auteur: P.J. Meertens
bron:
P.J. Meertens, Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en
de eerste helft der zeventiende eeuw. N.V. Noord-Hollandsche Uitgevers
Maatschappij, Amsterdam 1943. [Verhandelingen der Nederlandsche Akademie van
Wetenschappen, Afdeeling Letterkunde, Nieuwe Reeks, Deel XLVIII, No. 1.]
verantwoording
inhoudsopgave
doorzoek de hele tekst
downloads
©
2000 dbnl / erven P.J. Meertens

|
|
| |
Boekdrukkunst en uitgeverij
Pas na de overgang van de stad, in 1576, heeft zich de eerste
drukker in Middelburg gevestigd
1: Hendrik Schilders
van Zieriksee, maar de man stierf voordat zijn eerste boek ter
perse was gegaan. In Augustus 1577 trachtten Wet en Raad een overeenkomst voor
zeven jaar aan te gaan met
Jan Stel, ‘om de conste ende ampt
van bouckdrucker hier binnen deser stede te exerceren’; deze
onderhandelingen liepen evenwel op niets uit
2.
Meer succes hadden de pogingen, in 1579 en het volgende jaar aangewend, om Gabriël Guyot, lettergieter en
drukker te Antwerpen, te bewegen om zijn bibliotheek en zijn
winkel naar Middelburg over te brengen. Zijn werkzaamheid aldaar schijnt zich
echter tot het drukken van plakkaten te hebben beperkt
3.
Intussen had in 1579 een Engels drukker,
Richard Schilders (± 1538 -
1634)
4 zich te Middelburg
gevestigd. Geboortig uit Edingen in Henegouwen, was
hij sinds 1567 te Londen werkzaam geweest. Waarschijnlijk is hij een
bloedverwant van de zojuist genoemde
Hendrik Schilders. Bij zijn komst te
Middelburg kreeg hij £ 4:3:4 ‘over zijn recompense van | | | | zijn moeijte by hem gedaen int overcomen vuijt Ingelant alhier om
aengenomen te worden als drucker’
5.
Al in 1575, dus toen hij nog te Londen woonde, was bij hem een Hollandse
vertaling van de ‘Conjugalia praecepta’ van
Plutarchus verschenen, waarschijnlijk van
zijn eigen hand
6. Hij werd
weldra gezworen drukker van de Staten van Zeeland
7 en gaf een groot aantal meer of min belangrijke werken uit
8, op staatkundig zowel als op theologisch, maar ook op ander
wetenschappelijk gebied; o.a. drukte hij in 1600 de ‘Opera mineralia’ van de alchemist
Joannes Isaacus Hollandus en in 1610 de
‘Plantarum tum patriarum, tum exoti-carum, in Walachria, Zeelandiae
insula, nascentium synonyma’ van
Caspar Pelletier. Bovendien gaf hij een
groot aantal theologische werken van Engelse Puriteinen uit, wier richting hij
overtuigd was toegedaan; zijn vestiging te Middelburg valt, misschien niet
geheel toevallig, ongeveer samen met de komst der Brownisten aldaar. Zelf
vertaalde hij verscheidene bij hem verschenen geschriften uit het Engels in het
Nederlands.
Jacobus I verdacht hem in 1619 er van de
drukker te zijn van de * ‘Dissertatio de gubernatione ecclesiae’ van de
Veerse predikant
Gerson Bucerus; echter ten onrechte, want
het boek was door
Symon Moulert gedrukt
9.
Hij stierf in 1634, ongeveer 96 jaar oud. Zijn drukkerij was achtereenvolgens
in het Lombaardstraatje (1580), de 's Gravenstraat (1588) en in de Langedelft
(1609) gevestigd. Ook zijn zoon
Isaac Schilders komt in 1611 en 1612 als
drukker te Middelburg voor, maar schijnt later naar Breda te zijn
verhuisd.
