auteur: Joost van den Vondel
editeur: Leo Simons, C.R. de Klerk, B.H. Molkenboer, J. Prinsen J.Lzn, H.W.E. Moller en J.F.M. Sterck
bron:
J.F.M. Sterck, H.W.E. Moller, C.R. de Klerk, B.H. Molkenboer, J. Prinsen J.Lzn. en L. Simons (eds), De werken van Vondel. Eerste deel 1605-1620. De Maatschappij voor goede en goedkoope lectuur, Amsterdam 1927
verantwoording
inhoudsopgave
doorzoek de hele tekst
downloads

|
|
| |
| | | |
Sonnetaant.*
Evripides voor langhs dede al d'Aenschouwers weenen 1
Doen Iphigenia bebloeden zijn Toonneel, 2
En als een schoone Bloem van haren groenen steel
Geblixemt nederviel, gelijck een schauw verdwenen: 4
5
Doch Koning doet niet min wanneer hy 't oud voorhenen
Droef Schouw-Spel ons vernieut, en 'tMaegdelijcke bloed 5-6
Van Iephthahs weerdste pant, uytstort als eenen vloed, 7
Dan stervet al met haer, dan bersten schier de steenen. 8
Zoo werd een oud geschicht vergetelheyt ontogen, 9
10
En levend' wederom gebootst voor yders oogen, 10
Zoo een uytheemsche daed met onze stof bekleed.
Treur-speler! o ghy had ons iammerlijck verraden, 12
(En doen de tranen van ons bleecke wangen dwaden) 13
Als ghy dien witten hals met een scherp Stael doorsneet.
|
*1615. Afgedrukt volgens de tekst in Iephthahs ende zijn Eenighe Dochters trevr-spel, van Abraham de Koningh, t'Amsterdam, 1615, blad 3 van 't voorwerk.
Vondel heeft dit Sonnet waarschijnlik gedicht toen De Koningh's Iephthah gespeeld is op de Brabantse Kamer 't Wit Lavendel vóór de uitgave.
1Evripides: (481-406 vóór Kristus) de bekende Griekse treurspeldichter, heeft in zijn ‘Iphigenia in Aulis’ uitgebeeld, hoe Iphigenía door haar vader Agamemnon aan Artemis (Diana) werd opgeofferd, om 'n gunstige vaart naar Troje te verkrijgen. Dit treurspel van Euripides was door Erasmus in 't Latijn vertaald.
2Iphigenia: Vondel spreekt hier uit: Iphigénia; toen Iphigenía's bloedig offer door hem op 't toneel werd uitgebeeld ( bebloeden: bebloedde; zie blz. 465 aant. op vs. 25).
5-6't oud voorhenen droef Schouw-Spel: 't oude vroegere treurspel.
7Iephthah: volgens de Hebreeuwse spelling van die naam; weerdste pant: liefste kind.
8stervet al: sterft 't al, sterft alles ( stervet = stervet 't).
9geschicht: geschiedenis, gebeuren (bij 't oorspronkelik werkw. geschien, zoals gezicht bij zien, maar in de betekenis van geschiedenis waarschijnlik door invloed van 't Duits bij Vondel).
10gebootst: uitgebeeld (van bootsen).
12Treur-speler: treurspeldichter; iammerlijck verraden: in diepe jammer (droefheid) gebracht.
13dwaden: afwissen; dwaden 't middeleeuwse dwaen (de oorspr. vorm), verkeerd opgevat als ontstaan uit dwaden.
|
|