg, Noordelijk Oostergo. Ferwerderadeel. Staatsuitgeverij, Den Haag 1981


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 297]

Reitsum

Reitsum dat in verleden en heden steeds klein gebleven is, heeft vermoedelijk een hoge ouderdom. Wellicht moet het Richeim uit de oudste Fuldalijst geïdentificeerd worden met Reitsum. (Dronke c7 en 37). Blijkens de kaart van het dorp en omgeving in het kaartboek van Ruurd van Juckema uit 1626 in het Tjaardaarchief (r.a. Leeuwarden), bestaat het dorp slechts uit een kerk, twee huizen of boerderijen en ten noorden van het ronde kerkhofterrein een state (afb. 370). Op de Schotanuskaart van 1682 staan vier bouwwerken rond de kerk ingetekend.

Het kadastrale minuutplan laat een situatie zien waaraan nauwelijks de typische kenmerken van een terpdorp zijn af te lezen. De schaarse bebouwing is min of meer rond de kerk gelegen, maar verder ogenschijnlijk niet onder invloed van een bepaald principe (afb. 368 en 369).

Ook hier is met de verharding van het wegenstelsel, ca. 1867, een nieuw tracé dwars over de terp komen te liggen (Faber nr. 945). Rond de eeuwwisseling zijn de onbebouwde terpgronden afgegraven.

[p. 298]

Kerkgebouw

Hervormde kerk

De Hervormde kerk ligt op een terprest, een in de rij van Genum, Lichtaard en Raard. Het terprestant is beschermd als archeologisch monument uit de voor-Romeinse ijzertijd. De kerk is met de dakruiter eigendom van de Hervormde gemeente (afb. 367 en 371-373).

Litteratuur

r.v.a. i, 102, iii, 100; Benef, 142; r.v.g.o. 66; van der Aa xi, 411; Wumkes ii, 394; Van Buijtenen, Dorp, 106.

Bronnen

Rekeningen kerkvoogdij 1717-1842 ter plaatse.

Afbeeldingen

Tekening door J. Stellingwerf 1722 in coll. Fries Museum (afb. 372); tekening Piter Idserdts, coll. onbekend, afgebeeld bij van der Veen blz. 110.

Kaart van Reitsum in kaartboek van Ruurd van Juckema, Tjaarda archief r.a. Leeuwarden (afb. 370).

Geschiedenis

Blijkens een acte van 1550 over het uitgraven van de kerkhofgracht te Hallum waren de parochianen van de Flieterpen Genum, Reitsum, Lichtaard en Jislum verplicht daaraan mee te werken. Deze kerken waren dus waarschijnlijk dochterkerken van die van Hallum. In de 16e eeuw worden patroons- en pastoriegoederen vermeld. Van der Aa weet te melden dat de kerk in 1738 gebouwd is als langwerpig vierkant gebouw met op het midden een koepeltje; de preekstoel stond aan de oostzijde, de ingang was aan de westzijde en er was een kleine hangzolder. Stellingwerf geeft omstreeks 1723 de voorgaande kerk nog weer met ingang dicht tegen de westgevel en forse westtoren door een zadeldak gedekt. De toren wordt ook weergegeven op de kaart in het kaartboek Juckema van 1626. De kerk lijkt daar halfrond gesloten te zijn geweest.

Uit de kerkvoogdijrekeningen valt te lezen dat de toren in 1735 is afgebroken waarna in 1736 posten geboekt worden voor het aanvoeren van steen, hout en kalk voor de nieuwe kerk. Pytter Sipkes en Cornelis Cornelis krijgen 398 gld. aan arbeidsloon, Seekle Pars voor het opzicht 50 gld.

De kadastrale minuut van 1832 geeft een plattegrond met meerzijdige sluiting aan de west- zowel als aan de oostzijde. In 1874 is aanbesteed het vergroten en het bouwen van een spitsje of toren op de kerk. Het kerkelijk leven was in die jaren zeer bloeiend onder leiding van ds. Ploos van Amstel. In 1886 ontstond een afscheiding en bleef slechts een deel van de gemeente trouw aan de bestaande kerk. Volgens Algra zou de kerk daarna weer verkleind zijn, waarvoor o.i. geen aanwijzingen zijn, tenzij alleen het inwendige bedoeld wordt.

Beschrijving

De eenbeukige kerk is aan de oost- en westzijde verlengd en aan de oostzijde driezijdig gesloten; aan de noordzijde is een vleugel toegevoegd. Boven de westgevel een houten dakruiter (afb. 371 en 373).

Materiaal

De muren zijn samengesteld uit baksteen van 20,5-21 × 4,5 cm 10 lagen 50,5 cm; aan het koorgedeelte is een dikkere voeg toegepast, zodat 10 lagen 52,5 cm meten. Ook aan de westgevel is de steen herbruikt. De noordelijke aanbouw bestaat uit machinale steen.