Abraham Schilders, klaarblijkelijk een
andere zoon, gaf in 1620 eveneens te Middelburg een Engels boek uit
10.
Al in 1590 schijnt het aantal boekdrukkers en boekverkopers in
Middelburg zo groot te zijn geweest, dat tot de oprichting van een
boekdrukkersgilde kon worden overgegaan
11, waaraan
het stadsbestuur op 18 Augustus van dat jaar een privilege schonk. Door
onbekende oorzaken raakte dit gilde, dat waarschijnlijk meer boekverkopers dan
-drukkers zal hebben geteld, al spoedig in verval; eerst in 1620 werd het weer
hersteld. Inmiddels hadden zich naast Richard Schilders enkele andere uitgevers
in Zeelands hoofdstad gevestigd, die een groot aantal boeken zowel in het
Nederlands als het Engels en het Frans, in de handel brachten. In het begin van
de zeventiende eeuw was de bekendste Middelburgse uitgever de in 1592 als
boekbinder uit Duisburg overgekomen Adriaen van de Vivere († 1617)
12, die in dat jaar poorter werd
13. Hij
vestigde zijn uitgeverij in het huis ‘'t Blauw Laken’ op de Korte
Burcht, naast de Herenbeurs aan de kant van de Groenmarkt
14,
en werkte daar onder het huisteken van de Vergulde Bijbel
15. Richard en
Isaac Schilders, Symon Moulert en Hans van
der Hellen drukten voor hem. Hijzelf vertaalde verscheidene van zijn uitgaven
16. De predikanten
Faukelius,
Walaeus en
Panneel behoorden tot zijn kennissenkring.
Na zijn dood zetten zijn erven de zaak nog enige tijd aan hetzelfde adres
voort, tot Jan Pietersz. van de Venne huis en bedrijf van hen overnam.
Deze Jan Pietersz. van de Venne (†
1625) is waarschijnlijk dezelfde als de ‘prentvercooper’ Jan
Pietersz uit
Lier in Brabant, die 1 Juli 1608 poorter werd te
Middelburg
17. Hij was getrouwd met
Catharina de Gheyn uit de bekende
kunstenaarsfamilie; zij was een dochter van
Jacob Jansz. de Gheyn en dus een zuster van
Jacob de Gheyn (1565 - 1629). Waarschijnlijk
is Jan Pietersz eerst leerling bij Adriaen van de Vivere geworden, en heeft hij
na diens dood het bedrijf overgenomen. Al in 1618 werden de ‘Maechden-plicht’ en de ‘Sinn'- en minne-beelden’ van
Cats voor zijn rekening gedrukt bij Hans van
der Hellen. Pas 1 Mei 1620 werd hij vrij, d.i. meester in het
boekverkopersgilde. Behalve drukker en | | | | boekverkoper was hij
kunsthandelaar, en bovendien maakte hij gedichten; een lofdicht voor Cats'
‘Houwelyck’ verscheen in het jaar van zijn dood
18. In 1623
heeft hij de ‘Zeeusche Nachtegael’ uitgegeven, waarvan hij
waarschijnlijk ook de samenstelling in handen heeft gehad. Op 3 Mei 1625 werd
hij begraven; zijn weduwe
19 deed de
drukkerij en uitgeverij waarschijnlijk over aan
Jacob van de Vivere, de jongere broer van
Adriaen, die tot 1645 werkzaam bleef, en eveneens een belangrijk boekdrukker en
-verkoper was. Bij hem zagen o.a. een aantal werken van
Willem Teelinck het licht.
Geeraert van de Vivere, misschien een derde
broer, gaf in de jaren 1620 tot 1622 eveneens enkele werken van Teelinck
uit.
