De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 52]origineel

[J. Weyerman]

J. WEYERMAN gebentnaamt Compaviva, was een knaap (gelyk het spreekwoord zeit) van alle markten weergekomen. Hy wist zig dan in de gonst van deze dan van genen te vleyen. Hy sprak zevenderhande talen, verstond zig op het bloem en fruitschilderen wonder wel, maar wist egter zyn tong beter dan zyn penceel te bestieren.

Sommige menschen, zeit Gratiaan, worden geboren met een vermogen om met alles wat zy zeggen en doen, de gunst van een yder een te trekken, en hun genegenheid in te nemen, zoo dat zy over de zelve heerschen.

Verscheyde agtereenvolgende jaren heeft hy zig weten op te houden by van Beeke, Schout te Bodegrave, die tot de oeffening der Konst geneigt zynde, die gelegentheid waarnam om van hem de behandeling van 't penceel en vermenging der verwen te leeren, gelyk men dan ook van hem somwyle een fruitstukje, of doode Vogels hangende aan een spyker, of in een nissing verbeeld ziet.

Zeker het onderwys, en schoon praten, heeft hem duur gestaan, aangezien hy hem langen tyd aankleefde, en 'er zoo gemakkelyk niet af kwam, als de Koning Dionyzius van zyn Zangmeester. Als deze klaagde dat hy geen vergelding voor zyn zingen ontfangen had, zei de Koning tot hem: zyn wy niet samen effen? gy hebt my vermaak aangedaan met zingen, en iku met hoop te voeden.

Oudendyk en Drossaart schilderden Landschappen, en daar in verbeeld Hartejachten en diergelyke Jachteryen, Ruisscher Noortsche gezigten: hier een lage va-

[p. 53]origineel

ley, daar steile klippen, tusschen beide beplant met lynrechte mastboomen, en geciert met huppelende steenbokjes by het ruisschen van een neerstortende waterbeek. Akerboom gesigten van Steedjes Dorpen Buurten enz. Ik heb de Stad Doornik in 't kleen door hem verheelt gezien, 't welk verwonderlyk uitvoerig geschildert was. Pieter Gyzen Leerling van Jan Breugel kleene uitvoerig geschilderde Landschapjes met beeltjes. 'k Heb ook gesigten van den Rynstroom, op de wyze van H. Sachtleven van hem gezien, die Konstig behandelt waren.