Beschrijving

De muren van het schip zijn 56 cm dik en aan de nog gave zuidzijde geleed door pilasters, zodat er van het westen uit gerekend, twee brede traveeën, een smalle en opnieuw een brede travee zijn. De pilastergeleding is voortgezet aan het oostelijke jongere gedeelte, en eveneens aan de noordervleugel. De westgevel is onversierd behoudens een brede rollaag langs de top. De vensters zijn spitsbogig en gevuld met een roedenverdeling in houten ramen; aan het schip hebben de vensters afgeschuinde dagkanten, aan het koor ondiepere en rechte dagkanten, evenals aan de westzijde en aan de noordvleugel, waar zij met gevorkte roeden in de kop zijn gevuld. De dakruiter is in zijn tegenwoordige vorm 20e-eeuws. Op de nok windvaan met het wapen van Dokkum.

Inwendig

De eerste travee is afgeschoten van de overige kerkruimte; de oostelijke travee en de sluiting zijn door een schot van de kerkruimte gescheiden en dienen als consistorie. Op de scheiding van het oude werk en de oostelijke verlenging ziet men op een oude foto dat de muur naar binnen toe afgeschuind was, waarschijnlijk een aanduiding dat het schip oorspronkelijk van daar af driezijdig gesloten was. De ruimte is overdekt door een houten gewelf op een verbrede voorlijst, die door consoles gedragen wordt. De kap geeft geen aanwijzing meer over de voormalige dakruiter in het midden. De gedeelten boven het koor en de westelijke travee zijn aangehecht, de spanten zijn opnieuw opgesteld.

Bouwgeschiedenis

Het kerkje van 1738 had waarschijnlijk een dakruiter, door van der Aa als klapmuts gekenschetst, midden op de nok staan, overeenkomend met de smalle travee in het muur-

[p. 299]



illustratie

Afb. 367. Hervormde kerk. Plattegrond. Getekend naar opmeting in 1976.


werk. De verlenging aan de oostzijde, de wijziging aan de westgevel noch het optrekken van de noordvleugel komen voor in de kerkvoogdijrekeningen, die tot 1842 lopen. De twee eerstgenoemde wijzigingen zijn waarschijnlijk in 1874 uitgevoerd. Voor de oostelijke sluiting en de westgevel is oude steen gebruikt, aan het koor met wat zwaardere voegen. De noordvleugel van nieuwe machinale steen opgetrokken, zal in de jaren '80 van de vorige eeuw zijn gebouwd kort voor de afscheiding in 1886. De venstervorm is aangehouden met dien verstande dat de vensters in de westgevel en de noordelijke aanbouw een ruit breder zijn en de verticale roeden in de koppen vorkvormig uitlopen. In het koor konden de oude vensters opnieuw worden gebruikt.

De kerk bezit:

Preekstoel

Een eiken preekstoel met achtzijdige kuip met trap, klankbord en achterschot; op de leuning van de trap staat Ao 1638 (afb. 374). De velden van de kuip zijn versierd met geblokte boogjes op gegroefde pilasters met een gepijpt basement. Op de hoeken gegroefde ionische kolommen eveneens op gepijpte basementen. Trapleuningen met balusters.

Doophek

Het doophek had gelijke balusters als de trap van de preekstoel en bollen boven de stijlen; het is na 1959 verwijderd.

Zilver

Beker, hg. 15 cm diam. 10,7 cm (afb. 375). Standring met opstaande kepers en spiraalband; graveerwerk langs bovenranden met afhangende cartouches in rolwerk. In de cartouches voorstelling van Geloof, Hoop en Liefde; in de rand gegraveerd Dit is de Gemeijnte beeker van Reysūm Genūm en Lichtaerdt Ao 1688. Merken Leeuwarden, G. van 1658 (sic) meesterteken Wijntje Berends van Asten (Voet 405).

Doopschaal met geschulpte rand (afb. 317). Inscriptie: Ter herinnering der herstelling der kerk van Lichtaard in 1859, toen kerkvoogden waren Jhr. T.A.M.A. van Andringa de Kempenaer M.Y. de Jong en B.J. Klazinga, Predikant M.E. Kingma.

Klok

In de toren hangt een klok diam. 81 cm opschrift langs de bovenrand: Yan Henriks Tsipke Claesson Karckmeisters tot Fledtdorp Henrick Wegewart goot my inder Stadt Campen Anno 1612. Eronder ingekrast In den dorp Reisen (Fehrmann, 317).

Wijzerbord met Anno 1881.

De states

State?

Op de kaart in het kaartboek Juckema (Tjaarda-archief r.a. Leeuwarden) staat ten noorden van de kerk als perceel nr. 1 een laag gebouw getekend bestaande uit twee haaks op elkaar staande vleugels, waaromheen de gemeten landerijen zijn gegroepeerd (afb. 370). Het Huis zal dus tot de eigendommen van Juckema behoord hebben.

Staniaterp

Ten noorden van Lichtaard ligt de terp Stania, een beschermd archeologisch monument, uit de voor-Romeinse ijzertijd (afb. 397).

Staniahuis

Op de terp stond Staniahuis.

Litteratuur

r.v.a. i, 102, 111, 101, 103.