Ook Symon Moulert
20
had zich in 1599 als drukker te Middelburg gevestigd. Voor zijn drukkerij, die
op de Dam bij de oude beurs gevestigd was, hing het uithangteken ‘In de
Druckerye’ uit. Als Statendrukker gaf hij een aantal officiële
stukken uit, maar daarnaast ook andere, belangrijker werken, als de in 1618
verschenen geruchtmakende ‘Dissertatio de gubernatione ecclesiae’ van Gerson
Bucerus, waarvoor, zoals we zagen, Moulerts collega Richard Schilders werd
lastig gevallen
21. In 1619 verschenen de ‘Proverbia’ van
Johan de Brune bij hem. In 1622 was hij
deken van het gilde; niet lang daarna schijnt hij gestorven te zijn. Zijn
weduwe en erfgenamen zetten de zaak voort; hun namen worden van 1623 tot 1642
vermeld, o.a. als Statendrukkers,
Jacob Moulert, die in 1624 vrij werd en al
in 1627 beleder van het gilde was, schijnt aan het hoofd van deze belangrijke
uitgeversfirma te hebben gestaan, die o.a. in 1631 een der uitgaven van de
‘Colloquia et dictionariolum octo linguarum’ uitgaf
22 en in 1634 de kroniek van
Eyndius. Na 1663 komt de firmanaam in
Middelburg niet meer voor
23.
In 1617 bracht de Zierikseese drukker
Hans van der Hellen
24
zijn zaak over naar Middelburg, waar hij nog in 1664 woonde en werkte. Zijn
drukkerij was eerst in ‘De Fransche Galey’ (Markt I. no. 8),
vervolgens in ‘'t Wapen van Audenaerde’ (Markt C. no. 8) gevestigd;
hij drukte er vele werken van Willem Teelinck, voor Middelburgse uitgevers als
Van de Vivere, Van de Venne en Roman, maar ook voor elders gevestigde als
Maerten Jansz. Brandt
te Amsterdam. De eerste werken van Cats werden op zijn persen
gedrukt. Bovendien was hij Statendrukker.
Zacharias Roman (1595 - ± 1675)
25, eveneens een van de bekendste
Middelburgse boekdrukkers en uitgevers uit deze jaren, werd in 1620 in het
poortersregister ingeschreven als ‘bouckvercooper van Haerlem’. Hij
was een zoon van de bekende Haarlemse drukker Gillis Roman, die uit
Gent afkomstig was; Zacharias Heyns, naar wie hij genoemd was, had
als peet over hem gestaan bij zijn doop. De jonge Roman vestigde zijn zaak op
de Burcht, en aangezien de Vergulde Bijbel er als teken uithing, zal hij dit
huisteken van Adriaen van de Vivere waarschijnlijk van Jan Pietersz. van der
Venne hebben overgenomen. Zacharias Roman, die deken en beleder van het gilde
werd, gaf o.a. tezamen met een ons verder onbekende
Michiel Roman
26 in 1644 de door Boxhorn
bewerkte druk van Reygersberchs ‘Cronijcke van Zeelandt’ uit. Hij schijnt pas
omstreeks 1675 te zijn overleden. Na zijn dood is de zaak opgeheven.
Naast deze grotere werkten nog tal van andere, kleinere
boekverkopers en uitgevers in deze jaren te Middelburg. Baernaerdt (Barend) Langenes
27 gaf er in de jaren 1597 - 1605 verscheidene werken uit, o.a. in 1598
een ‘Caert-thresoor, inhoudende de tafelen des gantsche
wereltslanden’
28, en in 1597 een merkwaardige reisbeschrijving naar de Oost
29. Waarschijnlijk is hij dezelfde Barent Langenes, die van 1632 tot
1637 in Den Haag gevestigd was. Jeronimus Wullebrechts gaf in 1589 te
| | | | Middelburg een geschrift van
Kimedoncius uit
30, dat bij R. Schilders werd gedrukt; het blijkt
niet, of deze uitgever nog andere werken in het licht heeft gegeven. Uit deze
onvolledige opsomming
31 wordt
duidelijk, dat Middelburg in het laatste decennium der zestiende en het begin
der zeventiende eeuw een belangrijk aandeel had in de boekenproductie, en aldus
ook op dit gebied een kulturele taak vervulde in de Nederlandse
volksgemeenschap van deze tijd.
