|
Briefwisseling van Hugo Grotius. Deel 11Hugo de Grooteditie B.L. Meulenbroek en Paula P. Witkam
bron
Hugo de Groot, Briefwisseling van Hugo Grotius. Deel 11 (eds. B.L. Meulenbroek en Paula P. Witkam). Martinus Nijhoff, Den Haag 1981
codering
DBNL-TEI 1
dbnl-nr groo001brie11_01
logboek
- 2009-04-29 CB colofon toegevoegd
verantwoording
gebruikt exemplaar eigen exemplaar dbnl
algemene opmerkingen Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van Briefwisseling van Hugo Grotius. Deel 11 in de editie van B.L. Meulenbroek en Paula P. Witkam uit 1981.
redactionele ingrepen Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (I, VI, VIII, XVI, 743 en 802) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.
[pagina II] RIJKS GESCHIEDKUNDIGE PUBLICATIËN
179
[pagina III] BRIEFWISSELING VAN HUGO GROTIUS Elfde deel 1640 uitgegeven door Dr. B.L. Meulenbroek en Drs. Paula P. Witkam 's-Gravenhage verkrijgbaar bij martinus nijhoff 1981
[pagina IV] De uitgave van dit elfde deel van de Briefwisseling van Hugo Grotius is tot stand gekomen dank zij de mogelijkheden geboden door het Grotius Instituut der Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen met geldelijke steun van de Nederlandse Organisatie voor Zuiver-Wetenschappelijk Onderzoek. ISNB 247 9112X
[pagina V] Inhoud
[pagina VII] Dr. B.L. Meulenbroek, die van 1954 tot 1980 opdrachthouder voor de uitgave van deze Briefwisseling en sinds 1966 tevens directeur van het Grotius Instituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen was, heeft na de voltooiing van het thans gereed gekomen deel zijn werkzaamheden in beide hoedanigheden beëindigd. De Grotius-Commissie van de Akademie, sinds enkele jaren belast met het toezicht op de wetenschappelijke activiteiten van genoemd Instituut, stelt er prijs op, Dr. Meulenbroek haar erkentelijkheid te betuigen voor al hetgeen door hem en onder zijn leiding tot stand is gebracht. Namens de Grotius-Commissie
|