Bronnen

Bewerking van de genealogische bronnen door D.J. van der Meer.

Geschiedenis

Onder Reitsum brengt in 1511 Peter als meijer van Jeppa to Stanijehuus landen aan; in 1548 is Jan Thijs meijer van de erfgenaam van Jeppe Stania. Ook Claes Jansz to Staniehuijs brengt land aan als meijer van Jeppe Stania's erven. Het Beneficiaalboek kent Stammehuis waar Clard op woont en Stanialanden door Lutke Stania in gebruik.

[p. 300]

Onder Niawier komt echter in de Aanbreng van 1511 voor Gerck Stanie kinderen als landheer. Gerck Stanie was een van de edelen die in 1491 een verbond met Groningen sloten (Pax Groningana nr. 47 en 48). Jeppe bovengenoemd was zijn zoon; deze was Bourgondisch gezind en gehuwd met een Heemstra te Oenkerk, waar de naam Stania nog bekend is. Zijn grafzerk uit 1533 is in 1976 in de kerk aldaar gevonden. In 1552 moesten Tjepke Stania en Rijnnert Andries er voor zorgen dat een harnas, spies en degen voor handen waren te Reitsum. Dit zal gelezen moeten worden als Tjepke op Stania als meijer. Ook in 1578 komt er geen edelman voor te Reitsum (Reg. v.d. Pers. Imp., r.a. Leeuwarden). De stins Stania zou in 1511 dan reeds niet meer door de familie bewoond zijn.

Boerderij

De boerderij ligt thans ten zuiden van de terprest en dateert dus van na de afgraving. Het is een boerderij van het kop-hals-romptype waarvan het voorhuis vernieuwd is.

De Spijker

Op de kaart van Schotanus wordt de Spijker nog aangegeven ten zuiden van Lichtaard. Ook Eekhoff geeft het terrein aan. In 1511 brengt Tjaard up den Spijker land aan als meijer van Klaarkamp; in 1540 is dat Ritske Claes ‘nu meijer van Klaarkamp’. Het Beneficiaalboek spreekt van Ritske op het Spiker (p. 143). Het terrein is thans niet meer bebouwd en wordt niet meer met de naam Spiker vermeld.

Overige boerderijen

Boerderij, Dokkummerweg 19

Ten zuidwesten van de kerk ligt een boerderij van het kop-hals-romptype met kelder in het achterste deel van het binhús (afb. 377). Ook op de kadastrale minutekaart is de plattegrond van de boerderij aldus aangegeven, zodat de boerderij van vóór 1832 kan dateren. De zijmuren van de schuur zijn van moderne vensters voorzien. De voorgevel is midden 19 eeuw gewijzigd.

Ten oosten van de kerk op een omgracht terrein grote boerderij van het kop-hals-romptype met onderkelderd voorhuis, blijkens details als de gietijzeren ankers omstreeks 1870 ontstaan (afb. 378-380).

[p. 301]



illustratie

Reitsum van het zuiden gezien in 1915.


[p. 302]



illustratie

Afb. 368. Copie van de kadastrale minute van omstreeks 1832. Schaal 1:7500.




illustratie

Afb. 369. Luchtfoto, schaal 1:6500. Opname april 1973.




illustratie

Afb. 370. De situatie van het dorp volgens een getekende kaart uit 1626 in het Tjaardaarchief.


[p. 303]



illustratie

Afb. 371. De Hervormde Kerk uit 1738 van het zuiden gezien. Aan beide zijden is het gebouw sindsdien uitgebreid, aan de oostzijde met een nieuwe driezijdige sluiting, aan de westzijde met een rechthoekige travee ter vervanging van de oorspronkelijke driezijdige westelijke beëindiging. Opname 1976.




illustratie

Afb. 372. De middeleeuwse kerk van Reitsum getekend door J. Stellingwerf in 1722.




illustratie

Afb. 373. De kerk uit het westen gezien met de laat-19e-eeuwse aanbouw aan de noordzijde. Opname 1959.


[p. 304]



illustratie

Afb. 375. De zilveren avondmaalsbeker van Reitsum, Genum en Lichtaard. Leeuwardens keur 1658 meester W.B. van Asten. Opname 1976.




illustratie

Afb. 374. De preekstoel, op de trapleuning gedateerd 1638. Opname 1976.




illustratie

Afb. 376. De onderzijde van de beker met de jaarletter van 1658, hoewel het opschrift 1688 vermeldt. Opname 1976.


[p. 305]



illustratie

Afb. 377. Boerderij ten westen van de kerk, Dokkumerweg 19, met keldertje waarboven aanvankelijk kasten-bedstedenwand in het achterste deel van het voorhuis. Opname 1966.




illustratie

Afb. 378. Boerderij ten oosten van de kerk uit de tweede helft van de 19e eeuw met onderkelderd voorhuis. Opname 1965.


[p. 306]



illustratie

Afb. 379. Achtergevel van de boerderij ten oosten van de kerk. Opname 1979.




illustratie

Afb. 380. Kippetrapje aan de achterzijde van de boerderij. Opname 1979.