In het tweede en derde kwart van de zeventiende eeuw had de
drukkerij en uitgeverij van Anthony de Later
32, die tussen de jaren 1636 en 1667 aan de Markt, op de hoek van de
Lange Burcht was gevestigd, enige bekendheid. Zijn oudste bekende uitgave is
van 1625. De Later was stadsdrukker en tevens, althans in 1650 en 1664, drukker
van de Staten van Walcheren. Van zijn persen verschenen een aantal theologische
geschriften, waaronder over de zaak van Philips Lansbergen
33. Jacques Fierens
34, die van 1642 tot 1669 voorkomt, gaf o.a. het ‘Bancket-werck’ van Johan de Brune (1657; 2de druk
1660) uit, en de ‘Metamorphosis et historia naturalis insectorum’
(1662, 1667 en 1669) van
Johannes Goedaert. Hij woonde in de
Giststraat ‘in de Globe’, waar hij in 1669 overleed.
In Vlissingen is Maerten Abrahamsz. van der Nolck de
oudst bekende boekdrukker. Hij had zijn winkel ‘in de Druckerije’
op de Bierkaai en was aldaar van 1573 tot 1623 werkzaam. Ook bij hem verscheen
een der uitgaven van de ‘Colloquia et dictionorariolum octo linguarum’
(1613)
35. Van Jan van Date is een Vlissingse druk uit
1610 bekend, van Samuel Claeys Versterre enkele uitgaven
uit de jaren 1628 - 1650, o.a. van werken van Willem Teelinck. Jan Jansz. de Jonghe drukte er van 1633
- 1652, Jacob Jansz. Pick (Pieck)
36 van 1636 - 1658. Deze boekverkoper, die uit Zieriksee afkomstig
was, was een ijverig lid van de rederijkerskamer ‘De Blaeu
Acolye’, en gaf in 1642 haar bundel ‘Vlissings
Redens-lust-hof’ uit. Jacob Verdoes drukte er in 1651 en 1652.
Abraham van Laren (1633 - 1679)
37, een zoon van de Vlissingse
predikant
Joos van Laren, zette in 1652 in zijn
vaderstad een boekwinkel op in de Sint-Jacobstraat, vanwaar hij, toen hij
stadsdrukker werd, verhuisde naar de Beurs. Hij gaf o.a. de meeste werken van
zijn vader uit, en vertaalde zelf verscheidene theologische geschriften uit het
Engels. Als ouderling schreef hij in 1673 een ‘Noodtsaeckelyke reformatie, ontrent het ampt der
ouderlingen’. Van Geurt Jansz is een Vlissingse druk uit
1653 bekend; Johannes van den Eede tenslotte gaf er
tussen 1654 en 1667 verscheidene boeken uit.
In Zieriksee werd, in 1611, de zojuist genoemde Vlissingse
boekdrukker Maerten Abrahamsz. van der Nolck als
drukker toegelaten, maar dat hij er als zodanig werkzaam is geweest, is niet
waarschijnlijk. Van 1614 tot 1617 ontmoeten we er Hans van der Hellen, die zijn
drukkerij op de Appelmarkt had
38, maar al in 1618
naar Middelburg verhuisde. Tussen 1636 en 1652 was Balthasar Doll er als uitgever op de
Dam gevestigd; waarschijnlijk is hij verwant aan het zeventiende-eeuwse Haagse
uitgeversgeslacht van dezelfde naam. Na hem ontmoeten we geen Zierikseese
drukkers of uitgevers meer vóór het midden van de achttiende
eeuw.
In Goes vinden we in 1643 Adriaan Huysman als drukker gevestigd
39. Eerst in 1654 werd
er voor de eerste keer een stadsdrukker aangesteld
40. In Hulst was Adriaen de Jager in 1662 als
boekverkoper werkzaam, in Sluis Pieter Roselaer in 1673 als uitgever.
Christoffel Speckaert was in 1636 als
boekdrukker in Tolen werkzaam; mogelijk zijn door hem ook de Toolse drukken van
1627 en 1629 uitgegeven, waarvan we de drukkers niet kennen
41. Op naam
van Govert Liefhebber staat een Veerse
druk van 1677, maar waarschijnlijk is dit een pseudoniem
42.
|
1Vgl. voor het volgende: J.C. Altorffer, Over de
invoering der boekdrukkunst te Middelburg (Handelingen van het XIIde
Nederlandsch taal- en letterkundig congres (Middelburg, 1873), blz. 309 - 318);
Nagtglas, II, blz. 589. Overigens zijn de gegevens voor deze aantekeningen
passim ontleend aan de bekende drie werken van A.M. Ledeboer: De boekdrukkers,
boekverkoopers en uitgevers in Noord-Nederland (Deventer, 1872), Alfabetische
lijst der boekdrukkers, boekverkoopers en uitgevers in Noord-Neder-land
(Utrecht, 1876), en Chronologisch register behoorende bij de Alfabetische lijst
der boekdrukkers, boekverkoopers en uitgevers in Noord-Nederland (Utrecht,
1877); verder aan: Nagtglas, Levensberichten van Zeeuwen, (J.L.C.) J(acob),
Zeeuwsche boekdrukkers in de 15de en 16de eeuw (Bijdragen tot de geschiedenis
van den Nederlandschen boekhandel, I (Amsterdam, 1884), blz. 463 - 468) en aan
de (in 1940 verbrande) Bio-bibliografische aanteekeningen betreffende
Middelburgsche boekdrukkers, uitgegeven door J.C. Altorffer, die in hs. in het
Middelburgse gemeente-archief berustten.
2Vgl. J.H. de Stoppelaar, Inventaris van het oud
archief der stad Middelburg, 1217 - 1581 (Middelburg, 1873), no. 2721.
3T.a.p., nos. 2793, 2845.
4Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 589 - 591; J.
Dover Wilson, Richard Schilders and the English Puritans (Transactions of the
Bibliographical society, 11 (1912), p. 65 - 134). In dit opstel worden 51
drukken van schilders opgesomd, alle aanwezig in de bibliotheek van het Brit.
Mus. te Londen; volledig is deze lijst echter niet.
5Kesteloo, Stadsrek., IV, blz. 94 - 95.
6Den spieghel, des houwelicks, waer in door veel
schoone ende ghenoechelycke redenen, gelyckenissen ende gheboden, vertoocht
ende gheleert wordt, hoe dat man ende wyf hen teghen elckanderen dragende, een
vreetsaem, lieflick, ende gheluckich leven met elckanderen sullen leyden. Wt
den Grieckschen autheur Plutarchus, int Neduytsch (sic) overgheset. Ghedruct by
Richard Schilders. Anno 1575 (48 blzn.; 8vo) (U.B., Gent).
7Notulen der Staten van Zeeland, 8 Februari
1583.
8Het eerste boek dat van zijn pers kwam, en dus
het oudste in Middelburg gedrukte werk, was de ‘Requeste by die, welcke
men die Wederdooperen ofte Mennoniten noemt, overghegeven’ (Middelburgh, ghedruckt by
Richardt Schilders, woenende int
Lombaert-straetken, 1580). - Vgl. hiervóór, blz. 203, noot
87.
9Vgl. hiervóór, blz. 189.
10Charles E. Sayle, Early English printed books
in the university library Cambridge (1475 - 1640), III (Cambridge, 1903), no.
6485.
11Het bleef tot 1795 in stand.
12Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 870 -
871.
13Kesteloo, Stadsrek., IV, blz. 95.
14Later het (in 1940 verbrande) huis, gemerkt D.
9 (en 10?). Tevoren had hier dr.
Matthias de l'Obel, de laatste lijfarts
van Prins
Willem I, en een groot kruidenkenner,
gewoond. Vgl. J.C. Frederiks, in Oud-Holland, 14 (1896), blz. 27 - 28.
15De zaak had een Bijbel tot uithangteken, met
het toepasselijke woord uit Jesaja 35:7: ‘Waer het te vooren drooch
geweest is, daer sullen vivers sijn’.
16O.a. van D. Tossanus: Cort onderwiis van de
ware kennisse Gods ... In Neder-duyts gestelt door A.V.V. Middelburgh, bij
Richard Schilders, voor A. vanden
Vivere. 1610 (Prov. Bibl. van Zeeland, Middelburg).
17Bredius, Künstler-inventare, a.a.O., VII,
S. 245. Voor Jan Pietersz. van de Venne vgl. hiervóór, blz.
219.
18De kunst en letter-drucker aen de Nederlantsche
vrysters. - Houwelyck, t.a.p., II, blz. F r° - v°.
19Zij is in 1627 hertrouwd met
Huybrecht Ruyssaert, die waarschijnlijk de
kunsthandel van Van de Venne aanhield. - Vgl. Bredius, a.a. O.
20Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 235.
21Vgl. hiervóór, blz. 189 en
419.
22Vgl. Colloquia et dictionariolum septem
linguarum ... opnieuw uitgegeven door R. Verdeyen, I (Antwerpen, 's-Gravenhage,
1926), blz. CX.
23Van 1643 tot 1645 komt de naam van
Gerrit (Geraert) Moulert in het gildeboek
voor.
24Zie over hem: Nagtglas, I, blz. 360.
25Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 538 - 539; H.
J. van de Kerk, De Haarlemse drukkers en boekverkopers, 1540 - 1600
('s-Gravenhage, 1941), blz. 88, 94, 136.
26Zijn naam komt alleen op het titelblad van het
eerste deel voor; hij was dus misschien al voor de verschijning van het tweede
-deel gestorven. Dat het werk te Leiden weid gedrukt, houdt waarschijnlijk
verband met het feit dat Boxhorn daar woonde.
27Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 27 -
28.
28Catalogus van de Prov. Bibliotheek van Zeeland,
I, blz. 146.
29Vgl. P.A. Tiele, Mémoire bibliographique
sur les journaux des navigateurs néer-landais (Amsterdam, 1867), p.
116.
30H.C. Rogge, Beschrijvende catalogus der
pamfletten-verzameling van de boekerij der Remonstrantsche kerk te Amsterdam,
stuk II, afd. I, blz. 7.
31Zo is geen melding gemaakt van kleinere zaken
als die van
Jan Bastiaansz. Krol (1625),
Symon Verhoeven (1646),
Gijsbert Vermeyde (1646) en
Gysbert Verdussen1647).
32Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 46 -
47.
34Zie over hem: t.a.p., I, blz. 214 -
215.
35Colloquia et dictionariolum septem linguarum,
t.a.p., I, blz. CVII.
36Zie over hem: Nagtglas, II, blz. 389 -
390.
37Zie over hem: De la Rue, blz. 224; Nagtglas, II,
blz. 45 - 46; N.N.B.W., IV, kol. 875 (A.A. van Schelven); Biogr. wdb. v.
Protest. godgel., IV, blz. 590 - 592.
38In 1615 drukte hij voor rekening van
A. van de Vivere te Middelburg twee
werken van de Zierikseese predikant
Hendrik Brandt.
39Naamgenoten van hem waren in de tweede helft
van de achttiende eeuw in Goes drukker en uitgever.
40Piccardt, Bijzonderheden uit de geschiedenis
der stad Goes, t.a.p., blz. 200.
41Vgl. De la Rue, blz. 46 en 47.
42Pamflet Tiele, no. 7581.
|
|